Tag Archives: centrum

Westzeedijk, 1930

De Westzeedijk vanuit het westen, bij de Scheepstimmermanslaan, 1930.

De ligging van deze dijk ten westen van de oude stad verklaart de naam. De dijk zal rond het midden van de 13de eeuw zijn aangelegd. Tot 1927 liep de Westzeedijk ter hoogte van het oude kerkhof van Schoonderloo met een bocht naar de Havenstraat. Dit gedeelte ontving daarna de namen Kapelstraat, Pieter de Hoochstraat en Heiman Dullaertplein. De Westzeedijk werd ten zuiden van deze straten in westelijke richting doorgetrokken tot aan het Hudsonplein over het trac van de oude Ruigeplaatweg. De dijk schijnt vroeger ook de naam Groenedijk gedragen te hebben.

Deze laan heet naar de scheepstimmerwerven tussen Boompjes en de Scheepmakershaven, die in 1703 verplaatst werden naar de Zalmhaven. De laan liep daar langs. De laan was oorspronkelijk een dwarsdijk, lopende van Schielands Hoge Zeedijk (Westzeedijk) naar de Maas. Sinds het laatst van de 17de eeuw stond ze bekend als de Keerberglaan naar Daniel van Keerberge, die daar toen bezittingen had. Omdat ze op de Maas uitliep heette ze ook wel 1ste Maaslaan. Verder kwam ze als Pontelaan voor omdat ze naar het Ponteveer leidde. Op 3 december 1708 besloot de vroedschap de dijk te bestraten.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Pannekoekstraat, 1955

Benzinestation aan de Pannekoekstraat met rechts de doorgang naar de Mariniersweg, 1955-1962.

De ‘Panckoekstrate’ komt al voor in de stadsrekening van 1426/27. De herkomst van de naam is niet achterhaald. Aan het verhaal van een van onze stadsbeschrijvers, dat in deze straat een pannekoekbakker woonde, die bij feestelijke gelegenheden de omwonenden van dit gebak voorzag, moet niet veel waarde worden gehecht. Door het aanleggen van de Nieuwemarkt in 1660 kwam een gedeelte van de straat te vervallen. Het middenstuk werd de oostzijde van het plein; de uiteinden werden resp. Lange en Korte Pannekoekstraat genoemd. Het gedeelte ten noorden van de Nieuwemarkt en ten oosten van de Boterhal of het Boterhuis heeft kort n 1662 de naam Halstraat ontvangen. De gehele Pannekoekstraat ging bij het bombardement in mei 1940 verloren. Bij bovengenoemd besluit werden de namen Korte en Lange Pannekoekstraat ingetrokken. De huidige Pannekoekstraat ligt ongeveer op dezelfde plaats als de vroegere straat, zij het dat het noordelijke gedeelte met een bocht naar links loopt.

De Mariniersweg herinnert aan het heldhaftig optreden van de mariniers in de meidagen van 1940. De Mariniersweg heette van 1942 tot 1947 Admiraal de Ruyterweg. Laatstgenoemde naam werd op 10 april 1947 gegeven aan de verkeersweg, die van het Pompenburg naar de Vondelweg loopt.

De foto is gemaakt door de Fototechnische Dienst Rotterdam en komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van  toen

Eendrachtsweg, 1900

Een paardentram op de Eendrachtsweg in de richting van het Willemsplein, 1900.

Waarschijnlijk dankt deze weg zijn naam aan een nabijgelegen herberg of blekerij ‘De Eendracht’. De Eendrachtsstraat heette vóór 1871 Eendrachtslaan. Ze werd omstreeks 1600 aangelegd. In 1667 komt ze voor onder de naam Nieuwe Eendrachtslaan. De laan komt ook voor onder de naam Stuivers- of Stuivertjeslaan, vermoedelijk naar een blekerij of herberg met de naam ‘de Stuiver’ of ‘het Stuivertje’. De Eendrachtsweg werd in de jaren zestig van de 19de eeuw aangelegd langs de Westersingel, een onderdeel van het waterproject van architect Rose. Het Eendrachtsplein vormde vóór 1961 een onderdeel van de Eendrachtsweg en de Westersingel.

De Willemskade werd in 1847 aangelegd op slikken in het zogenaamde Tweede Nieuwewerk. De erven aldaar werden in 1848 uitgegeven. Kade en plein heetten oorspronkelijk, volgens besluit B&W 3 mei 1850, Westerkade en Westerplein. Naar aanleiding van het bezoek van Koning Willem III op 28 juli 1851, werden de namen gewijzigd.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam

Met medewerking van Rotterdam van toen

Hoek van de Boompjes en de Rederijstraat, 1916

Gezicht op de hoek van de Boompjes en de Rederijstraat, 10 april 1916.

Deze straat dankt zijn naam aan de dubbele rij lindenbomen die in 1615 werd geplant. In mei 1613 werden 117 erven langs de muur en de wallen tussen de Leuvehaven en de Oudehaven door de stad voor scheepswerven uitgegeven. Het eerste huis werd daar in 1614 gebouwd en in het daaropvolgende jaar werd een dubbele rij lindebomen geplant. Toen er huizen werden gebouwd is de noordelijkste rij bomen gerooid. In 1619 is de kade bestraat. Het oostelijk gedeelte van de Boompjes werd vroeger Koperroodkade genoemd naar de lading van de schepen die hier aanlegden. Ter gelegenheid van de geboorte van de zoon van Keizer Napoleon in 1811 werd de Boompjes verdoopt in Quai Napoléon of Napoleons Kaay. Deze naam is maar korte tijd van kracht geweest. De Boompjes vormen thans een onderdeel van de Maasboulevard. De lage laad- en loskade langs het water ontving de naam Boompjeskade.

De Rederijstraat werd aangelegd op het emplacement van de vroegere Nederlandsche Stoomboot-Reederij, die jarenlang het verkeer tussen Rotterdam en Mannheim-Ludwigshafen onderhield. Na de Tweede Wereldoorlog werd de oude Rederijbrug vervangen door een nieuwe brug, die even ten oosten van de oude kwam te liggen. Ook de huidige Rederijstraat ligt even ten oosten van de oude straat van die naam. Van 1900 tot 1950 lag ten zuiden van de Scheepmakershaven ter hoogte van bovengenoemde brug de Rederijkade. De Rederijhaven vormt een onderdeel van het zogeheten Leuvehavenbekken.

De fotograaf is Antonie Schaller en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Halvemaanstraat, 1920

Deze straat heet naar alle waarschijnlijkheid naar een rosmolen in de Westewagenstraat die ‘De Halve Maan’ moet hebben geheten. De straat liep vóór het bombardement in mei 1940 van de Bulgersteynstraat (voormalige Zandstraat), naar de Delftsevaart. In 1599 werd het Stadstimmerhuis, dat in 1564 op een terrein van het Sint Agathaklooster aan de Westewagenstraat was gebouwd, verplaatst naar het Haringvliet. Op het vrijgekomen terrein werden de Halvemaan- of Raamslootstraat en de Peperstraat aangelegd. In 1605 kwam in dezelfde straat even ten noorden van de Trouwsteeg een huis onder die naam voor. De naam Raamslootstraat dankte ze aan vroeger daar gelegen lakenramen. Halvemaanstraat en Peperstraat komen op de plattegronden van 1623 en 1625 onder de naam Boogaertstraat voor. Misschien moet bij de naam gedacht worden aan een vroegere boomgaard op het kloosterterrein of aan de familienaam Boogaert, die veel voorkwam. Bij besluit B. 30 juni 1942 werd de naam ingetrokken.

De fotograaf is Antonie Schaller en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Het Stokvisverlaat met de Delftse Poort, 1939

De naam van dit water is ontleend aan herberg ‘het Stockvischje’, die in de 17de en 18de eeuw herhaaldelijk wordt genoemd en in de Oppert bij de Hofpoort stond. Voor het bombardement in mei 1940 lagen het Stokviswater en de Stokvisbrug een stuk noordelijker ter hoogte van de Galerij. Bij bovengenoemd besluit werd de naam Stokviswater gegeven aan het kanaal dat Rotte en Delftsevaart verbindt. De brug over dit kanaal ten noorden van de huidige Oppert ontving de naam Stokvisbrug. Deze brug is de oude Teilingerbrug,die van 1915 tot 1940 ter hoogte van de Teilingerstraat over de thans gedempte Rotterdamse Schie lag.

De Delftsche Poort in Rotterdam was een stadspoort waarvan de laatste in 1764 werd gebouwd naar een ontwerp van architect Pieter de Swart. Het was reeds de derde poort op die plaats: de voorgaande twee waren wegens bouwvalligheid gesloopt. De eerste poort werd in de Middeleeuwen gebouwd en kreeg de naam de Noorderpoort en had een voorpoort. De tweede St. Joris- of Delftsche Poort werd in 1545 gebouwd.

In de jaren 30 van de 20e eeuw stond de poort in de weg: Rotterdam wilde een betere doorstroming van het toenemende verkeer. Men besloot de poort zo’n honderd meter te verplaatsen (afbreken stuitte op te veel weerstand). In 1939 begon men met de verplaatsing van het geheel. De onderbouw was in 1940 gereed, tijdens het bombardement werden zowel dit gedeelte als de opgeslagen beeldhouwwerken beschadigd. Een jaar later werd besloten dat “naar het inzicht van de meerderheid van de geraadpleegde deskundigen de poort niet meer afgebouwd kon worden en moest zij geheel verdwijnen”. Enkele sierwerken werden gered en opgenomen in de muren van de gebouwen op de hoek van het Stadhuisplein.

Vijftig jaar later werd er op nagenoeg de oorspronkelijke plaats van de Delftsche poort aan het Pompenburg een reconstructie in staal opgericht, ontworpen door de kunstenaar Cor Kraat. Rond de poort zijn enkele restanten opgesteld van de gebeeldhouwde ornamenten die de oorspronkelijke poort sierden.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam en van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Couwenburgseiland, 1900

Een sluisje met hoge brug vormt de verbinding van de binnenstad (rechts) met het zogenaamde Couwenburgseiland, 1900. Het Couwenburgseiland was een driehoekig gebied, begrensd door de stadsvest, de Rotte en de Karnemelkshaven. Op de achtergrond de kerk aan het Boschje.

In 1541 verkochten de bestuurders van de Sint-Sebastiaanskapel een stuk land, geheten Couwenburch. Het werd ten oosten begrensd door de Botersloot (later Karnemelkshaven), ten westen en noorden door de Rotte en ten zuiden door de stadsvest, dus aan alle zijden door water omringd. In de jaren 1643 en 1644 werd dit eiland door Cornelis Eeuwoutsz. Cirre in erven uitgegeven. Later staat het bekend als ‘eiland Vishoeck’ of ‘het Hoeckgeseiland’, misschien naar een houtkoperij van die naam, die daar van ca. 1690 tot 1850 was gevestigd. Het huidige Couwenburg vormt een onderdeel van het vroegere Hofplein.

De naam van de Karnemelkshaven herinnert aan de zuivelproducten van de dorpen aan de Rotte die vroeger via deze haven naar de stad werden vervoerd. Zij herinnert bovendien aan het water en de brug die vroeger in deze buurt lagen. De Karnemelkshaven was oorspronkelijk de verbinding tussen de Rotte en de stadsvest (Goudsesingel). De oude naam was Buitenbotersloot of Dwarsrottekade. De haven is in 1861 gedempt. De Karnemelksbrug lag over de Rotte in het verlengde van de gedempte haven. De huidige brug van die naam ligt in de Goudsesingel over het Stokviswater. De huidige Karnemelkshaven is een watertje dat ligt tussen het huizencomplex bij Hofdijk en Admiraal de Ruyterweg en dat in de Rotte stroomt.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

De Bijenkorf in aanbouw, 1929-1930

De Bijenkorf in Rotterdam van 1930 was een warenhuisgebouw van de Bijenkorf ontworpen door de architect Willem Dudok. Het stond aan Schiedamse Vest, de zuidkant van het toenmalige Van Hogendorpsplein (ten westen van het Schielandshuis), op de plek van het huidige Churchillplein.

Tijdens het bombardement van 14 mei 1940 werd het gebouw grotendeels verwoest. Het deel dat behouden was gebleven (ongeveer een derde) deed tot de opening van het huidige gebouw van de Bijenkorf in 1956 nog dienst als warenhuis, hierna nog drie jaar als opslagruimte. In 1960 werd het op last van de gemeente – feitelijk net dertig – jaar oud – gesloopt in verband met de aanleg van de Westblaak en de Rotterdamse metro naar Rotterdam-Zuid.

De grondwerkzaamheden begonnen in 1929 en de eerste paal werd geslagen op 13 juni van dat jaar. De opening op 16 oktober 1930 was een gebeurtenis waar 70.000 mensen op afkwamen. De Bijenkorf van Dudok was voor de oorlog het eerste gebouw in Rotterdam dat de beschikking had over roltrappen en een elektrische vloermat voor het automatisch vegen van den schoenzolen.

De fotograaf is Andor von Barsy en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Botersloot, 1910

Gezicht op viering van het Koninginnefeest aan de Botersloot, op de achtergrond het stadhuis, 31 augustus 1910-1912.

Koningsdag (sinds 2014), eerder Prinsessedag (1885-1890) en Koninginnedag (1891-2013), is een nationale feestdag in het Koninkrijk der Nederlanden ter ere van het staatshoofd. In alle delen van het Koninkrijk geldt dit voor de meeste werknemers als vrije dag en wordt het gevierd met verschillende festiviteiten, waaronder de vrijmarkten en het dragen van oranje kleding. Traditioneel brengt de vorst op deze dag ook een ceremonieel bezoek aan een of meer gemeenten van het land. 2013 was het laatste jaar waarin de feestdag op 30 april gevierd werd als Koninginnedag. Sinds 2014 heet de dag Koningsdag en wordt hij gevierd op 27 april, de verjaardag van koning Willem-Alexander.

In de 19e eeuw was ‘Waterloodag’, 18 juni, jarenlang de nationale feestdag. Tegen het einde van de eeuw vervaagde de herinnering aan de veldslag en het feest ging min of meer onopgemerkt voorbij.

Nog voor de ‘echte Koninginnedag’ werd op 31 augustus 1885 de eerste ‘Prinsessedag’ georganiseerd, de vijfde verjaardag van de toen jonge prinses Wilhelmina. Het initiatief hiertoe werd genomen door de hoofdredacteur van een lokale krant met als doel de nationale eenheid te benadrukken. Deze eerste editie vond plaats in de stad Utrecht. De initiatiefnemer was J.W.R. Gerlach van het Utrechtsch Provinciaal en Stedelijk Dagblad. De belangrijkste activiteit bij de eerste Prinsessedag vond plaats in het Utrechtse Oranjepark in Wijk C. (Minstens) een jaar eerder waren in de stad Utrecht al activiteiten rond de verjaardag van prinses Wilhelmina, maar die gingen nog niet onder de noemer Prinsessedag. In de jaren erna namen andere plaatsen dit over. Na de dood van koning Willem III in november 1890, werd Prinsessedag in 1891 opgevolgd door de viering van ‘Koninginnedag’. Deze dag ontwikkelde zich tot een feestdag voor kinderen. Op haar achttiende verjaardag, 31 augustus 1898, werd Wilhelmina regerend vorstin. De inhuldiging vond op 6 september plaats. Tot en met 1948, toen koningin Wilhelmina troonsafstand deed, werd Koninginnedag op 31 augustus gevierd.

De fotograaf is Henri Berssenbrugge en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Schiedamsesingel, 1946

De Schiedamsesingel met de Waalse Kerk en daarachter het oogziekenhuis, 1946. Gezien vanaf de Baan.

De Schiedamsesingel tussen Binnenweg en Witte de Withstraat werd rond 1900 gedempt. Tot 1930 heette dit gedeelte Schiedamsevest. Daarna sprak men van Schiedamsesingel.De demping van het resterende gedeelte volgde in 1940. In 1949 werd de naam Schiedamse Vest gegeven aan de Schiedamsesingel tussen Binnenweg en Witte de Withstraat alsmede aan de in het verlengde aangelegde weg in zuidelijke richting. Het gedeelte tussen Binnenweg en Westblaak is thans een deel van de Coolsingel.

De Waalse Kerk met aangrenzende kosterswoning in Rotterdam is gelegen in het Centrum aan de Schiedamse Vest en is een rijksmonument, de kerk en de kosterswoning zijn in 1923-1925 gebouwd in een traditionalistische stijl, enigszins in de trant van Kropholler, naar ontwerp van J. Verheul Dzn. en J. van Wijngaarden.

De kerk vervangt de oude zeventiende-eeuwse Waalse kerk aan het noordwest-einde van de Hoogstraat, waaruit het vrijwel originele Bätz-Witte orgel uit omstreeks 1865 is overgenomen. De nieuwe Waalse kerk was oorspronkelijk gesitueerd aan een restant van de oorspronkelijke westelijke stadsvest, die tijdens de Tweede Wereldoorlog werd gedempt. Het interieur is voorzien van smeedijzeren/bronzen lichtarmaturen, plafondlampen, gezangborden en elektrische kachels naar ontwerp van W.H. Gispen.

De fotograaf is Gerard Roos en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam en van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen