De zesdaagse van Rotterdam, Ahoy 1971

Burgemeester en wethouders tijdens de Zesdaagse van januari 1971. Op de fiets links burgemeester W. Thomassen, naast hem wethouder H. v.d. Pols, en daarnaast oud-wethouder R. Langerak. De wielrenner geheel rechts is ir. B. Fokkinga, directeur Dienst Stadsontwikkeling.

De wielersport is sinds eind negentiende eeuw populair in Rotterdam. In die tijd mochten bezitters van een twee- of driewieler niet zomaar de openbare Rotterdamse weg op. Het hoofd van de politie gaf pas een vergunning af als de fietser een cursus bij een rijwielschool had gevolgd. Hoewel de voetbalsport in die periode aan een snelle opmars bezig was, was de wielersport toch populairder.

Tegen het einde van de negentiende eeuw waren de wedstrijdfietsen al een stuk verbeterd. In de verslagen werden ze aangeduid als ‘karretjes’. Op deze wedstrijdfietsen werd ook de bekende THOR-wedstrijden Rotterdam-Utrecht-Rotterdam verreden. De eerste wedstrijd, verreden in 1893, werd gewonnen door de sportman bij uitstek, de niet-Rotterdammer Jaap Eden. Hij werd in de jaren negentig van die eeuw onder meer driemaal wereldkampioen schaatsen en tweemaal wereldkampioen bij het wielrennen. Het fenomeen Jaap Eden was een van de sporters die er voor zorgde dat de sportbeoefening in Nederland aanzien kreeg.

Rotterdam bleef ook in de twintigste eeuw het decor voor wielerwedstrijden. Zo werd op 29 juli 1923 aan de Kralingseweg voor uitverkochte tribunes de Rotterdamse wielerbaan geopend. Het was een mooie houten baan, waar nationale wedstrijden werden gehouden.
De bekendste wielrenners uit die dagen reden er hun wedstrijden. De wielerbaan werd in 1934 alweer gesloopt.

De Zesdaagse van Rotterdam ontstond in 1936. De allereerste wielerzesdaagse werd in november van dat jaar gehouden in de voor dat doel speciaal aangepaste en verwarmde Nenijtohal. Wat nu Ahoy voor de wielerwereld is, was toen – heel bescheiden – de Nenijtohal. In 1937 volgde nog een Zesdaagse, maar wegens een slechte organisatie is het daarna afgelopen. Pas in 1968 en 1969 keerde het wielerfestijn terug in Rotterdam, nu in de Energiehal. Vanaf 1971 werd het beter toegeruste Ahoy’-complex, dat over een wielerbaan beschikt, jaarlijks de plaats waar de wielrenners in koppels hun rondjes rijden. Vele tienduizenden bezoekers wisten hun weg naar het wielerfeest in Ahoy te vinden. De Zesdaagse ontwikkelde zich onder leiding van oud-Zesdaagse legende Peter Post van een honderdvierenveertig uur durende koers tot een zes-avonden-wedstrijd met meer spektakel. In 1988 komt aan de traditie een eind vanwege de steeds hogere kosten. Pas in januari 2005 keerde de Zesdaagse na zeventien jaar afwezigheid weer terug naar Rotterdam. De comeback van de Zesdaagse was te danken aan de inspanningen van de vroegere gangmaker Joop Zijlaard en zijn zoon Michael. Zij vonden dat Leontien Zijlaard-Van Moorsel, na vier olympische gouden medailles, negen wereldtitels en een baanrecord, een groots afscheid verdiende in de stad waar het drietal woonde. Leontien Zijlaard-Van Moorsel kreeg haar spectaculaire afscheid en bovendien bleek na zes avonden de Rotterdamse Zesdaagse een kostendekkend succes te zijn. De jarenlange wielertraditie uit de jaren zeventig en tachtig werd definitief voortgezet.

De fotograaf is Ary Groeneveld en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen