Tag Archives: 1972

Straatweg, 1972

Café-restaurant Lommerrijk aan de Straatweg 99, winter 1972-1973 (geschat).

Adriana Romein start in 1880 in de achtertuin van haar man een theetuin met kinderspeelplaats. Ze noemt het Plaats Lommerrijk, vanwege de schaduwrijke omgeving onder de kastanjebomen. Gezinnen genieten in haar tuin van het weidse uitzicht over de Bergse Plas. Ze serveert hen melk, limonade, bier en sneetjes boerenbrood met zoetemelksche kaas.

Al snel wordt Lommerrijk een café waar jolige Rotterdammers dansen en drinken. Op feestavonden in de tuin zingen bezoekers een loflied: ‘Komt, jool’ge schaar, vooruit nu maar, we gaan naar Vrouw Romein.’

Vrouwe Romein verkoopt in 1894 haar geliefde Lommerrijk aan de gebroeders Stal. Deze twee broers bouwen een grote zaal voor dansfeesten, congressen, vergaderingen en sportevenementen. Lommerrijk blijft groeien en uitbreiden.

Dan breekt de oorlog uit. Lommerrijk biedt in 1940 onderdak aan gezinnen die zijn getroffen door het bombardement. Ook is Lommerrijk het onderkomen van het Rotterdams Philharmonisch Orkest. In de tuin aan de plas geven de orkestleden geregeld een concert.

Na de oorlog in 1968 komt Lommerrijk in handen van Sporthuis Centrum, het huidige Center Parcs. Een ongewisse periode breekt aan voor Lommerrijk. Wel weekendhuisjes, geen weekendhuisjes? Met als dieptepunt de brand. In 1976 brandt Lommerrijk af en een jaar later brandt ook het koetshuis af.

Lommerrijk lijkt verdwenen, maar in 1978 herrijst Lommerrijk uit haar as. Er komt een restaurant, vier zalen en twaalf bowlingbanen. Het huidige Lommerrijk zoals we het gebouw nu kennen.

De fotograaf is Ary Groeneveld en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van de site lommerrijk.nl https://www.lommerrijk.nl/…/over-lommerri…/onze-geschiedenis

Met medewerking  van Rotterdam van toen

Bergse Dorpsstraat hoek Argonautenweg, 1972

De bouw van een nieuwe autosalon voor Toyotadealer Spiering aan de Bergse Dorpsstraat 150 en de hoek Argonautenweg in Hillegersberg, 1972.

Een van de bekendste verhalen uit de Griekse mythologie is dat van Jason en de Argonauten.

Jason was de zoon van koning Aeson die regeerde over Iolkos. Jason was troonopvolger, echter zette Pelias, de halfbroer van de koning, deze af nog voor Jason geboren was. De moeder van Jason deed alsof hij bij zijn geboorte was gestorven en bracht hem in het geheim naar de centaur Chiron. Daar werd hij opgevoed door diens vrouw Chariclo en diens moeder Philyra. Chiron zelf leerde hem veel over medicijnen.

Alhoewel Pelias niets van Jason wist, kon hij niet rustig slapen, doordat een orakel hem had gewaarschuwd dat hij vermoord zou worden door een familielid en dat hij zichzelf moest beschermen tegen een man met één sandaal.

Na 20 jaar verscheen er op de markt van Iolkos een knappe jongeman met gouden krullen. Hij droeg een huid van een luipaard en had één sandaal aan, de andere had hij verloren bij het dragen van een oude vrouw over een rivier. Deze vrouw was in werkelijkheid Hera. Hierdoor wist Pelias dat dit de man was waarvoor hij gewaarschuwd was.

Toen Pelias de vreemdeling met de ene sandaal zag, werd hij bang. Dit moest de man zijn waar het orakel hem voor had gewaarschuwd. Jason verbleef vijf dagen in het huis van zijn vader, op de zesde dag ging hij naar Pelias om zijn troon op te eisen. Koning Pelias vroeg de vreemdeling zijn naam en waarom hij naar zijn koninkrijk was gekomen. Deze vertelde wie hij was en dat hij de troon kwam opeisen, omdat hij de rechtmatige koning van het land was.

Koning Pelias antwoordde, dat hij afstand zou doen als Jason het Gulden Vlies terug zou halen van het koninkrijk Colchis. Het hangt aan een boom, bewaakt door een draak die nooit slaapt. Alleen een sterk en moedig man kon het Vlies terugbrengen.

Het Gulden Vlies was van de goddelijke ram die Phrixus van Orchomenus een generatie daarvoor naar Colchis had gebracht.

Pelias was zeker dat niemand deze gevaarlijke reis zou overleven. Jason aanvaardde de opdracht die hij als een avontuur en een uitdaging zag.

Jason vroeg aan Argos, een groot scheepsbouwer, hem een schip te maken met 50 roeispanen. Daarna stuurde hij afgezanten naar elk paleis in Griekenland, die vrijwilligers moesten vragen. Het schip werd Argo genoemd. Ter bescherming werd de boeg gemaakt uit een stuk van de Sprekende Eik van Dodona, en bezield door Pallas Athena.

De fotograaf is Ary Groeneveld en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking Rotterdam van toen

Voormalige fabriek van Jamin aan de Warande, 1972

Trefcentrum Rotterdam in de voormalige fabriek van Jamin aan de Warande, 8 maart 1972.

Uit het NRC Handelsblad van 2 oktober 1971:
Trefcentrum in Jaminfabriek deze maand klaar
ROTTERDAM, 2 okt. — Het trefcentrum in de oude Jaminfabriek in Rotterdam zal eind oktober in gebruik worden genomen. De grote fabriekshal wordt op het ogenblik verbouwd. Er komen een verplaatsbaar podium met tribunes, keuken, kantoor, toiletten en ruimten voor allerlei activiteiten. Gedacht wordt aan politiek café, kinderopvangplaats, sprekershoek, kunstatelier, sociëteiten o.a. voor minder validen, expositiegalerij, toneel, zaalsporten en hobbyhoek. De voorgevel van het gebouw zal door leerlingen van de Kunstacademie met een „kleurenspectrum” worden verfraaid.

De Warande herinnert aan de Lange en Korte Warande, die voor het bombardement in mei 1940 in deze buurt lagen. Velen trachten de naam te verklaren, door de tuin van het Predikheerenklooster tot deze straten te laten doorlopen en de ‘lange warande’ tot een van de wandelingen daarin te maken. Nog daargelaten dat deze tuin dan wel aanspraak had mogen maken op de naam van park en er geen enkel bewijs is dat de Dominicanen voor ontspanning zoveel grond gebruikt hebben, is ten overvloede bewezen, dat de laan oorspronkelijk een gedeelte van de Oude Vest was en pas in het begin van de 18de eeuw onder de naam Lange Warande voorkomt. Pas in de 17de eeuw wordt ze Jan van Loonslaan genoemd, naar de eigenaar die in het begin van die eeuw zowel grond ten oosten als ten westen van de Goudseweg in eigendom had. In 1627 had Nicolaes Puyck daar bezittingen. Dientengevolge wordt de weg in 1704 genoemd ‘de laan eertijds bij den heer Nicolaes Puyck uitgegeven ende nu de Lange Warande genaemt’. Ook wordt ze in de 17de en 18de eeuw wel Oost- of Pannekoeklaan genoemd. Een van de uitspanningen aldaar was zeker bekend om haar lekkere pannekoeken. In het midden van de 17de eeuw had Salomon Symonsz. de Waran of Warande hier grondbezit en het ligt voor de hand hem voor de naamgever van de straat te houden.

De foto komt uit de collectie Topografie Rotterdam en bevindt zich in het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt uit het NRC (via delpher.nl) en uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Binnenwegplein 1972

Het Binnenwegplein met Ter Meulen en op de achtergrond de Oude Binnenweg, 1972-1978.

In 1897 begon Hein ter Meulen met een manufacturenwinkel op de Nieuwe Markt in Rotterdam. In 1903 vestigde hij zich op de gedempte Slaak, en in 1912 verhuisde de winkel naar een pand in de Hoogstraat. In 1921 werd een groot eigen warenhuis geopend op de Hoogstraat bij het Oostplein. Bij het bombardement van Rotterdam in 1940 ging dit warenhuis verloren. Ter Meulen vestigde zich tijdelijk aan de Mathenesserlaan waar noodwinkels werden opgezet.

Na de Tweede Wereldoorlog werd tijdens de wederopbouw vanaf 1948 begonnen aan een modern warenhuis aan het Binnenwegplein in Rotterdam en enkele jaren later werd postorderverkoop opgezet. In de jaren tachtig breidde Ter Meulen uit en kwamen er filialen in Spijkenisse (begin 1984),[Dordrecht (1984), Almere (1987), Zoetermeer (1990) en Rotterdam Oosterhof (1992).

Ondanks de uitbreidingen ging het in de jaren tachtig slechter. In 1988 werd Ter Meulen gekocht door investeerder Wolters Schaberg. Na een reorganisatie ging de formule in januari 1993 failliet, onder meer door te hoge huurlasten. De filialen in Rotterdam Oosterhof, Zoetermeer en Almere werden overgenomen door Vroom en Dreesmann.

Het verlengde van de Oude Binnenweg tussen Coolsingel en Karel Doormanstraat heet sinds 1971 Binnenwegplein. Al in 1454 liep door de Coolpolder een binnenweg van Rotterdam naar Schoonderloo met een afslag naar Delfshaven. Deze heette Coolsche weg of Binnenweg; het laatste gedeelte komt voor als Schoonderloosche of Delfshavensche weg of Binnenweg, maar heet na 1610 gewoonlijk Geldelooze pad. Hier vandaan liep een uitpad over een vonder of passerel naar de Ossewei en daarover naar het Lage Erf. De bebouwing aan de Binnenweg bij Rotterdam had in de 17de eeuw de tegenwoordige Mauritsstraat bereikt; in 1706 werd dit gedeelte bestraat en met bomen beplant. Pas het graven van de Westersingel bracht hierin verandering. Ten westen daarvan op Delfshavens grondgebied kwamen toen ook straten en sinds 1852 bestaan er plannen om de Binnenweg te verbeteren en een betere verkeersweg te maken tussen Rotterdam en Delfshaven.

De fotograaf is Lex de Herder en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam en van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Van Oldenbarneveltstraat 1972

De Van Oldenbarneveltstraat met verderop het Beursgebouw aan de Coolsingel, 1972-1978.

Johan van Oldenbarnevelt (Amersfoort, 14 september 1547 – Den Haag, 13 mei 1619), zoon van Gerrit van Oldenbarnevelt en Deliana van Weede, was raadpensionaris van de Staten-Generaal tijdens de Tachtigjarige Oorlog. Hij werkte lange tijd samen met Maurits van Oranje (de zoon van Willem van Oranje), maar werd het slachtoffer van een door Maurits beheerst politiek proces en daaropvolgende executie.

In 1570 werd Van Oldenbarnevelt advocaat bij het Hof van Holland. In 1572 sloot hij zich aan bij Willem van Oranje in Delft. Hij verhuisde naar Delft en werd advocaat voor het hoogheemraadschap van Delfland. Echt gevochten in de opstand heeft hij niet. Alleen bij het ontzet van Haarlem (1573) zou hij hebben deelgenomen aan een burgermilitie. Hij werd benoemd tot commissaris voor het doorsteken van de dijken in Zuid-Holland om Leiden te ontzetten. Hij trouwde in 1575 met de rijke Delftse (buitenechtelijke) regentendochter Maria van Utrecht, enig erfgename van vijf heerlijkheden. Een jaar later werd hij Pensionaris van Rotterdam, in die tijd een snel groeiende, maar nog kleine stad. Daar viel hij op vanwege zijn werklust en intelligentie. Als pensionaris van Rotterdam nam hij in de Staten van Holland en West-Friesland deel aan verschillende onderhandelingen. In 1579 werd hij gekozen in de commissies van financiën en marine van de Staten. Nadat Van Oldenbarnevelt in 1582 de vertrouwenspersoon van Willem van Oranje was geworden, en de Staten-Generaal met de prins naar Delft waren verhuisd, groeide de macht van Van Oldenbarnevelt.

De laagbouw van het huidige Beurs-complex is ontworpen door architect J.F. Staal en werd gerealiseerd tussen 1936 en 1940. Bij het bombardement op Rotterdam van 14 mei 1940 kreeg het Beursgebouw een aantal treffers, maar deze schade kon vrij snel worden hersteld. In 1941 werd de Beurs aan de Coolsingel heropend. Dit gebouw met talrijke functies bevatte niet alleen vele handelsbeurzen maar ook winkels, vergaderzalen, een bar en kantoren.

In 1973 werd de laagbouw van een extra verdieping voorzien. Architect van deze uitbreiding is Arthur Staal, de zoon van J.F. Staal. Tevens is er een horecagelegenheid gevestigd die de naam “Staal” draagt. Er komen dagelijks veel zakenmensen die hun lunch nuttigen in het restaurant op de tweede etage, of zomers op het terras beneden aan de Coolsingel en Beursplein. Op de derde etage bevindt zich nog zaal Staal, de voormalige vergaderruimte van de Kamer van Koophandel. Deze wordt tegenwoordig gebruikt voor bruiloften, congressen, feesten etc.

De fotograaf is Lex de Herder en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Oasebar, schilderstraat 1972

De langspeelplaat Bij Arie Valkhoff in de Oase wordt uitgereikt in de Oase Bar aan de Schilderstraat, 30 mei 1972.

Uit het Vrije Volk van 31 mei 1972 (Van een onzer verslaggevers).

ROTTERDAM —In zijn Oasebar aan de Schilderstraat heeft ,de Rotterdamse accordeonist, zanger en tekstschrijver Arie Valkhoff gistermiddag zijn derde langspeelplaat ten doop gehouden. ‘Bij Arie Valkhoff in de Oase’luidt de simpele titel van de op het Ojee-Treffer-label uitgebrachte zwarte schijf.

De verschijning van zijn nieuwste café-elpee met ruim dertig vlotte meezingers wordt door de Oase-eigenaar dan ook een “weinig wereldschokkende gebeurtenis” genoemd. ‘Het is “gewoon een plaat” voor speciale gelegenheden, voor gezellige mensen om gezellig te zijn’, aldus Arie Valkhoff.

De opvolger van ‘n Avondje in de Oase, de gezelligste plaat van het jaar (Aries eerste) en De vrolijke Oase (Aries tweede elpee) werd met behulp van een dertig koppen tellend meezingpubliek opgenomen in de Budelse studio’s van platenmiljonair Johnny Hoes.

Vandaar dat diens dochter Jacomine (ze doet iedereen de groeten van pa) met een niet onaanzienlijke hoeveelheid Limburgse vlaaien ter opluistering van de feestvreugde aanwezig was. Niet alleen om commerciële redenen, zo verklapte zij, maar voornamelijk vanwege “het sexy snoetje van Arie”. Hetgeen niet geheel ten onrechte gezegd kan warden, want, zo verklaarde’ Valkhoff zelf: er staan hier en daar wel een paar pikante liedjes op. Maar verder staan er op Aries derde langspeler, van zijn eerste twee werden er ruim 20.000 verkocht, heel wat ouderwetse foxtrots, oldtimers en zelfs een Amsterdamse klassieker ‘De Parel van de Jordaan’.

Aan de totstandkoming van de derde Oase-plaat werkten mee: gitarist Denny Dukers, pianist Charles van Rees, basgitarist Bram Schilperoort, accordeonist Jean Kraft, drummer Huub Jansen, de zingende barman Henk Valkhoff (een neef van Arie), idem Wim Knorr, idem Jan van Dijk, de zingende garderobejuffrouw Lenny Andersen, de zingende buurvrouw Janny Lamers, Nelly Wills en de vocalgroup de Saté Snackers, Mary Valkhoff en haar Oasekoor en uiteraard Arie Valkhoff. himself.. Prijs van deze nieuwste Ojee-elpee: tien gulden.

De fotograaf is Ary Groeneveld en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt uit het Vrije Volk van 31 mei 1972.

Met mederweking van Rotterdam van toen

Bioscoop Colosseum Beijerlandselaan, 1972

De Beijerlandselaan met links de buurtbioscoop Colosseum, mei 1972 (geschat).

Informatie van de mooie site defilmkijker.com:
Nadat Carel van Zwanenburg (1875-1930) rond 1926 zijn Luxor-theater aan de Kruiskade verkocht had maakte hij plannen om een bioscoop in Rotterdam-Zuid te openen. Hij gaf opdracht aan de architecten Ten Bosch en Le Grand voor een ontwerp van een complex met woningen, winkels, het theater en een café. Toen de kosten daarvan te hoog waren, werd het aangepast door P.Dick. Vanwege de ovale vorm die het theater zou krijgen werd door de dochter van van Zwanenburg de naam Colosseum verzonnen. Op 19 december 1929 opende Colosseum de deuren aan de Beijerlandselaan.

De zaal had 1034 zitplaatsen (bruin voor de goedkopere stoelen, groen voor de duurdere) en een groot toneel van 9 meter.

Toen in 1930 van Zwanenburg overleed, nam zijn vrouw de exploitatie over en in 1933 besloot ze het te verkopen aan de heer C. van Willigen, die enkele verbouwingen liet uitvoeren. Zo werd er neonverlichting aan de buitenkant van het gebouw bevestigd.

Naast bioscoopfilms (meestal twee op een avond) was er in de beginjaren ook regelmatig variété voorstellingen (tot 1935). Tijdens de oorlog was ook deze bioscoop verplicht diverse Duitse films te draaien. In 1942 werd er een cinema-orgel geplaatst.

Na de oorlog trokken de bezoekersaantallen weer aan. In 1946 waren dat er meer dan een miljoen. De bioscoop werkte samen met onder andere Cineac en Victoria en hield de laatste ontwikkelingen bij. Zo liet de bioscoop in 1953 voor het eerst een 3D-film zien, House of Wax.

De groeiende populariteit van de televisie betekende echter dat er minder bezoekers waren. In 1967 werd de exploitatie door het Cineac-concern voor tien jaar overgenomen. Alhoewel er de eerste jaren nog goede films werden vertoond, begon de kwaliteit langzaam slechter te worden en werden er steeds meer karate- en seksfilms getoond. In maart 1977 viel uiteindelijk het doek voor deze bioscoop. De laatste film was “Op de Chinese vuist”. Daarna werd het theater voornamelijk gebruikt door diverse bijeenkomsten.

Bronnen:
“Fantasie, illusie en betovering, herinneringen aan Rotterdamse bioscopen” van Herman Romer
“Over stalles, Rotterdam en het witte doek en parket” van Henk Berg
Gemeentearchief Rotterdam
“Colosseum – de geschiedenis van een bioscoop in Rotterdam-Zuid” van Stichting Wijkmuseum Hillesluis (1985)

De Beijerlandselaan is vernoemd naar het dorp Oud-Beijerland in de Hoeksche Waard.

De fotograaf is Ary Groeneveld en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam en van http://www.defilmkijker.com/…/de-verdwenen-bioscopen-van-r…/

Met medewerking van Rotterdam van toen

Kermis Heliport terrein 1972

Kermis ter gelegenheid van Koninginnedag op het Heliportterrein gelegen tussen Hofdijk, Katshoek, Pompenburg en Vriendenlaan, 1 mei 1972.

Van 1953 tot 1965 beschikte Rotterdam over een ‘helihaven’ in het centrum van de stad. De landingsplaats van deze heliport lag bij het Hofplein. In dat jaar had Rotterdam namelijk nog steeds geen echt vliegveld. De stad had toestemming van het rijk gekregen om een landingsplaats voor helikopters in gebruik te nemen. Met de landing van twee helikopters van de Belgische luchtvaartmaatschappij Sabena werd de helikopterdienst Rotterdam-Antwerpen-Brussel in 1953 geopend. Een passagiersdienst volgde op 1 september 1953.

De Hofdijk herinnert aan de ridderhofstad Weena, die noordoostelijk van het huidige Hofplein was gelegen. De Hofdijk komt al in 1397 in bronnen voor. Het slot wordt reeds in 1306 vermeld. De oorspronkelijke Hofdijk stamde uit de 13de eeuw en strekte zich langs de Rotte uit tot het Zwaanshals en de Oudedijk. Het Hofplein ontstond in de eerste helft van de 19de eeuw nadat de Kolk of Gracht tussen de Delftse Poort en de Hofpoort was gedempt. Van 1853 tot 1875 was het plein als veemarkt ingericht. De oudste naam is Hofpoortplein naar de Hofpoort die daar stond en in 1833 is afgebroken. In 1908 werd aan het plein het station van de Zuid-Hollandsche Electrische Spoorweg-Maatschappij, de lijn Rotterdam-Scheveningen, geopend. Bij besluit B&W 13 september 1949 ontving het verkeersplein op het kruispunt Coolsingel, Weena, Schiekade, Pompenburg de naam Hofplein. Zie ook Weena.

De straatnaam Katshoek is ontleend aan herberg De Kat, in 1584 het eerste huis aan de Rotte op de hoek van de ‘Catshoek’. De straatnaam herinnert aan de gelijknamige straat, die vóór het bombardement in mei 1940 in deze buurt lag.

De fotograaf is Ary Groeneveld en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Bentheimplein 1972

Het Hofpleintheater gevestigd in scholencomplex Technikon, februari 1972 (geschat).

Hofplein Rotterdam (tot 2010 Jeugdtheater Hofplein) is een Rotterdamse theaterinstelling voor kinderen, jongeren en volwassenen. In 1985 werd het als Jeugdtheater Hofplein opgericht door acteur, schrijver, regisseur en artistiek leider Louis Lemaire. In 2015 bestaat het jeugdtheater 30 jaar.

Jeugdtheaterschool Hofplein telt inmiddels ruim 4000 leerlingen in de leeftijd van 6 tot 26 jaar. De leerlingen krijgen les in spel, dans en zang. Hofplein Rotterdam heeft naast zijn hoofdlocatie in Rotterdam ook locaties in diverse plaatsen in en buiten de regio, en een Brede School activiteit in Capelle aan den IJssel. Op deze scholen volgen de leerlingen hetzelfde lesprogramma als in Rotterdam. De Theaterschool is ondergebracht in het oude conservatorium te Rotterdam, aan de Pieter de Hoochweg. Op de schoollocatie bevinden zich drie kleine theaterzalen: Theater 222, Shakespearezaal en De Verdieping. Op de locatie aan de Benthemstraat bevindt zich de grootste theaterzaal met 500 plaatsen: het Hofpleintheater.

Het Hofpleintheater is ondergebracht in het Technicon-complex aan de Benthemstraat in Rotterdam en heeft in de voorgevel een door Karel Appel vervaardigd raam van gekleurd glas in beton. In dit theater worden jaarlijks drie grote producties opgevoerd. Succesvolle producties uit het verleden zijn onder andere De club van lelijke kinderen, De snoepwinkel van Zevensloten en het recentere De winterkoningin.

Per seizoen maakt het theatergezelschap tien tot twaalf producties. In een productie spelen vaak een of meerdere professionele acteurs mee, maar de hoofdrollen worden altijd gespeeld door leerlingen. De producties zijn vaak bewerkingen op een klassiek jeugdboek, een opera of een moderne versie van een bekend sprookje. Acteurs die ooit bij Hofplein Rotterdam begonnen zijn onder andere Noortje Herlaar, Gaite Jansen, Guido Spek, Anne-Marie Jung, Joey van der Velden en Jeroen Spitzenberger.

In november 2010 vierde Hofplein Rotterdam haar 25-jarig jubileum met een 25 uur durende marathonvoorstelling. Meer dan vierduizend spelers van 6 tot 26 jaar hebben meegedaan aan deze theaterproductie. Tijdens de jubileummarathon speelden, dansten en zongen leerlingen 25 uur. Ieder uur bracht een nieuwe spelerscast een deel of compilatie van een voorstelling. Behalve de wisseling van ‘voorstelling’, wisselden ook de bezoekers in de zaal.

De fotograaf is Ary Groeneveld en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Bloemfonteinstraat 1972

Betogers met spandoeken tegen de Vietnamoorlog lopen in de Bloemfonteinstraat ter hoogte van de Cronjéstraat, 11 november 1972.

Bloemfontein was de hoofdstad van Oranje-Vrijstaat in de Republiek Zuid-Afrika.

Pieter Arnoldus Cronjé (4 oktober 1836 – 4 februari 1911) was een Zuid-Afrikaans generaal tijdens de Eerste- en Tweede Boerenoorlog

Cronjé werd geboren in de Kaapkolonie. Hij trok samen met zijn ouders tijdens de Grote Trek naar Transvaal. Hij woonde in de buurt van Potchefstroom. Op twaalfjarige leeftijd was hij reeds aanwezig bij de Slag van Boomplaats.

Cronjé speelde een belangrijke rol in de aanleiding van de oorlog, toen hij tijdens een openbare veiling de in beslag genomen ossewa van veldkornet Piet Bezuidenhout heroverde op de Britse belastingambtenaars. In de door de boeren zo genoemde Eerste Vryheidsoorlog verwierf hij reputatie met de belegering van een Brits garnizoen bij Potchefstroom. In deze dagen had hij een kenmerkend voorkomen door zijn lange zwarte baard. Op 2 januari 1896 voorkwam zijn leger een staatsgreep tijdens de Jameson Raid, waarin hij werd geroemd vanwege zijn dappere gedrag.

Gedurende de Tweede Boerenoorlog was Cronjé meestal aanwezig op het westelijke front. Hij was de leider tijdens de belegering van Kimberley en Mafikeng. Bij Mafikeng belegerde hij een legermacht van 6.000 Britse militairen onder bevel van kolonel Robert Baden-Powell. Bij de Slag van Magersfontein in december 1899 sloeg hij een aanval van het Britse leger succesvol af, waarmee de Britse opmars naar het noorden voor twee maanden werd gestuit. In februari 1900 werd hij gevangen tijdens de Slag van Paardeberg, waar hij zich met 4000 strijders na een hardnekkige strijd moest overgeven. Als krijgsgevangene werd hij naar Sint Helena gestuurd waar hij tot het einde van de oorlog, in 1902 verbleef. Met de overgave van Cronjé bij Paardeberg viel bijna een kwart van het Boerenleger in Britse handen. Dit was een van de doorslaggevende factoren in deze oorlog.

De fotograaf is Ary Groeneveld en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen