Tag Archives: 1941

Noodwinkels aan de Mathenesserlaan, 1941

Deze laan draagt de naam van de ambachtsheerlijkheid Mathenesse die al in 1276 voorkomt. De naam zal een samenvoeging zijn van de woorden made (weide) en nes (aangeslibd land). Als oudste ambachtsheer wordt genoemd Dirk Bokel, wiens kleinzoon zich Dirk van Mathenesse noemde. Het Slot Mathenesse of Huis te Riviere, waarvan nog een ruïne aanwezig is, lag aan de Schiedamse Schie ten noordwesten van Schiedam. Binnen de ambachtsheerlijkheid lagen de polder Nieuw- en Oud-Mathenesse. De Mathenesserdijk, vroeger Schiedamsedijk geheten, maakt deel uit van Schielands Hoge Zeedijk. De dijk heette vroeger ook Groenedijk. De Mathenesserbrug ligt over de Delfshavense Schie en verbindt het Mathenesserplein en de Mathenesserlaan met de Mathenesserweg. De eerste brug van die naam werd in 1923 in gebruik genomen. In 1983 is ze vervangen door de huidige brug.

De foto komt uit de collectie topografie en bevindt zich in het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Bergse dorpstraat 1941

De Bergse Dorpsstraat in de richting van de Grindweg, 1941. Rechts de openbare school met 2 torens. Geheel op de achtergrond de hoek met de Kerkstraat.

De Bergse Dorpsstraat ligt op het grondgebied van de voormalige gemeente Hillegersberg, ook wel Den Berg genaamd. Zij is de voornaamste straat in de kom van het voormalige dorp. Voor de annexatie heette deze alleen Dorpsstraat. De Bergse Linker en Rechter Rotte kaden liggen aan weerszijden van de rivier de Rotte. Na de annexatie van Hillegersberg door Rotterdam werd de benaming ‘Bergse’ toegevoegd. De beide Bergse Plassen zijn overblijfselen van de uitgestrekte Veenplassen die in dit gebied lagen.

De Grindweg is vernoemd naar de constructie van het wegdek. De straat heette oorspronkelijk Bergweg.

Hillegersberg is vernoemd naar Hildegard van Vlaanderen, echtgenote van graaf Dirk II van Holland en West-Friesland. Deze graaf was in de tiende eeuw eigenaar van Bergan, dat in oud-Hollands versterkte plaats of gehucht betekent.
De oude dorpskern rond de Hillegondakerk is nog goed herkenbaar. Het dorp ontstond op een heuvel, ook donk of morre genoemd. Het is een zandrug in het veengebied, ontstaan uit verstoven zand van drooggevallen rivierbeddingen. De rivierduinen zijn gevormd in de late ijstijd. Vuursteenvondsten duiden op een pre-historische bewoning.Er zijn ook Romeins aardewerk en penningen gevonden, evenals een borstbeeld van keizer Hadrianus.

Volgens de legende van Hillegersberg is de zandberg ontstaan doordat de reuzin Hillegonda zand uit haar schort zou hebben verloren. Op de zandheuvel bouwde zij haar huis en zo ontstond Hillegersberg, de berg van Hillegonda. De reuzin Hillegonda met gescheurd schort siert het Wapen van Hillegersberg.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam en van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Coolsingel 1941

Noodwinkels aan de Coolsingel met op de achtergrond het Erasmushuis (HBU-gebouw) aan het Bulgersteyn en warenhuis de Bijenkorf aan de Schiedamsesingel, 1941. Links het dak van het Schielandshuis/Historisch Museum.

Het ambacht Cool komt al voor omstreeks 1280. In 1596 kocht de stad de ambachtsheerlijkheid Cool, Blommersdijk en Beukelsdijk van Jonkheer Jacob van Almonde. Bij Koninklijk Besluit van 20 september 1809 werd het ambacht Beukelsdijk, Oost- en West-Blommersdijk, genaamd Cool, tot een zelfstandige gemeente verheven. In 1811 werd Cool door Rotterdam geannexeerd.

Naast het ambacht had men ook nog de polder Cool. Deze lag tussen de Rotterdamse en Delfshavense Schie. Deze werd in 1925 opgeheven. Een gedeelte van het grondgebied van Cool was reeds in 1358 bij de stad getrokken na de vergunning van hertog Aelbrecht van Beieren om grachten om de stad te graven en het stadsgebied te vergroten met het Rodezand in het ambacht Cool. De Coolvest scheidde voortaan stad en ambacht.

In 1480 is er al sprake van de singel tegenover de vest achter Bulgersteyn, later Coolsingel genoemd. De singel is in verband met de aanleg van een brede verkeersweg in de jaren 1913-1922 geheel gedempt. De naam Coolvest is daardoor verdwenen. De Coolsestraat, vroeger Coolweg geheten, liep vóór de vereniging van Delfshaven met Rotterdam juist op de grens tussen beide gemeenten. Ze ligt, evenals de Coolsedwarsstraat, in het oude ambacht Cool of West-Blommersdijk. De Klein-Coolstraat ligt in de voormalige Klein-Coolpolder. De Coolhaven en -straat liggen eveneens in de vroegere Coolpolder. Voor de Coolhaven werd op 27 februari 1923 de eerste spade in de grond gestoken. De beide bruggen liggen over het binnenhoofd van de Parksluizen. Aan het ambacht of de polder Cool herinnerden vroeger ook nog de Coolhoek, de Coolskade en de Coolsche weg of Coolsche Binnenweg. Cool is nu een woonwijk, gelegen tussen Coolsingel en Schiedamsesingel enerzijds en Mauritsweg en Eendrachtsweg anderzijds.

De foto komt uit de fotocollectie van het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Nooddorpen in Rotterdam 1941-1945

Noodwoningen van het Brabants Dorp, 1941-1942.

Het Brabants dorp was een in 1941 gebouwd complex noodwoningen bij het Zuidplein. In de jaren 1965/66 is dit complex afgebroken. De straten in het ‘dorp’ waren genoemd naar steden en dorpen in de provincie Noord-Brabant. Vernoemd waren Achtmaal, Boxmeer, Breugel, Deurne, Enschot, Geldrop, Gemert, Klundert, Mierlo, Nieuwkuijk, Nispen, Oisterwijk, Raamsdonk, Schijndel, Sprundel, Tilburg, Uitwijk, Vlierden, Vlijmen, Waspik en Woensdrecht.

Het begrip nooddorp is in Rotterdam gebruikt als aanduiding voor wijken met noodwoningen die gebouwd zijn in de Tweede Wereldoorlog.

Bij het bombardement op Rotterdam van 14 mei 1940 verloren 80.000 Rotterdammers hun woning. Om deze mensen te huisvesten werd in opdracht van de gemeente Rotterdam een aantal wijken met noodwoningen gebouwd:

Het Drentse dorp was een complex van 189 houten woningen bij het Noorderkanaal. Deze woningen zijn al in de Hongerwinter voor een groot deel in Rotterdamse kachels verdwenen.
Het Utrechtse dorp met 119 stenen woningen, eveneens bij het Noorderkanaal. Na ruimen van het puin in Rotterdam was de beschikbaarheid van stenen geen probleem.
Het Gelderse dorp met 159 stenen woningen, eveneens bij het Noorderkanaal.
Het Brabantse dorp met 525 stenen woningen in de buurt van het Zuidplein.
Laag Zestienhoven of Landzicht met 200 woningen in Overschie
Smeetsland met 515 woningen in IJsselmonde

Soms wordt ook de wijk Wielewaal in Charlois als nooddorp aangeduid. Deze wijk verrees echter pas 9 jaar na het bombardement en behoort tot de periode van de wederopbouw.

Het totaal aantal gebouwde noodwoningen stond in geen verhouding tot het aantal verdwenen woningen (24.000 bij het bombardement in 1940 en ruim 2600 woningen bij het bombardement op Rotterdam-West in 1943). Tot ver in de jaren zestig was er in Rotterdam nog een grote woningnood.

De fotograaf is Johannes Bob van Rhijn en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam en van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen