Category Archives: Feijenoord

Stadion Feijenoord met de Breeweg en het Stadionviaduct, 1950

Luchtopname van Stadion Feijenoord met de Breeweg en het Stadionviaduct, 1950-1955. Op de achtergrond de Machinefabriek P. Smit Jr. en de Nieuwe Maas, op de voorgrond spoorwegemplacement Rotterdam-Zuid.

Al decennialang is Feyenoord de ‘bewoner’ van De Kuip. Het stadion is ontworpen door architect Van der Vlugt. Grote man achter dit idee was Leen van Zandvliet. De voorzitter van Feyenoord in de jaren 30 riep op een dag uit “Ik heb het, ik heb het!” Hij was wakker geworden uit een droom; hij schreef het idee snel op een kladblok. De vorm van het stadion, met een ‘loshangende’ tweede ring zodat niets het uitzicht van de toeschouwers zou belemmeren, zou zijn droom tot hem zijn gekomen. Enkele maanden later werd architect Van der Vlugt uitgenodigd voor een gesprek. Een stadion met twee verdiepingen moest gerealiseerd worden. De kern van het gesprek was ‘eenvoud’, verfraaiingen kwamen er niet aan te pas.

In 1934 maakte Van Zandvliet enkele trips naar het buitenland om op zoek te gaan naar andere, soortgelijke stadions. Het Highbury van Arsenal FC maakte indruk op hem. Dat had namelijk ook sinds 1932 twee verdiepingen, hetzelfde idee als Van Zandvliet dus. Van Zandvliet vond dat de enorme toestroom van publiek tijdens wedstrijden van Feyenoord de bouw van een modern voetbalstadion met plaats voor tienduizenden toeschouwers rechtvaardigde. Hij ondernam tevens een studiereis naar Amerika en bezocht het stadion van de Boston Red Sox wat hem inspireerde om deze nieuwe inzichten van faciliteiten gecombineerd met meerdere lagen waarvanuit elk gezichtspunt de wedstrijd toch goed te zien zou zijn te verwezenlijken. Voor de financiering steunde hij op havenbaron Daniël George van Beuningen.

Eind 1934 werd er contact gezocht met Braat-constructiewerkplaatsen. Die wilde de taak op zich nemen en ging aan de slag. Een voetbalwedstrijd duurt twee keer drie kwartier. Tussendoor moet men spanning kwijt en wat kunnen eten. Zo zijn er dus zowel onder als boven toiletten tussen de stalen spanten gebouwd. Tevens moest er plaats zijn voor een vergaderruimte, een werkvloer, kleedlokalen, een hokje voor de officials en er is een politiebureau en ook nog een brandweerkazerne en het bevat ook nog eens 4 woningen. De trappen aan de buitenzijde van het stadion konden tevens als tribune dienen voor het trainingsveld. Van Zandvliet had haast; zo gauw er een bouwtekening klaar was, gaf hij direct de opdracht om te beginnen met de bouw van het stadion.

De eerste paal werd geslagen door Puck van Heel op 16 september 1935. Daarna werden er nog 578 heipalen 21 meter diep de grond ingeslagen. De bouw van het stadion werd in 1936 afgerond, maar doordat de door de gemeente beloofde infrastructuur rondom het stadion nog niet was aangelegd, stond het stadion er maandenlang onbruikbaar bij en vond de opening pas in maart 1937 plaats. Stadion Feijenoord had een capaciteit van 65.000, met onder meer veel staanplaatsen. Bij de kampioenswedstrijd van SVV tegen Sc Heerenveen in 1949, zou een recordaantal van 69.300 toeschouwers aanwezig zijn geweest. Na enkele verbouwingen is de capaciteit teruggebracht tot 51.117 toeschouwers.

De foto is gemaakt door KLM Aerocarto en komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Het terrein van brouwerij d’Oranjeboom aan de Oranjeboomstraat, 1934

Luchtopname van het terrein van brouwerij d’Oranjeboom aan de Oranjeboomstraat, 1934.

De geschiedenis van de brouwerij gaat terug tot 1671. Met het samenvoegen van de Brouwerij De Dissel, die lag aan de Coolvest, vlak bij de Delftse Poort en de Brouwerij D’Orangienboom, die het jaar ervoor was opgericht in Rotterdam, wordt De Dissel in 1682 omgedoopt naar d’Orangienboom. Er volgde een groot aantal wisselingen van eigenaren in de jaren daarna.

Bij de verkoop in 1742 was de naam den Oranjeboom. Deze Rotterdamse brouwerij werd pas Bredaas toen in 1968 de brouwerij Drie Hoefijzers uit Breda samenging met Oranjeboom. De Drie Hoefijzers werd opgericht in 1538 als Den Boom. In 1628 werd de brouwerij hernoemd naar De Drie Hoefijzers, een vernoeming naar de tegenover gelegen smidse De Drij Hoefijssers. In 1885 werd de nieuwe brouwerij d’Oranjeboom in Rotterdam in gebruik genomen aan de Oranjeboomstraat. De BV van de in 1968 samengevoegde brouwerij kreeg de naam Oranjeboom Bierbrouwerij B.V. en viel onder de Nederlandse tak van het Britse Allied Breweries onder de naam Verenigde Bierbrouwerijen Breda-Rotterdam B.V.

In 1973 werd de naam gewijzigd in Skol Brouwerijen N.V. en verdween het merk Oranjeboom om plaats te maken voor Skol, maar toen dit merk geen succes bleek te zijn werd begin jaren 80 van de twintigste eeuw de naam Oranjeboom hersteld. De brouwerij in Rotterdam werd gesloten in 1990, de productie vond vanaf toen alleen nog in Breda plaats. Op 5 april 1993 werd naam van de Verenigde Bierbrouwerijen Breda-Rotterdam B.V. veranderd in de Oranjeboom Bierbrouwerij B.V. Op 6 februari 1995 nam het Belgische concern Interbrew de B.V. over van Allied Domecq. Op 29 mei 2004 werd de brouwerij van Oranjeboom in Breda gesloten. In 2007 werd het merk in een managementbuy-out meeverkocht aan United Dutch Breweries BV. Met uitzondering van de Benelux zijn zij nu eigenaar van het merk Oranjeboom.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

De Martelaren-van-Gorcumkerk (Stieltjeskerk),1886

De Koningshaven met de spoorbrug, de Koninginnebrug en de Stieltjeskerk, 1886-1897 (geschat).

De Martelaren-van-Gorcumkerk, beter bekend als de Stieltjeskerk, was een rooms-katholieke kerk aan het Stieltjesplein in Rotterdam.

Rotterdam kende door zijn haven een enorme groei in de tweede helft van de 19e eeuw. De wijk Feijenoord werd destijds gebouwd op de zuidelijke Maasoever. Een aanzienlijk deel van de nieuwe bewoners waren katholieken afkomstig uit de provincies Noord-Brabant en Zeeland. Voor hen werd tussen 1875 en 1876 aan de Roentgenstraat een houten noodkerk gebouwd door de sociaal bewogen bouwpastoor Ludovicus Gompertz.

Tussen 1885 en 1886 werd aan het Stieltjesplein een stenen kerk gebouwd. Architect Johannes Kayser ontwierp een driebeukige kruiskerk in neogotische stijl, met een toren met naaldspits aan de voorzijde. De kerk werd gewijd aan de Martelaren van Gorcum. Op 12 juli 1886 werd de Stieltjeskerk ingewijd.

Na de Tweede Wereldoorlog liep het aantal parochianen sterk terug. De Martelaren van Gorcumparochie is gefuseerd en uiteindelijk opgegaan in de Heilige Drie-Eenheidparochie. De Stieltjeskerk werd gesloten en in 1976 gesloopt. Op deze plaats staat nu een bejaardenhuis. De twee deuren van de entree en een aantal glas-in-loodramen zijn bewaard gebleven bij het Museum Rotterdam. Ook de kerkklok van de Stieltjeskerk is behouden gebleven en is na restauratie opgesteld op de Boulevard Zuid. Tegenwoordig staat de klok op het Vredesplein.

Bij gelegenheid van het bezoek van koning Willem III op 21 mei 1874 aan Rotterdam ontving de Noorderhaven de naam Koningshaven. De Noorderhaven werd in 1871 gegraven als onderdeel van de havenontwikkeling op Feijenoord. De meest noordelijke strook van Feijenoord kwam daardoor middenin het water te liggen en werd Noordereiland genoemd. De Noorderhaven was een ontwerp van de Rotterdamsche Handelsvereeniging.

De foto komt uit de fotocollectie van het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia en uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Benfica traint naast het Feyenoordstadion, 1963

Benfica traint naast het Feyenoordstadion in de voorbereiding op Feyenoord-Benfica, april 1963. Op de achtergrond de werf van Piet Smit.

Uit het Limburgsch dagblad van 9 april 1963:
De komende dagen zal evenals die vorige keer betrekkelijk licht worden getraind. Het oog zal bijzonder worden gericht op de souplesse en de gezelligheid, die moet beletten, dat de spelers zich te intens met de komende match bezighouden. Daarom ‘s morgens bijtijld op, een paar uurtjes oefenen en voorts volgens het schema: hou je gemak.

Maandagavond werd in de grote zaal van het hotel de film van de finale Real Madrid-Benfica vertoornd en vanavond krijgt het gezelschap twee leuke rolprentjes te zien welke de eigenaar van „Boshek” verwierf. Werd de vorige keer een bezoek aam het bowlingcentrum gebracht, daarvan is ditmaal afgezien omdat men deze sport minder geschikt acht voor voetballers:
het maakt de armen stijf, was de conclusie van de technische heren van Feijenoord.

Spelers en officials van Feijenoord zullen in Breda blijven tot en met woensdagnamiddag ongeveer zes uur. Dan vertrekken zij per bus naar het Rotterdamse Stadion dat die avond een strijdtoneel zal doen aanschouwen, als nooit tevoren.

De fotograaf is Ary Groeneveld en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt uit het Limburgsch Dagblad (via delpher.nl).

Met medewerking van Rotterdam van toen

Persoonsstraat, Steven Hogendijkstraat 1900

Gezicht in de Persoonsstraat (rechts) en de Steven Hogendijkstraat (links), vanaf de Oranjeboomstraat, 1900.

Deze straatnaam herinnert aan de stadsarchitecten Claes Jeremiasz. Persoons en zijn zoon Johannes Persoons. Zij volgden elkaar van 1660 tot 1692 op als architect van Rotterdam. De eerste was stadsarchitect en is bekend geworden door het recht zetten van de Laurenstoren,en de bouw van de Oosterkerk aan de Hoogstraat. Met het graven van de Persoonshaven werd eerst in 1901 een begin gemaakt.

Deze straat is vernoemd naar Steven Hoogendijk, 1698-1788, Rotterdams natuurkundige en horlogemaker. Stichtte in 1769 te Rotterdam het Bataafsch Genootschap der Proefondervindelijke Wijsbegeerte. Hij liet op eigen kosten in de polder Blijdorp een stoomgemaal bouwen dat in 1787 in werking werd gesteld.

De Oranjeboomstraat heet naar bierbrouwerij ‘d’Oranjeboom’, die aan deze straat was gevestigd. De brouwerij dateert uit 1671 en is ontstaan uit de samenvoeging van de brouwerijen ‘De Dissel’ en ‘van den Oranjeboom’. De eerste was gevestigd aan de Coolvest, de laatste aan de Nieuwehaven. In 1885 werd de brouwerij van de Coolvest naar Feijenoord overgeplaatst en in 1902 werd de Naamloze Vennootschap Brouwerij d’Oranjeboom opgericht. In 1990 vertrok de brouwerij naar Breda.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Wim Jansen voor de Kuip, 1990

Wilhelmus Marinus Antonius (Wim) Jansen (Rotterdam, 28 oktober 1946) is een Nederlands oud-voetballer die de posities rechtshalf, linkshalf en libero innam. Hij speelde het grootste deel van zijn carrière bij Feyenoord (15 seizoenen). Bij Feyenoord won hij veel prijzen. Hij won er onder andere de Nederlandse beker, werd er drie keer landskampioen en won in zijn topjaar in 1970 ook nog eens de Europacup I plus de wereldbeker. In 1974 werd dat nog eens gevolgd door de UEFA Cup.

Na zijn loopbaan kwam hij weer bij zijn club Feyenoord te werken. Eerst vier seizoenen als jeugdtrainer, dan nog een seizoen als assistent-trainer. Maar dan verhuisde hij naar SC Lokeren waar hij een seizoen bleef. Daarna ging hij nog twee seizoenen naar SVV.

In het jaar 1990 kwam echter zijn belangrijkste stap in zijn trainerscarrière. Hij ging naar Feyenoord toe, voor twee seizoenen als coach. Daarna bleef hij nog twee seizoenen technisch directeur. Hij won in die periode twee Nederlandse bekers, in 1991 en 1992. Later als technisch directeur werd hij in 1993 nog eens landskampioen en won in 1994 weer de Nederlandse beker.

De fotograaf is Roel Dijkstra en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Koffiehuis van de Volksbond tegen Drankmisbruik aan de Stieltjestraat, 1950

De Volksbond tegen Drankmisbruik werd in 1875 door Louis Philippona opgericht als de Multapatior’s Bond ter bestrijding van bedwelmende dranken. In 1882 werd de naam veranderd in Volksbond, Vereeniging tegen Drankmisbruik.

Louis Philippona (1827-1879) werd in Rotterdam geboren, maar groeide na het overlijden van zijn vader op in een kostschool in Roosendaal en een klooster in Uden. In 1863 begon zijn loopbaan als journalist, eerst bij de liberale Nieuwe Noordbrabander, in 1868 bij het Handelsblad. Hij schreef onder de naam Multapatior (vertaling: ik lijd veel). Hij was zeer sociaal bewogen en richtte in 1875 de Multapatior Bond op. Na zijn overlijden werd hij opgevolgd door mr H. Goeman Borgesius.

De naam van de bond werd al gauw vereenvoudigd. Doel was door opvoeding en ontwikkeling van het volk het drankmisbruik te bestrijden. Er werden koffiehuizen, wacht- en schaftlokalen opgericht, waar alcoholvrije dranken te verkrijgen waren. Ook werd aandacht geschonken aan lichamelijke activiteiten en het stimuleren van hobby’s. Er werden lezingen gegeven en bibliotheken opgericht.

De bond had in 1875 vijf afdelingen, in 1878 waren er al zeventien afdelingen bijgekomen. De nieuwe voorzitter, Goeman Borgesius, was tevens lid van de Tweede Kamerlid voor de Liberale Unie. Hij gaf de aanzet tot de standkoming van het drank-vergunningenstelsel.

In het begin van de 20ste eeuw werd vooral veel aandacht geschonken aan het gezin. Vaak waren er financiële problemen door het drankgebruik van de vader. Er kwamen kooklessen en kookboeken om te leren goedkope maar gezonde maaltijden te maken. Er werden woningbouwverenigingen opgericht en volkstuintjes ter beschikking gesteld.

Na de Tweede Wereldoorlog nam het alcoholgebruik weer toe. In 1969 werd het eerste alcoholvrije wegrestaurant geopend. Toen de Volksbond zijn eeuwfeest vierde en het predicaat Koninklijk kreeg verleend, waren er 300 kantines die door de bond beheerd werden. De omzet was onder meer 48.000.000 kopjes koffie per jaar.

In 1972 werd de Volksbond België opgericht, die ook alcoholvrije wegrestaurants oprichtte, maar in België waren financiële problemen waardoor de bond daar in 1986 weer werd opgeheven.

Tegenwoordig is de bond opgesplitst in enkele zelfstandige organisaties, zoals de Stichting Volksbond Amsterdam en de Stichting Volksbond Rotterdam.

De Volksbond was ook actief betrokken bij de opvang van oud KNIL-militairen in tehuizen zoals Bronbeek te Arnhem en het “Grijze Huis” te Putten. Het Grijze Huis had een groot exploitatietekort en werd gesloten en in 1973 afgebroken. De bewoners werden overgeplaatst naar Bronbeek.

De foto is gemaakt door de Fototechnische Dienst Rotterdam en komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

 

De bouw van de kuip, 1935

Een foto van de bouw van De Kuip, 1935-1936. Feyenoord wil De Kuip verlaten om een nieuw stadion te betrekken.

Al decennialang is Feyenoord de ‘bewoner’ van De Kuip. Het stadion is ontworpen door architect Van der Vlugt. Grote man achter dit idee was Leen van Zandvliet. De voorzitter van Feyenoord in de jaren 30 riep op een dag uit “Ik heb het, ik heb het!” Hij was wakker geworden uit een droom; hij schreef het idee snel op een kladblok. De vorm van het stadion, met een ‘loshangende’ tweede ring zodat niets het uitzicht van de toeschouwers zou belemmeren, zou zijn droom tot hem zijn gekomen. Enkele maanden later werd architect Van der Vlugt uitgenodigd voor een gesprek. Een stadion met twee verdiepingen moest gerealiseerd worden. De kern van het gesprek was ‘eenvoud’, verfraaiingen kwamen er niet aan te pas.

In 1934 maakte Van Zandvliet enkele trips naar het buitenland om op zoek te gaan naar andere, soortgelijke stadions. Het Highbury van Arsenal FC maakte indruk op hem. Dat had namelijk ook sinds 1932 twee verdiepingen, hetzelfde idee als Van Zandvliet dus. Van Zandvliet vond dat de enorme toestroom van publiek tijdens wedstrijden van Feyenoord de bouw van een modern voetbalstadion met plaats voor tienduizenden toeschouwers rechtvaardigde. Hij ondernam tevens een studiereis naar Amerika en bezocht het stadion van de Boston Red Sox wat hem inspireerde om deze nieuwe inzichten van faciliteiten gecombineerd met meerdere lagen waarvanuit elk gezichtspunt de wedstrijd toch goed te zien zou zijn te verwezenlijken. Voor de financiering steunde hij op havenbaron Daniël George van Beuningen.

Eind 1934 werd er contact gezocht met Braat-constructiewerkplaatsen. Die wilde de taak op zich nemen en ging aan de slag. Een voetbalwedstrijd duurt twee keer drie kwartier. Tussendoor moet men spanning kwijt en wat kunnen eten. Zo zijn er dus zowel onder als boven toiletten tussen de stalen spanten gebouwd. Tevens moest er plaats zijn voor een vergaderruimte, een werkvloer, kleedlokalen, een hokje voor de officials en er is een politiebureau en ook nog een brandweerkazerne en het bevat ook nog eens 4 woningen. De trappen aan de buitenzijde van het stadion konden tevens als tribune dienen voor het trainingsveld. Van Zandvliet had haast; zo gauw er een bouwtekening klaar was, gaf hij direct de opdracht om te beginnen met de bouw van het stadion.

De eerste paal werd geslagen door Puck van Heel op 16 september 1935. Daarna werden er nog 578 heipalen 21 meter diep de grond ingeslagen. De bouw van het stadion werd in 1936 afgerond, maar doordat de door de gemeente beloofde infrastructuur rondom het stadion nog niet was aangelegd, stond het stadion er maandenlang onbruikbaar bij en vond de opening pas in maart 1937 plaats. Stadion Feijenoord had een capaciteit van 65.000, met onder meer veel staanplaatsen.

De fotograaf is Adrianus Langejan en de foto komt uit de fotocollectie van het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Stieltjesstraat, 1990

De Stieltjesstraat ter hoogte van de muur van het voormalig gemeentelijk Vrij Entrepot terrein, waarop o.a. loods 24 stond, 23 februari 1990.

Loods 24 was een havenloods in gebruik voor de opslag van tabak op het terrein van de Gemeentelijke Handelsinrichtingen tussen de Binnenhaven en de Spoorweghaven in Rotterdam. Deze loods werd in de Tweede Wereldoorlog door de Duitse bezetter gebruikt als verzamelplaats voor de deportatie van Joden.

In Rotterdam woonden in 1941 nog 11.000 Joden. Voor de oorlog waren dit er 13.000. Tussen 30 juli 1942 en 22 april 1943 werden door 8 transporten 6.790 mensen via Loods 24 gedeporteerd. Het overgrote deel van de Joden die via Loods 24 werden afgevoerd, werd in Sobibór en Auschwitz-Birkenau vermoord. Uit onderzoek in 2000 is gebleken dat 144 personen de deportaties hebben overleefd.

Op 29 juli krijgen 2.000 Joden een oproep voor de Arbeidseinsatz. Er meldden zich de volgende dag op 30 juli 1942 1.100 mensen om zes uur bij Loods 24. In twintig personenwagons werden ze midden in de nacht getransporteerd naar Westerbork. Bij de tweede oproep voor zondag 2 augustus 1942 meldden zich 800 Joden, bij de derde oproep slechts 500. In september 1942 werden Joden, als zij zich niet zelf melden, door middel van razzia’s opgehaald.

Op 4 oktober werden vrouwen en kinderen van Joodse arbeiders die in de werkkampen zaten opgehaald. Enkele dagen later, op 8 oktober 1942 werden Joodse Rotterdammers vanaf 60 jaar naar Westerbork en van daar naar de vernietigingskampen afgevoerd.

Op 26 februari 1943 werden het Joods weeshuis, het Joodse bejaardenhuis aan de Claes de Vrieslaan en het Joods ziekenhuis aan de Schietbaanlaan ontruimd: 269 wezen, zieken en bejaarden gingen op transport naar Westerbork.

Op 22 april 1943 moesten de laatste tientallen Joden in Zuid-Holland, waaronder de leden van de Joodse Raad bureau Rotterdam, zich in Vught melden. In de zomer van 1943 moesten de overgebleven Portugese Joden weg. In 1944 werden nog eens 254 arrestanten, voornamelijk ondergedoken Joden, aan de Duitsers overgedragen.

In de jaren vijftig werd de loods afgebroken. Een stukje muur van de toenmalige omheining van de Gemeentelijke Handelsinrichtingen op het haventerrein aan de Stieltjesstraat herinnert vandaag nog aan de reis die vanuit deze plaats begon. Bij de plannen van de Kop van Zuid werd besloten om de voormalige plek van de loods zelf open te houden met de naam Plein Loods 24. Het herdenkingsplein omvat een oplopend grasveld ter bezinning en rust, een stenen bank op de plek van de voormalige loods en een in 1999 geplaatst lichtmonument bestaande uit vijf masten. Op 28 juli 2005 is een gedenkmuur met plaquette onthuld. In 2013 is bij de oude muur van het voormalige haventerrein het Joods Kindermonument onthuld.

De fotograaf is Lex de Herder en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Politiebureau Nassaukade 1966

Politiebureau Nassaukade en sinds het begin van de jaren ’60 een kantoor van de Spaarbank Rotterdam op de hoek van de Oranjeboomstraat en de Nassaukade, 1966.

Het huis Nassau is het geslacht dat heerste over het graafschap (later hertogdom) Nassau in Duitsland en dat in 1985 in mannelijke lijn uitstierf. De vrouwelijke takken Oranje-Nassau en Nassau-Weilburg zijn de regerende vorstenhuizen van Nederland en Luxemburg. Wel bestaan er nog bastaardtakken van het geslacht in mannelijke lijn.

Het geslacht (huis) Nassau wordt genoemd naar de burcht Nassau aan de Lahn, een zijtak van de Rijn, die ten noorden van het Taunusgebergte loopt. De Lahn mondt iets ten zuiden van Koblenz uit in de Rijn. Circa vijftien kilometer stroomopwaarts, naar het oosten, ligt het plaatsje Nassau. Op die plek werd de burcht omstreeks 1120 gebouwd door de familie van Laurenburg. Walram van Laurenburg (circa 1146 – 1 februari 1198) was de eerste graaf van Nassau.

De Oranjeboomstraat heet naar bierbrouwerij ‘d’Oranjeboom’, die aan deze straat was gevestigd. De brouwerij dateert uit 1671 en is ontstaan uit de samenvoeging van de brouwerijen ‘De Dissel’ en ‘van den Oranjeboom’. De eerste was gevestigd aan de Coolvest, de laatste aan de Nieuwehaven. In 1885 werd de brouwerij van de Coolvest naar Feijenoord overgeplaatst en in 1902 werd de Naamloze Vennootschap Brouwerij d’Oranjeboom opgericht. In 1990 vertrok de brouwerij naar Breda.

De fotograaf is Ary Groeneveld en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia en uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen