Schiekade 1938

De Schiekade vanaf het Hofplein met rechts het Sint Franciscus Gasthuis en links de Ungerpleinflat, 1938.

Het Sint Franciscus Gasthuis is een katholiek ziekenhuis in het noorden van Rotterdam. Het werd opgericht door de Franciscanen in 1892 om de armen gratis te behandelen. Hubertus Kusters, pastoor van de Leeuwenstraat-parochie, nam het initiatief tot de oprichting. In maart 1891 deed Kusters aan de congregatie van de derde orde van Sint-Franciscus van Assisi te Rotterdam het voorstel om de fondsen van de congregatie te besteden aan de oprichting van een katholiek ziekenhuis waar armen gratis konden worden behandeld. Patiënten dienden minimaal de leeftijd van 12 jaar bereikt te hebben en niet ongeneeslijk ziek te zijn of aan besmettelijke ziekten lijden. Er zouden er gelden ingezet moeten worden voor de verpleging aan huis van zieken van elke gezindte. Dit werd de latere wijkverpleging.

Het Sint-Franciscus Gasthuis werd op 26 mei 1892 geopend. Het was gevestigd op de bovenetages van een distilleerderij aan de Oppert nummer 129. De verpleegsters waren de zusters Augustinessen uit Delft. De benauwde bedompte straat met de lucht van de distilleerderij was nog niet echt een aanbeveling.

Vanwege ruimtegebrek werden regelmatig patiënten afgewezen en het pand werd een half jaar later verruild voor de locatie Schiekade nummer 64. Een belangrijke vernieuwing was de inrichting van een operatiekamer. Door aankoop van de belendende panden kon men een paviljoensziekenhuis bouwen. In 1915 maakte een deel van de oude bebouwing plaats voor een nieuwe voorbouw. De grote in jugendstil uitgevoerde hoofdpoort gaf toegang tot het ziekenhuis. In korte tijd groeide het Gasthuis uit tot het grootste particuliere ziekenhuis van Rotterdam, waar patiënten van alle gezindten terecht konden. Na nog verschillende uitbreidingen en inrichtingen waaronder een kraamafdeling, een polikliniek, een paviljoen voor besmettelijke ziekten, een bloedtransfusiedienst en een röntgenafdeling had het Gasthuis, voor de oorlog al, een bijzonder goede reputatie.

De naam van deze kade is ontleend aan de Rotterdamse Schie, de vaart ten gevolge van een handvest van 9 juni 1340 gegraven van Overschie naar Rotterdam. Ze sloot aan op de reeds bestaande Delftse of Oude Schie, die Delft met Overschie verbond. Ter plaatse van het latere Hofplein kwam de Schie uit in de Kolk welke door de Rotte was gevormd. Vanaf dit punt ging de vaart door de stad onder de naam Delftsevaart. Deze was via een spuisluis verbonden met de Merwede (Nieuwe Maas).

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen