Mathenesserdijk, Delfshavense Schie 1898

Gezicht op de Mathenesserdijk (links) en de Delfshavense Schie (rechts), 1898-1902.

Deze straatnaam is ontleend aan de ambachtsheerlijkheid Mathenesse die al in 1276 voorkomt. De naam zal een samenvoeging zijn van de woorden made (weide) en nes (aangeslibd land). Als oudste ambachtsheer wordt genoemd Dirk Bokel, wiens kleinzoon zich Dirk van Mathenesse noemde. Het Slot Mathenesse of Huis te Riviere, waarvan nog een ruïne aanwezig is, lag aan de Schiedamse Schie ten noordwesten van Schiedam. Binnen de ambachtsheerlijkheid lagen de polder Nieuw- en Oud-Mathenesse. De Mathenesserdijk, vroeger Schiedamsedijk geheten, maakt deel uit van Schielands Hoge Zeedijk. De dijk heette vroeger ook Groenedijk.

In 1389 verleende hertog Aelbrecht van Beieren aan de stad Delft vergunning tot het graven van een vaart naar de Maas. Aan de mond ontstond Delfshaven, de haven van Delft. In oude stukken treft men vaak de naam Delfsche haven aan. De naam wordt, ten onrechte, ook wel eens Delftshaven gespeld volgens de huidige schrijfwijze van de stad Delft. De oude naam van deze stad was Delf. Vandaar de naam Delfshaven. Het dorp heeft van 1795 tot 1803 een zelfstandig bestaan geleid. Daarna werd het weer een deel van Delft. De band met deze stad werd in 1811 definitief verbroken. In 1825 verkreeg Delfshaven de status van stad. De jonge stad werd in 1886 verenigd met Rotterdam. De Delfshavense Schie is de in 1389 gegraven vaart van Overschie naar Delfshaven. Ze draagt deze naam ter onderscheiding van de Schiedamse Schie en de Rotterdamse Schie. De Delfshavenseweg is de kade die in Overschie langs de Delfshavense Schie ligt.

De foto komt uit de collectie Topografie Rotterdam en bevindt zich in het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen