Category Archives: Delfshaven

Havenvakschool Jan Backx Parkhaven 1967

De net in bedrijf gestelde drijvende havenvakschool Jan Backx in de Parkhaven met op de achtergrond de Euromast, 7 februari 1967.

Bij het overlijden van Jan Backx in 1982 maakte Dr. Stakenburg, de secretaris van de Scheepvaart Vereniging Zuid en medekompaan in de strijd voor een Havenvakschool, diens verdienstenbalans op. Hier het begin van het referaat:

Jan Backx, in 1903 te Amsterdam geboren als zoon van Cornelis Petrus Hendrikus Johannes Backx en Grietje Key, was een schitterende toekomst weggelegd, welke hij waar zou maken.

Zijn vader was stuwadoor en leidde eerst met zwager Jan en later met neef Gerrit Key Thomsen’s Stuwadoorsbedrijf. Grootvader Backx was notaris te Watergraafsmeer en stamde uit een zeer oud Brabants geslacht, in de middeleeuwen riddermatig.

Na het Gymnasium Erasmiamim te Rotterdam te hebben doorlopen, studeerde Backx te Leiden in de Rechten en Economie. Hij promoveerde in 1928 op een nog veel gelezen proefschrift ‘De Rotterdamse Haven’, waarna hij op 3 oktober 1929 in dienst van zijn vaderlijk bedrijf trad. Hij begon er “in de put”, zoals dat heet, en het laad- en loswerk der zeeschepen in al zijn facetten mede. In 1935 werd hij, nadat zijn praktische opleiding was beëindigd, directeur, en van dat ogenblik af zouden Thomsen’s Havenbedrijf, dat hij van 200 tot 2000 personeelsleden uitbouwde, en hij ondeelbare begrippen worden.

Zijn onderneming moest en zou in Rotterdam model worden voor de inrichting van een havenbedrijf!
Dit nagestreefde ideaal, dat gezien de resultaten veel meer was dan een droomwereld, bestempelt na 1935 Backx behalve als hervormer in eigen bedrijf als leider van een gemeenschap. Niet slechts binnen deze in de publieke opinie verachte, want verachterde, bedrijfstak, moest die gemeenschap – waarvoor in 1907 Dr W.A. Engelbrecht en, na hem Paul Nijgh de grondvesten hadden gelegd – worden opgebouwd, maar ook, ja bovenal!, daarbuiten: in de sociaal-culturele vorming van de mens; in zijn vrijetijdsbesteding; in zijn onderwijswetenschappelijke scholing; in zijn musische begeleiding.

Kortom in tientallen facetten van het leven. Het dagelijks bestaan van de geminachte bootwerker, de hoger geklasseerde industrie-arbeider, de modale bankbediende de uitzichtloze kantooremployé zou moeten worden verrijkt. De mens op zijn werk en de mens thuis, in zijn verenigingsleven, met zijn hobby’s, tijdens zijn schooluren of zelfstudie, zouden moeten worden geïntegreerd in één all-round persoonlijkheid!

De fotograaf is Ary Groeneveld en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van http://www.havenvakschool.com/www.HAVENVAKSC…/JAN_BACKX.html 

Met medewerking van Rotterdam van toen

 

Voorhaven 1908

De Voorhaven met de Piet Heynsbrug, 1908-1910.

Voor Delfshaven en Rotterdam in 1886 werden samengevoegd, droeg de Voorhaven de naam Oudehaven. Daar laatstgenoemde naam reeds in Rotterdam voorkwam werd de naam Voorhaven, waaronder de haven ook wel bekend stond, officieel vastgesteld. Eveneens werd in 1886 de naam Voorstraat officieel vastgesteld. Deze naam, die aansluit op de naam Voorhaven, was reeds voor 1886 in gebruik.

Deze brug heet naar vlootvoogd Pieter Pietersz. Heyn, 1577-1629. Hij was van 1623 tot 1626 als vice-admiraal en van 1626 tot 1629 als admiraal in dienst van de West-Indische Compagnie. In 1629 werd hij benoemd tot luitenant-admiraal van Holland en West-Friesland. Het bekendste feit uit zijn loopbaan was de verovering van de Spaanse Zilvervloot in de baai van Matanzas in 1628. Piet Heyn was in Delfshaven geboren in een huis in de Kerkhofsteeg of Kerkstraat (sinds 1870 Piet Heynstraat geheten). In 1870 werd in de Plantage een standbeeld voor hem opgericht. Dit plein heet sinds 1886 Piet Heynsplein. Tegelijkertijd ontving de oude Draaibrug op de grens van de Aelbrechtskolk en de Voorhaven de naam Piet Heynsbrug. De bij de brug gelegen sluis werd Piet Heynsluis genoemd.

De foto komt uit de fotocollectie van het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Keldermakerswerf 1901

Oliemolen Maaszicht of De Hoop op de Keldermakerswerf nummer 25, 1901-1905.

Deze molen werd in 1718 op het erf van een glasblazerij gebouwd door molenmaker Jacob Versluys. In eerste instantie was hij ingericht als runmolen. Later werden Hasseling & Van der Kun de eigenaar. In 1850 blijkt de molen te zijn verbouwd tot korenmolen, want hij wordt in dat jaar als zodanig aangegeven op een kaart. Rond 1875 zou de molen zijn omgebouwd tot oliemolen. Dit bleef hij tot de afbraak. Het was in Delfshaven een stellingmolen met een hoge, steile onderbouw en een vrij taps toelopend achtkant. In 1907 is de molen naar Ouderkerk aan den IJssel verplaatst en kreeg daar de naam Hermina.

De Keldermakerswerf dankte haar naam aan de kistenmakerijen die daar waren gevestigd. Er werden kelderkisten gemaakt. Voor 1886 heette deze straat Molenwerf naar een molen, die daar stond. De straat lag bij de Westzeedijk ten oosten van de 2de IJzerstraat. Bij besluit B&W 6 januari 1922 werd de naam ingetrokken.

De foto komt uit de fotocollectie van het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam en van de mooie site http://www.molendatabase.org/molendb.php…

Met medewerking van Rotterdam van toen

Duyststraat 1972

Gezicht op de Duyststraat met de Duyststraatkerk, 3 mei 1972.

De familie Duyst werd in 1534 beleend met de ambachtsheerlijkheid van Schoonderloo en de daarvoor gelegen buitengorzen.

De Duyststraatkerk raakte buiten gebruik als Gereformeerde kerk in 1987. Sinds 1989 in gebruik als Turkse moskee Merkez. Het orgel (Bakker & Timmenga, 1906) kreeg in 2005 een nieuwe bestemming in de Wilhelminakerk te Dordrecht. Uit Het Nieuws van den Dag, 6 December 1902: De nieuwe Gereformeerde kerk B te Oud-Delfshaven werd gisteravond ingewijd. Ds. P. Datema trad voor een zeer talrijk gehoor als feestredenaar op en sprak naar aanleiding van Math. 4 : 4, laatste gedeelte. Het kerkgebouw bevat 1200 plaatsen.

De foto komt uit de fotocollectie van het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam en van http://reliwiki.nl/…/Rotterdam,_Duyststraat_26_-_Duyststraa…

Met medewerking van Rotterdam van toen

Noordschans 1972

Noordschans gezien vanaf de Mathenesserdijk met molen De Graankorrel en de R.K. Sint Antonius Abtkerk aan de Jan Kruijffstraat, 29 november 1972.

De Noordschans heet naar de meest noordelijke versterking van Delfshaven. Op bevel van het Hof van Holland moest Delfshaven in 1573 ‘sterk worden gemaakt’. Er werden schansen en wallen opgeworpen ter bescherming tegen de vijand.

Deze straatnaam is ontleend aan de ambachtsheerlijkheid Mathenesse die al in 1276 voorkomt. De naam zal een samenvoeging zijn van de woorden made (weide) en nes (aangeslibd land). Als oudste ambachtsheer wordt genoemd Dirk Bokel, wiens kleinzoon zich Dirk van Mathenesse noemde. Het Slot Mathenesse of Huis te Riviere, waarvan nog een ruïne aanwezig is, lag aan de Schiedamse Schie ten noordwesten van Schiedam.

De Graankorrel, Rouketel, Liefdadigheid of Molen van Van Beest is een windmolen in het Rotterdamse Delfshaven. De molen werd gebouwd in 1716, maar in 1921 na een storm onttakeld. In 1868 kreeg de molen de naam de Graankorrel en omstreeks 1846 de naam Liefdadigheid. Oorspronkelijk heette de molen de Rouketel. Het is een stellingmolen en dus een bovenkruier. De molen staat op de Noordschans 1 in Delfshaven. De molen maalde mout tot moutschroot voor de distilleerderijen. De kap van de molen werd gekruid met een buitenkruiwerk.

De foto komt uit de fotocollectie van het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam en van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Taanderstraat 1924

De Taandersstraat vanuit de Rösener Manzstraat, 1924.

De Taandersstraat herinnert aan het tanen van visnetten, onderdeel van het vissersbedrijf, vroeger in Delfshaven veelvuldig uitgeoefend.

Deze straat is vernoemd naar Johan Wilhelm Rösener Mansz, 1824-1894, burgemeester van Delfshaven 1866-1870.

Delfshaven is gesticht naar aanleiding van het privilege van 8 september 1389, waarbij Hertog Aelbrecht van Beieren aan de stad Delft een vrije vaart vergunde van de stad tot in de Maas, met bepaling dat de vaart en het aanliggende land tot op 14 roeden afstand zouden staan onder de jurisdictie van Schout en Schepenen van Delft. Delfshaven is Delfts gebleven tot de val van de Republiek. Op 24 januari 1795 maakte de Haven zich van de stad Delft los. 19 Januari 1803 nam het Departementaal Bestuur van Holland een Besluit, waarbij werd verklaard, dat Delft en Delfshaven één gemeente gingen vormen met een bestuur dat verplicht bestond uit deels inwoners van Delft en deels inwoners van Delfshaven. Eind 1811 werd Delfshaven door toedoen van de Franse overheersing weer een zelfstandige gemeente. In 1886 werd de zelfstandigheid van Delfshaven voorgoed beëindigd door opname van Delfshaven in de gemeente Rotterdam.

De foto is gemaakt door de Fototechnische Dienst Rotterdam en komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Heiman Dullaertplein 1972

Heiman Dullaertplein gezien vanuit de Dirck Hoffstraat, 3 mei 1972. Rechts de 1e IJzerstraat.

Heyman Dullaert (Rotterdam, 6 februari 1636 – aldaar, 6 mei 1684) was een Nederlands schilder en dichter en leerling van Rembrandt. Zijn schilderijen, veelal trompe-l’oeils, zijn te zien onder andere in Nederland in het Kröller-Müllermuseum.

Als dichter is hij vooral bekend door zijn gedichten Aan myne uitbrandende kaerse en Een korenwanner aan de winden, beide te vinden in De Nederlandse poëzie van de 17e en 18e eeuw van Gerrit Komrij.

De Dirck Hoffstraat draagt de naam van de Rotterdamse kunstschilder Dirck Claesz. Hoff, die in 1628 overleed.

De Ijzerstraat is vernoemd naar het product ijzer dat de firma R.S. Stokvis leverde. De 1ste IJzerstraat loopt ten oosten van het voormalige pand van de firma R.S. Stokvis. De industrie van deze firma heeft de naam bepaald. Bij besluit B&W 21 februari 1928 werd het noordelijke gedeelte 1ste IJzerstraat en het zuidelijke gedeelte 2de IJzerstraat genoemd. Het middelste gedeelte werd een onderdeel van het Heiman Dullaertplein.

De foto komt uit de fotocollectie van het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam en van Wikipedia.

Met medewerking van  Rotterdam van toen

Vierhavenstraat 1977

De Vierhavensstraat met de Europointgebouwen, 30 januari 1977. Links de Keileweg.

De Vierhavensstraat loopt ten noordoosten van vier havens: Keilehaven, Lekhaven, IJselhaven en Koushaven.

De Keileweg ligt in de voormalige Keilepolder. De naam Keile had vermoedelijk de betekenis van nauwe doorgang of opening. Deze polder was oorspronkelijk een buitengors, een smalle strook grond die langs de rivier lag. Wanneer de polder is ontstaan valt niet met zekerheid te zeggen. Op de kaart van Schieland van Floris Balthasars en Balthasar Florisz van Berckenrode uit 1611 wordt deze al vermeld.

Aan het Marconiplein staan de Europoint-gebouwen. De Rotterdammers noemen het ook wel De Punt. Het Europoint-complex bestaat het Overbeekhuis uit 1965 en drie kantoortorens van 90 meter hoog uit de periode 1971-1975. In het Europointcomplex was onder meer Gemeentewerken Rotterdam gevestigd en een filiaal van het regionale Zadkine College. De grond was eigendom van Overbeek, een handelsbedrijf. Dat heeft samen met een projectontwikelaar eerst het Overbeekhuis laten bouwen en daarna de andere gebouwen van Europoint. In november 2016 werd bekend dat tenminste een van de twee torens die na de verhuizing van Gemeentewerken leegstaan verbouwd zal worden tot appartementencomplex.

De foto is gemaakt door de afdeling fotografie van het Gemeentearchief Rotterdam en komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam en van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Willem Buytewechstraat 1938

Willem Pieterszoon Buytewech (Rotterdam, 1591/1592 – 23 september 1624) was een Nederlandse kunstschilder, tekenaar en etser. Hij geldt als de “uitvinder” van de Nederlandse genrestukken.

Willem Buytewech was een zoon van de schoenmaker en kaarsenmaker Pieter Jacobszoon. Zijn leertijd bracht hij door in Haarlem, waar hij in 1612 bij het Sint Lucasgilde ingeschreven werd. Kort tevoren, in 1610, was ook Frans Hals gildelid geworden, die met zijn werk duidelijk een sterke invloed op Willem Buytewech had. Talrijke getekende kopieën naar werken van Frans Hals bewijzen dat duidelijk. Na zijn huwelijk op 10 november 1613 met Aeltje van Amerongen keerde Willem Buytewech terug naar Rotterdam. De banden met Haarlem bleven echter bestaan.
Willem Buytewech ligt bij zijn vader begraven in de Grote of Sint-Laurenskerk (Rotterdam). De zerk overleefde het bombardement van 1940, en is in een der kapellen te zien.

Willem Buytewech was primair als graficus werkzaam. Tot zijn thema’s behoorden vooral genrestukken en landschappen, maar ook bijbelse en allegorische voorstellingen. Zijn bekendste en gedateerde werken ontstonden tussen de jaren 1606 en 1621. Vandaag de dag zijn uit zijn oeuvre nog maar acht schilderijen overgebleven, allen genrestukken. Bijzonder bekend is zijn “Vrolijke gezelschap op een tuinterras” (1616/1617). Zijn bijnaam luidde vanwege deze vrolijke schilderijen: “Gheestige Willem”.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Parksluizen 1938

De Parksluizen op 16 juli 1934 met op de achtergrond het Museumpark.

De Parksluizen zijn twee schutsluizen in de scheepvaartroute van de Delfshavense Schie naar de Nieuwe Maas, ze verbinden de Coolhaven met de Parkhaven in Rotterdam. De vaarweg is CEMT-klasse III. De Parksluizen maken deel uit van de hoofdwaterkering van Schieland. De westelijke Grote Parksluis heeft op rails lopende elektrisch gedreven roldeuren. De deurkassen bevinden zich tussen de beide sluiskolken. De oostelijke Kleine Parksluis heeft hefdeuren, die als een kwadrant zijn uitgevoerd en elektrisch via tandwielen worden aangedreven.

De sluiskolk van de Grote Parksluis is 158 m lang, heeft een schutlengte van 125 m en een wijdte van 13,55 m. De drempeldiepte n.zijde is KP -4,25 m en aan de z.zijde NAP -4,65 m. Over het noordelijk sluishoofd ligt de 1e Coolhavenbrug, een basculebrug. Hoogte in gesloten stand KP +3,10 m. Over het zuidelijk hoofd de 1e Parkhavenbrug, een identieke basculebrug. Hoogte in gesloten stand NAP +3,40 m. Bij het schutten blijft steeds één brug voor het wegverkeer beschikbaar, zodat het wegverkeer weinig hinder ondervindt van de sluizen.

De sluiskolk van de Kleine Parksluis is 158 m lang, heeft een schutlengte van 125 m en een wijdte van 5,95 m. De drempeldiepte n.zijde is KP -3,25 m en z.zijde NAP -3,65 m. Over het noordelijk sluishoofd ligt de vaste 2e Coolhavenbrug, doorvaarthoogte KP +3,75 m. Over het zuidelijk hoofd de vaste 2e Parkhavenbrug, doorvaarthoogte NAP +4,25 m.

De binnenvaart maakt gebruik van de Grote Parksluis, de recreatievaart gaat gewoonlijk via de Kleine Parksluis, behalve de pleziervaartuigen met een hoge mast, die via de Grote Parksluis worden geschut. Jaarlijks passeren circa 22.000 schepen de Parksluizen. De bediening is gratis.

De sluizen kunnen via de marifoon worden aangeroepen op VHF-kanaal 22.

Het scheepvaartverkeer tussen de Schie en de Nieuwe Maas liep oorspronkelijk via de Aelbrechtskolk en de Voorhaven in historisch Delfshaven en de Ruigeplaatsluis naar Schiemond. In 1923 werd gestart met de aanleg de Coolhaven en in 1928 werd opdracht gegeven tot de aanleg van de Parksluizen. In 1933 waren de Parksluizen en de nieuwe verbinding voltooid.

Aan de noordzijde van het Parksluizen verbindt de Coolhavenbrug de Willem Buytewechstraat met het Droogleever Fortuynplein, aan de zuidzijde verbindt de Parkhavenbrug de Westzeedijk met het Droogleever Fortuynplein.

De Parksluizen zijn Rijksmonument in wording.

De verkeersweg naast de grote sluis is de Puntegaalstraat. Vanwege het grote voormalige kantoor van ‘s Rijks belastingen dat aan die straat ligt wordt die straat in de wandeling in het Rotterdamse de Plukmekaalstraat genoemd, tegenwoordig is het een appartementencomplex waar ook vele kleine beginnende bedrijven zijn gevestigd. Het wordt beheerd door Stadswonen.

Tram 8 kan de sluis zowel via de 1e Parkhavenbrug als via de 1e Coolhavenbrug passeren. In de praktijk betekent dit dat als de ene brug open staat, de tram via de andere brug zonder oponthoud verder kan.

De foto is gemaakt door de Fototechnische Dienst Rotterdam en komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen