Boergoensevliet 1934

Gezicht op de Boergoensevliet uit het noorden, 1934.

Boergoens is een verbasterde afleiding van Bourgondië. Karel de Stoute (1433-1477) was hertog van Bourgondië en heer van Charlois. Bourgondië is een Franse streek waar goede wijnen worden geproduceerd.

Charlois (spreek uit: sjaarloos) en de Riederwaard (Reijerwaard) behoorden vroeger tot het land van Putten, een geheel onafhankelijk gebied met een eigen regering en een eigen recht. In 1456 ging dit gebied over van de heren van Gaesbeek op de hertog van Bourgondië, die er zijn zoon Karel de Stoute, graaf van Charollois (een graafschap in Bourgondië), mee beleende.

Door de vele hoge vloeden in de 14de en 15de eeuw liep dit gebied regelmatig onder water. Karel de Stoute wilde in 1460 ‘die lande, slijck, uterwairt ende Rietbroek, geheiten Riderwairt’ laten bedijken. Als voorwaarden werden daarbij gesteld dat dit land niet meer Riederwaard, doch Charlois zou heten, en dat er een kerk gesticht zou worden, gewijd aan Sint Clemens. Dit land omvatte de latere polders Karnemelksland, de Hille, Charlois, Robbenoord en Plompert. Door de goede bedijking en de gunstige ligging werd het gebied spoedig bebouwd.

Charlois was zowel een ambachtsheerlijkheid als een grondheerlijkheid. Bij eerstgenoemde berustte de jurisdictie, terwijl aan het bestuur van laatstgenoemde de zorg voor waterstaatszaken was opgedragen. In 1895 is Charlois door Rotterdam geannexeerd. De genoemde wegen komen in het begin van de 17e eeuw reeds officieel voor als Kade, Singel of Kerksingel en Lage Dijk. Het Charloisse Hoofd is het landhoofd dat ter hoogte van het voormalige dorp Charlois in de Nieuwe Maas ligt. Voordien was het Charloissche Hoofd de aanlegsteiger aan de westzijde van de Dokhaven. Aan het Hoofd lag de veerboot van Charlois op Schoonderloo. De Kerksingel loopt in de vorm van een halve maan rondom de Oude Kerk. Tot 1963 lag hier ook nog het Charloisse Spui, een besloten water, dat via een spuileiding in verbinding stond met de Dokhaven.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen