Gezicht in de Proveniersstraat, 1946

De naam van de Proveniersstraat is ontleend aan het nabijgelegen Proveniershuis aan de Schiekade. Oorspronkelijk was dit een Leprooshuis, waarvan het bouwjaar niet bekend is, doch dat reeds in 1438 bestond. Al in 1542 werden in dit huis proveniers of ‘kostkopers’ opgenomen. Het aantal leprozen werd steeds minder, zodat uiteindelijk alleen de proveniers overbleven. In 1806 werden de bejaarden uit het Oudemannenhuis aan de Hoogstraat in het Proveniershuis ondergebracht. Het oude huis aan de Schiekade werd in 1898 vervangen door een nieuw gebouw, het Heilige Geesthuis, aan de Gerard Scholtenstraat. Daarna werd het pand gesloopt.

Een Proveniershuis was een wooncomplex waar bewoners zich voor een eenmalig bedrag inkochten en vervolgens levenslang ‘gratis’ kost en inwoning genoten. De kost bestond meestal uit de meest noodzakelijke levensbehoeften. De bewoners van proveniershuizen heetten proveniers maar werden ook wel kostkopers genoemd. Provenier is een oud-Hollandse benaming voor ‘iemand die van preuves leeft’ waarbij preuves staat voor giften. Naast de inwoning en eenvoudige kost kregen de proveniers soms preuves in de zin van iets meer luxegoederen. Een provenier was meestal een man (de vrouwelijke vorm is “provenierster”) voor vrouwen waren er hofjes. De kostkoper beschikte over één kleine kamer of woonde op een zaal, waarbij hij de beschikking had over een bedstede.

De fotograaf is Gerard Roos en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt uit het Stadsarchief Rotterdam en van Wikipedia.

Met medewerkig van Rotterdam van toen