De Nieuwe Oostbrug met de Episcopale kerk aan het Boerengat, 1878

De Nieuwe Oostbrug met de Episcopale kerk aan het Boerengat, 1878-1882.

De Nieuwe Oostbrug is de brug die in de Oostmolenwerf over het Haringvliet ligt. Ze kwam in de plaats voor de gesloopte Nieuwe Oostbrug, die even ten oosten van de huidige brug lag. De eerste brug die hier over het Haringvliet lag, dateerde reeds uit het einde van de 16de eeuw. Op de plattegrond van 1839 wordt ze aangeduid als Nieuwebrug. Bij besluit B&W 15 mei 1959 werd de naam ingetrokken.

Al in de 16e eeuw waren grote aantallen Britten woonachtig in Rotterdam, toen zelfs Klein Londen genoemd, zoals wolhandelaren, militairen en vluchtelingen voor het katholiscisme. In 1699 hebben 17 kooplieden het verzoek om een kerk te mogen bouwen ingediend bij de Vroedschap van Rotterdam. Het verzoek werd ingewilligd en een stuk grond aan het Haringvliet werd in bruikleen gegeven.

De toenmalige priester Dr Thorold heeft in 1706 geld ingezameld voor de bouw van de kerk. Queen Anne en de Hertog van Marlborough (John Churchill) hebben een aanzienlijk bedrag geschonken en als dank daarvoor werd hun wapen in de kerkgevel geplaatst.

St. Mary’s Church is op 22 april 1708 gewijd en heeft vele tegenslagen gehad. In de Napoleontische tijd is het gebouw geconfisqueerd en gebruikt als gevangenis voor Engelse en Russische krijgsgevangenen, later als graanopslag en als laatst door de Russen als stallen en opslag. Het interieur was volledig verwoest maar dankzij giften van de Engelse regering en Koning Willem 1 kon het gebouw weer hersteld worden.

In 1864 werd de toren door de bliksem getroffen en moest verwijderd worden. In 1873 deelde de Britse regering mee dat vanaf dat moment geen enkele financiële steun gegeven kon worden. En dus, door gebrek aan financiën, raakte de kerk verder in verval. In 1878 verscheen de Colonial and Continental Church Society ten tonele en werd eigenaar van het gebouw. Tijdens de gloriejaren van de scheepvaart en handel aan het einde van de 19e eeuw werd door toenemende internationale activiteiten in de havens van Rotterdam een gelegenheid voor de opvang en geestelijke verzorging van buitenlandse zeelui noodzakelijk. St. Mary’s nam deze taak op zich samen met de Schotse kerk, in een gebouw aan de Boompjes. In 1893 nam de Mission to Seamen, een wereldwijde christelijke organisatie deze taak over en zij werkt nog steeds samen met St. Mary’s Church, onze priester verdeelt zijn tijd over beide organisaties.

In het begin van de 20e eeuw bleek de kerk te zeer verzakt om nog veilig te kunnen gebruiken als godshuis, de stukken kalk vielen regelmatig naar beneden. In 1909 dienden St. Mary’s Church en de Mission to Seamen een verzoek in bij het Rotterdamse gemeentebestuur om een stuk grond voor een nieuwe kerk en zeemanshuis. Een stuk grond aan de Pieter de Hoochweg in Delfshaven werd geschonken in ruil voor de grond aan het Haringvliet.

De foto komt uit de collectie topografie Rotterdam en bevindt zich in het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam en van Reliwiki.nl

Met medewerking van Rotterdam van toen