Tag Archives: 1912

Kortekade,1908

De Kortekade bij de Plaszoom ter hoogte van molen De Lelie, 1908-1912.

Dze kade dankt haar naam aan haar lengte. Ze was oorspronkelijk de dijk die ten oosten van de Noordplas (nu Kralingseplas) lag. Aan de westzijde van deze plas lag een dijk die de naam Langekade droeg. Beide kaden komen voor op de kaart van Schieland van de kaartmeester Floris Balthazarsz. (1611).

De Lelie is een 8-kante stellingmolen uit 1740 gelegen aan de Kralingse Plas in Rotterdam, naast molen De Ster. In deze twee windmolens, die gebouwd werden als snuifmolens, worden nog altijd specerijen gemalen.

In 1740 werd de molen in het oude Kralingen gebouwd en heette toen De Ezel. In 1840 werd de molen naar de huidige plaats overgebracht.

De fotograaf is Henri Berssenbrugge en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam en van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Nieuwehaven, 1912

Gezicht op de Nieuwehaven met het Spinolahuisje, 1912. Op de achtergrond de Geldersekade met het Witte Huis.

De Nieuwehaven is de naam van de tot haven gepromoveerde stadsvest uit het begin van de 15de eeuw. In 1412 verleende graaf Willem VI aan Rotterdam vergunning tot een stadsuitbreiding in zuidelijke richting. Er werd een nieuwe stadsvest gegraven, waarvan melding wordt gemaakt in de stadsrekening van 1426/27. Door de uitbreiding van de stad aan de zuid-oostzijde, in het laatste kwartaal van de 16de eeuw, is deze vest als zodanig vervallen. Ze werd tot haven ingericht, terwijl ten zuiden daarvan een nieuwe vest werd gegraven. Daarna sprak men nog wel over de Oude Vest.

De naam Nieuwehaven dankte ze aan de reeds bestaande Oudehaven. Oorspronkelijk liep ze dood tegen de werven van de Admiraliteit, doch ze was door een dwarshaven verbonden met het Haringvliet. In 1689 is de Nieuwehaven doorgegraven en de dwarshaven gedempt. Bij het bombardement in mei 1940 werd de bebouwing langs de haven verwoest. De haven zelf bleef jarenlang in een kale omgeving liggen. In de eerste helft van de jaren zestig van deze eeuw werd ze gedempt. De huidige Nieuwehaven is een straat die even ten zuiden van de vroegere haven van die naam ligt.

Op de punt van de Spaansekade in het verlengde van de Roobrug stond een huisje, waarvan vermoed werd dat de markies hier gelogeerd had. Het werd later het Spinolahuisje genoemd. Een beeld van de markies versierde lange tijd de gevel, op de begane grond is lange tijd Bakkerij Spinola gevestigd geweest. Achter dit huis is later het Hotel Weimar gebouwd.

De fotograaf is Henri Berssenbrugge en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam en van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Mauritsweg 1912

Gezicht op een dokterskoetsje aan de Mauritsweg, 1912.

Maurits van Oranje (Dillenburg, 14 november 1567 – Den Haag, 23 april 1625), prins van Oranje en graaf van Nassau was stadhouder en legeraanvoerder van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. Tot hij in 1618 de titel prins van Oranje erfde van zijn halfbroer Filips Willem, werd hij Maurits van Nassau genoemd.

Maurits bracht zijn jeugd deels door op slot Dillenburg waar zijn oom Jan van Nassau hem opvoedde. Zijn vader Willem van Oranje kon dat niet op zich nemen omdat hij destijds in de Nederlanden was om de Opstand tegen Spanje te leiden. Na opleidingen in Heidelberg en Leiden werd Maurits op zijn achttiende verjaardag stadhouder van Holland en Zeeland. Hij bracht twee jaar door in het Staatse leger voordat hij het opperbevel kreeg. Maurits werd in 1590 stadhouder over de provincies Gelderland, Overijssel en Utrecht.

Als kapitein-generaal voerde hij het leger aan tegen Spanje. Gedurende de Tien Jaren van 1588 tot 1598 behaalde hij onder het politieke leiderschap van de landsadvocaat Johan van Oldenbarnevelt vele overwinningen. Het was een keerpunt in de oorlog en de Spanjaarden werden uit het noorden en oosten van de Republiek verdreven. Op militair gebied was dit succes mede te danken aan de hervormingen die Maurits samen met de Friese stadhouder Willem Lodewijk in het leger doorvoerde.

De goede samenwerking met Oldenbarnevelt kreeg een deuk toen Maurits tijdens een expeditie op een Spaans leger stuitte: de Slag bij Nieuwpoort. Tijdens het Twaalfjarig Bestand brak er een religieus conflict uit in de Republiek en koos Maurits de kant van de orthodoxe calvinisten (Gomaristen), waarmee hij recht tegenover Oldenbarnevelt kwam te staan, met uiteindelijk een machtsovername en de onthoofding van de landsadvocaat tot gevolg. De jaren erna ging het land zowel op bestuurlijk als op militair gebied achteruit. Op 23 april 1625 stierf Maurits in Den Haag.

De fotograaf is Henri Berssenbrugge en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Korte Lijnstraat 1912

Gezicht in de Korte Lijnstraat, 1912.

Deze straat dankte haar naam aan de lijnbanen of touwslagerijen die hier sinds het midden van de 15de eeuw voorkwamen. De Lange Lijnstraat liep van de Goudsesingel naar de Bredestraat, de Korte Lijnstraat in het verlengde daarvan vanaf laatstgenoemde straat naar de Hoogstraat. Oorspronkelijk was de naam Lijnstraat, de scheiding in ‘korte’ en ‘lange’ is van later datum. Bij besluit B. 30 juni 1942 werden de namen ingetrokken.

Deze naam herinnert aan de Bredestraat, welke vóór het bombardement van 1940 in deze buurt voorkwam. Van 1595 tot 1598 werden allerlei huizen aangekocht om de Prinsenstraat te verbreden en te verlengen tot de Oostwagenstraat (Goudsewagenstraat). De straat, die tot het bombardement bekend stond als Prinsenstraat, heeft echter nooit verder gelegen dan de Lange Baanstraat. De Bredestraat, die van de Lange Baanstraat naar de Goudsewagenstraat liep, heette in het begin ook Nieuwe, Brede of Oost-Prinsenstraat, terwijl de Prinsenstraat eertijds Oude of West-Prinsenstraat genaamd werd.

De fotograaf is Henri Berssenbrugge en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Oostpoort 1912

De Oostpoort voor 1912.

De Oostpoort in Rotterdam was een stadspoort die gelegen was ter hoogte van het huidige Oostplein.

Van de oudste Oostpoort is geen precies bouwjaar bekend. Waarschijnlijk is deze rond 1358 gebouwd. In 1563 is de Oostpoort door een grote brand getroffen. De Oostpoort werd toen hersteld. Op 9 april 1572 trok de Spaanse stadhouder Bossu via de Oostpoort de stad binnen en richtte er een bloedbad aan. Een tiental Rotterdammers vonden de dood waaronder Burgemeester Roos en Zwart Jan. In 1574 stortte de Oostpoort in.

In 1613 werd een nieuwe Oostpoort gebouwd die in 1836 werd gesloopt. De restanten van de poort werden in 1912 afgebroken.

De gevelsteen uit de poort van 1613 die herinnert aan de inval van Bossu is bewaard gebleven en ingemetseld in het filiaal van de Amsterdamse bank (nu ABN-AMRO) aan het Oostplein. Hier ligt ook het metrostation Oostplein.

Op 7 april arriveerde een koninklijk garnizoen in Rotterdam dat een nederlaag had geleden in de buurt van Voorne tegen de Geuzen. Via Rotterdam hoopten ze naar Delfshaven te komen om daar de Geuzen te kunnen grijpen. De katholieke inwoners van Rotterdam hadden de troepen van de Spaanse koning al erkend als hun heersers, maar de merendeels hervormde bevolking had dat niet. Daarbij kwam nog dat 8 april een feestdag was en de Rotterdammers niet van zins waren de “Spanjaarden” binnen de stad te laten. Bij het invallen van de nacht op 8 april wilde het koninklijke garnizoen de Oostpoort forceren, maar de bevolking hield stand, pas bij het ochtendgloren rees er verdeeldheid onder de bevolking en door middel van onderhandelingen tussen Hubert Duifhuis, abt van de Sint-Laurenskerk en gouverneur Bossu, werd er besloten dat de Spanjaarden in kleine aantallen naar binnen konden. Vrijwel direct stormde het Spaanse leger op de poort af en er vielen doden en gewonden onder de Rotterdamse burgers.

Eenmaal binnen de stadsmuren werden er nog eens veertig Rotterdammers omgebracht, hierbij bevond zich ook de toenmalige burgemeester Jan Jacobsz Roos. Het wordt voor mogelijk gehouden dat de Geuzenleider Lumey uit wraak de Martelaren van Gorkum heeft omgebracht als tegenactie later dat jaar. Uit woede en frustratie besmeurden en schieten de koninklijke troepen het beeld van Erasmus kapot (het was toen nog van hout), uiteindelijk belandde het beeld in het vuur. De Spanjaarden onder Bossu weten zich meester te maken van Delfshaven en bereiden zich een maand voor om ook Den Briel weer in te nemen, echter dreigt Lodewijk van Nassau Rotterdam in te nemen en het “Spaanse” garnizoen verlaat op 24 mei 1572 de stad en trekt zich zuidwaarts terug.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam en van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

 

Krattensteeg 1912

De Krattensteeg gezien vanaf het Spuiwater

Tijd:1912-1916

De Krattenbrug moet er in de 15de eeuw al gelegen hebben, evenals een straat die Krattensteeg heette. In 1468 wordt namelijk gesproken van een straat ‘die men kattensteeg 1912coemt uten beghinenstraet over de bruchghe’. Op 9 december 1542 kocht Arie Cornelisz. Crat een huis en erve in de Westbagijnenstraat over de Vaart, aan beide zijden en aan de achterzijde belend door hemzelf. De wielmaker Dirck Jansz. Crat kocht 21 maart 1566 de helft van een steeg, die in 1565 reeds als Krattensteeg bekend was. Zijn huis heette ‘de vergulde cratte’, waarmee het losse achterschot van een wagen kan zijn bedoeld. De steeg kwam ook als Dirck Crattensteeg voor. In het midden van de 17de eeuw is deze ook bekend onder de naam May Baxsteeg naar de vrouw, die in 1634 eigenares van het hoekhuis was. De steeg liep van de Westewagenstraat naar de Delftsevaart in het verlengde van de Leeuwenstraat. De Krattenbrug heette oorspronkelijk Bagijnenbrug. Bij besluit B&W 15 december 1953 werd de naam ingetrokken.

Het Spui liep van de Hoogstraat naar de Sint Laurensstraat. Het Spuiwater liep in het verlengde van het Spui van de Sint Laurensstraat naar de Bagijnenstraat. Beide zijn genoemd naar de Spuisluis bij de Vlasmarkt. Spuiwater en Delftsevaart werden vroeger in zijn geheel Spuivaart genoemd. Ook de Rotterdamse Schie kwam een enkele maal onder deze naam voor. Het Spuiwater heette vroeger ook wel Korte Spuivaart of Kortevaart in tegenstelling tot de Delftsevaart, die men met de naam Langevaart aanduidde. De kade langs het Spuiwater kwam ook onder de naam Spuisteeg voor. Bij besluit B. 30 juni 1942 werden de namen Spui en Spuiwater ingetrokken. Een gedeelte van de Vlasmarkt heeft tussen 1942 en 1953 nog de naam Spui gevoerd.

De fotograaf is E. Miedema en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt ook uit het Stadsarchief Rotterdam.