De VIVO bij de Agniesestraat, 1979

De VIVO bij de Agniesestraat, 1979 (geschat).

Agniese was de enige dochter van Dieric Bokel. Door haar huwelijk in 1336 met Simon van Benthem, daarna met Gherijt van Herlaer, ging het grootste gedeelte van de goederen van haar vader (ca.1335) in andere geslachten over. De wijk ligt tussen de Noordsingel en de Schiekade met de Agniesestraat als middelpunt.

Het adellijk geslacht Bokel speelde een belangrijke rol in Rotterdam. Leden van deze familie waren heren van het Hof van Weena en het slot Bulgersteyn. Het ambacht Rotterdam ten westen van de Rotte behoorde aan een Bokel en pas na de dood van Dirk Bokel (vóór 1336), toen dit ambacht aan de graaf verviel, kon het met Rotterdam ten oosten van de Rotte verenigd worden.

De fotograaf is Ary Groeneveld en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

De Rotte bij het Stroveer, met rechts de Langebrug, 1935

De Rotte bij het Stroveer, met rechts de Langebrug, 1935. Op de achtergrond de Rechter Rottekade en de Karnemelksbrug.

Het Stroveer verwijst naar een ligplaats voor met stro geladen schepen. In een ordonnantie op het hooi van 1720 staat vermeld dat met hooi geladen schepen, die niet bestemd waren voor de hooimarkt en langs de Schie of de Rotte de stad binnenkwamen om onderzocht te worden, moesten blijven liggen aan de Singel tussen de brug over de Schie en de Hofpoort, of tussen de Hofpoort en de ‘Vishoek’. Wat voor hooi gold, zal ook wel voor stro zijn bedoeld. Dit verklaart de naam. In het begin van de 19de eeuw sprak men van Strooveer of van Stroomarkt. Ook komt deze kade in die tijd voor als Schipperstentenveer of Tentenveer. Deze namen zullen ontleend zijn aan de tenten, die de stroschippers ter beschutting van hun waren op de schepen hadden neergezet. Voor het bombardement in mei 1940 lag het Stro(o)veer langs de Rotte in het verlengde van de Rechter Rottekade tussen Katshoek en spoorwegviaduct. De huidige straat van die naam maakt deel uit van het buurtje op het voormalige Heliportterrein, in de volksmond bekend als Klein Volendam. Ze ligt ter plaatse van het vroegere Stroveer.

De Langebrug verkreeg haar naam om haar lengte. Het was brede overwelfde stenen brug over de Rotte bij de Pompenburgsingel. Deze brug kwam tot stand ten gevolge van de demping van Goudsesingel en Pompenburgsingel in 1904. Voordien lag op deze plaats een brug als verbinding tussen het Strooveer en het Couwenburgseiland.

De naam van de Karnemelksbrug verwijst naar de zuivelproducten van de dorpen aan de Rotte die via de nabijgelegen Karnemelkshaven in de stad werden gebracht. De Karnemelkshaven was oorspronkelijk de verbinding tussen de Rotte en de stadsvest (Goudsesingel). De oude naam was Buitenbotersloot of Dwarsrottekade. De haven is in 1861 gedempt. De Karnemelksbrug lag over de Rotte in het verlengde van de gedempte haven. De huidige brug van die naam ligt in de Goudsesingel over het Stokviswater. De huidige Karnemelkshaven is een watertje dat ligt tussen het huizencomplex bij Hofdijk en Admiraal de Ruyterweg en dat in de Rotte stroomt.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

De Bierhaven met een graanelevator aan de Wijnkade, 1979

Gezicht op de Bierhaven met een graanelevator aan de Wijnkade, 1 november 1979.

De oorspronkelijke Bierhaven lag ter plaatse van de huidige Jufferstraat. Nadat deze haven gegraven was, werden in mei 1614 de erven aan de oost- en westzijde uitgegeven. De naam Bierhaven komt reeds kort na dat jaar voor. Het is mogelijk dat de haven oorspronkelijk als ligplaats voor bierschepen bestemd was. Een andere naam was Oostersche Dwarshaven, zo genoemd vanwege haar ligging ten opzichte van Glas-, Wijn- en Scheepmakershaven. In de eerste helft van de 17de eeuw kwam ook de naam Schijtebotershaven voor, naar kapitein Gillis Gillisz., bijgenaamd ‘Schijteboter’, eigenaar van enige huizen en erven aan de haven. Nadat de haven in 1898 was gedempt ontving deze de naam Gedempte Bierhaven. Oostelijk van de haven werd in het begin van de 17de eeuw een straat aangelegd, die onder de naam Bierstraat bekend werd. Deze straat ligt nog op dezelfde plaats, terwijl de Bierhaven thans een insteekhaven van de Leuvehaven is.

De foto komt uit de fotocollectie van het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Luchtopname van de Waalhaven en van Charlois, 10 mei 1940

Luchtopname van de Waalhaven en van Charlois, 10 mei 1940. Op de voorgrond de brandende gebouwen van Vliegveld Waalhaven en het weiland ten westen van het vliegveld waar Duitse parachutisten zijn geland (thans de wijk Pendrecht).

Eind jaren ‘30 werd Waalhaven de thuisbasis van de Fokker G.1 jachtkruisers van de 3e Jacht Vliegtuig Afdeeling (3e JAVA). Dit kwam door de oplopende internationale spanning. In de meidagen van 1940 vonden op en rond het vliegveld zware gevechten plaats. De Duitsers vernielden het vliegveld hierbij voor het grootste deel.

Na de overgave herstelden de Duitsers het terrein. Daarnaast breidden ze het ook uit en gaven het de naam Flugplatz Waalhaven. Er verrezen houten en stenen gebouwen. Maar ook een groot aantal barakken voor het grondpersoneel.

De Duitsers stationeerden op het vliegveld Messerschmitts BF 109 E’s van het JG 54. Na hun vertrek in augustus 1940 waren er geruime tijd nauwelijks operationele eenheden actief. Pas vanaf de zomer van 1941 waren er weer af en toe jachtvliegtuigen op Waalhaven.

De foto komt uit de collectie van het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van defensie.nl. Lees verder op https://www.defensie.nl/…/vl…/vliegveldenoverzicht/waalhaven

Met medewerking van Rotterdam van toen

Bouw van de verkeerstunnel onder het Churchillplein, 1969

Winston Leonard Spencer-Churchill (Woodstock, 30 november 1874 – Londen, 24 januari 1965) was een Brits staatsman.

Churchill diende tweemaal als premier van het Verenigd Koninkrijk, een eerste maal van 1940 tot 1945 en een tweede maal van 1951 tot 1955.

Zijn eerste ambtstermijn viel grotendeels samen met de Tweede Wereldoorlog. Het lukte hem de Britse oorlogsinspanning op peil te krijgen en de Verenigde Staten daarbij tot steun te bewegen. Churchill heeft daarmee een beslissende rol in de geallieerde overwinning gespeeld. Hij was daarbij echter ook verantwoordelijk voor controversiële oorlogshandelingen zoals het bombardement op Dresden waarbij veel burgerslachtoffers vielen.

Churchill is een van de bekendste staatslieden van de 20e eeuw. Voor zijn aantreden als premier op zijn 64e had hij al een lange en wisselvallige carrière achter de rug, waarin hij twee maal van politieke partij wisselde. In 1901 werd hij voor het eerst verkozen in het Lagerhuis en in 1910 benoemd tot minister van Binnenlandse Zaken. Als minister van Marine en als minister van Munitie was hij betrokken bij de Eerste Wereldoorlog. Later werd hij ook minister van Financiën. Daarnaast was hij een productief en succesvol schrijver en ontving hij in 1953 de Nobelprijs voor Literatuur voor zijn geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog. Als een van de weinige Europeanen was hij Amerikaans ere-staatsburger.

De fotograaf is Ary Groeneveld en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Het Ikaziaziekenhuis en het zusterhuis aan de Montessoriweg, 1971

Het Ikazia Ziekenhuis is sinds 1968 een ziekenhuis in het Rotterdamse stadsdeel Charlois. Het ziekenhuis staat aan de Montessoriweg, bij winkelcentrum Zuidplein en Rotterdam Ahoy.

De naam Ikazia is een afkorting van InterKerkelijke Actie Ziekenhuis In Aanbouw, een stichting die in de jaren zestig lang geijverd heeft voor de bouw van het ziekenhuis.

Ikazia scoort in de jaren 2010 steeds bovengemiddeld bij tevredenheids- en kwaliteitsonderzoeken van onder meer opinieblad Elsevier en de beoordelingssite ‘Zorgkaart Nederland’. In het ziekenhuis werken circa 1300 mensen.

Maria Montessori (Chiaravalle, 31 augustus 1870 – Noordwijk, 6 mei 1952) was een Italiaans arts en pedagoog die vooral bekend werd door het naar haar genoemde montessorionderwijs.

In 1936 werd zij door het uitbreken van de Spaanse Burgeroorlog uit Barcelona verdreven. Zij vestigde zich vervolgens met haar zoon, die zij voorstelde als haar “neef”, in Nederland, na een kort verblijf in Engeland. Het hoofdkwartier van de montessori-beweging (Association Montessori Internationale) was toen al in Nederland gevestigd. In oktober 1939 verliet zij Nederland om een reis naar India te maken. Daar gaf zij een groot aantal lezingen en montessori-cursussen. Door de oorlogsomstandigheden duurde haar verblijf in India tot 1946, waarna zij terugkeerde naar Nederland. Zij werd in 1950 benoemd tot Officier in de Orde van Oranje-Nassau en ontving een eredoctoraat van de Universiteit van Amsterdam. Zij is begraven in Noordwijk op de R.K. begraafplaats.

De foto komt uit de collectie topografie Rotterdam en bevindt zich in het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

De Groene Hilledijk hoek Heinlantstraat, 1977

De Groene Hilledijk met de hoek van de Heinlantstraat, 1 augustus 1977.

De benaming ‘hille’ komt in oorkonden betreffende Holland, Zeeland, Voorne en Putten in het bijzonder voor als door water omringde buitendijkse gronden. De benaming ‘hille’ komt behalve in de betekenis van hoogte en duin ook voor als eiland. Op 17 maart 1447 werden de hillen van Katendrecht door de heer van Gaesbeek en Putten aan Jacob Pot en zijn echtgenote in leen uitgegeven. Op 20 februari 1525 werden de uitergorzen, genaamd de Hille, aan de oostzijde van Charlois ‘met alle slikken, aanwassen, visscherijen, vogelarijen, jaerschot, nat ende drooge dijcken enz.’ door de uitgevers van Charlois verhuurd. Deze Hillepolder, waarvan de grondverkaveling op 23 augustus 1529 plaats vond, was 240 morgen groot en kreeg toen een sluis en een sluisvliet. De Brede Hilledijk beschermde de polder aan de Maaszijde, de Hilledijk aan de zijde van het Zwanegat, de Groene Hilledijk scheidde de Hillepolder van Karnemelksland. De twee wegen, later als Korte- en Langeweg bekend, worden eveneens in 1529 genoemd. De Langeweg heet sinds 1895 Lange Hilleweg, terwijl op de plaats van de Korteweg of Korte Hilleweg thans de Paul Krugerstraat ligt. Vroeger was er ook een Smalle Hilledijk; deze vormt thans een onderdeel van de Brede Hilledijk. Deze Smalle Hilledijk kwam in 1895 in de plaats van de Vildersteeg.

De Heinlantstraat is vernoemd naar het ambacht Heer Heyenlant of Heinlant, dat oorspronkelijk tot de Zwijndrechtsche Waard behoorde.

De foto komt uit de collectie topografie Rotterdam en bevindt zich in het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

De muziektent op het Pijnackerplein, 1971

De muziektent op het Pijnackerplein is door aannemingsbedrijf Mak weer op zijn plaats gezet, 25 februari 1971.

Uit het Vrije Volk van 25 februari 1971:
De muziektent op.het Rotterdamse.Pijnackerplein is vanmorgen door twee kranen van het aannemingsbedrijf J. G. Mak weer op zijn plaats gezet. De tent was tijdelijk verplaatst omdat eronder een beatkelder moest worden aangelegd. Die is nu klaar en nu de tent weer op zn plaats staat zal hij een fikse opknapbeurt krijgen.

Het eerst nu bekende voorkomen van de naam Pijnacker (“Pinacker”) is van 1222. Andere naamsvarianten zijn Pinacre, Piinaker, Pijnacker, Pinaicker of Pynaker. Het wordt wel verklaard als een samenstelling van akker ‘ploegland, bouwland’ en het middelnederlandse pine ‘straf, pijniging’, ter aanduiding van een strafplaats. Een andere betekenis van pine is ‘moeite, zware arbeid’ en dat zou kunnen wijzen op de inspanning die men zich moest getroosten om de akker te bewerken. Een verband met pijnbomen is niet waarschijnlijk.

De fotograaf is Ary Groeneveld en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt via delpher.nl uit het Vrije Volk en van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Sint-Laurenskerk, 5 mei 1970

Koningin Juliana begeeft zich met de rest van de koninklijke familie in de richt van de Sint-Laurenskerk voor de vijfentwintigjarige herdenking van de bevrijding, 5 mei 1970.

Uit het Vrije Volk van 6 mei 1970:
(Van een onzer verslaggevers)
ROTTERDAM — De begrippen „vrede” en „vrijheid”, geprojecteerd tegen de situatie in de wereld van vandaag, stonden centraal in de drie toespraken die dinsdagmorgen in Rotterdam de nationale viering van het bevrijdingsfeest inleidden. Gesproken werd in de Laurenskerk door koningin Juliana, door dr. J. Bijlsma namens de vorige week plotseling overleden prof. dr. J. Presser, en door de dichteres Maria de Groot.

Weinigen zullen de 70-er jaren hebben verwelkomd als een periode van belofte, zei in haar toespraak de koningin. Ze sprak over het generatieconflict, over het gebrek aan respect jegens de medemens en over de onverdraagzaamheid. Haar boodschap: ‘Je krijgt alleen maar een dynamische levensgemeenschap als je erkent, dat ieder soort van opbouwende gedachte recht heeft op een plaats in het geheel van de samenleving; als je de moed opbrengt naar elkaar te luisteren.’

Sprekend over de mens, de wereld en hun beider toekomst, besloot koningin Juliana: ‘De mens is vrij, hij is altijd vrij om te kiezen tussen goed en kwaad. Maar het goed is nu eenmaal het smalle pad en alleen wijzen kiezen het. Het staat ons vrij om wijs te zijn, te kiezen en dan de inspiratie te krijgen die zo geweldig kan worden, dat de vlammen er uit slaan.’

De fotograaf is Ary Groeneveld en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt via delpher.nl uit het Vrije Volk.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Verzetsmonument “Ongebroken” Westersingel, 1965

Z.K.H. Prins Bernhard legt een krans bij het net onthulde verzetsmonument “Ongebroken”, 4 mei 1965. Het monument is ontworpen door de beeldhouwer Hubert C.M. van Lith en staat aan de kop van de Westersingel, bij het Kruisplein.

Uit het Vrije Volk van 6 mei 1965:
De herdenking van de gevallenen in Rotterdam heeft ditmaal een bijzonder en treffend accent gekregen door de onthulling van het Centraal Rotterdams Verzetsmonument op het Kruisplein. Prins Bernhard heeft deze plechtigheid verricht en enkele duizenden Rotterdammers zijn daar getuige van geweest. Toen de Prins het doek wegtrok, zagen die duizenden het bronzen monument van beeldhouwer H. van Lith: een vermagerde mannenfiguur, het. hoofd omhoog geheven. Vooral op dat moment, onder de lage, grauwe wolkenlucht, een indrukwekkend beeld van de verzetsstrijder.

Prins Bernhard was, vergezeld van zijn adjudant, kolonel tit. C. C. Geertsema, om kwart over vijf bij het Rjjnhotel aangekomen. Hier werd begroet door mr. J. Klaasesz, commissaris der koningin in Zuid-Holland, burgemeester W. Thomassen, de generaal-majoor der mariniers J. G. M. Nass, de heer W. Goudriaan, voorzitter van het dagelijks bestuur Stichting Centraal Rotterdams Verzetsmonument en de heer B. P. M. M. H. Seweesen, voorzitter van het dagelijks bestuur van de vereniging Voormalig Verzet Zuid-Holland.

Tot degenen die aan de Prins werden voorgesteld, behoorden behalve de wethouders o.m. beeldhouwer Van Lith, bronsgieter A. R. Steylaert en vertegenwoordigers van deputaties uit België (Vlaams- en Frans), Denemarken, Frankrijk, Luxemburg, Noorwegen en Engeland, dat afgevaardigden van de Royal Air Force Escaping Society had gestuurd. Ruim een half uur onderhield de Prins zich met een aantal binnen- en buitenlandse verzetslieden. De Marinierskapel speelde de eerste acht maten van de vaandelmars toen de genodigden, waarbij oud-burgemeester Oud, op het Kruisplein hun zitplaatsen hadden ingenomen. De Nederlandse vlag werd gehesen en ging daarna halfstok. De heer Goudriaan bood de gemeente Rotterdam het monument aan. De heer Goudriaan zei, dat uit alle lagen van de bevolking de wens naar voren was gekomen om door het oprichten van een monument uiting te geven aan de waardering voor het verzet. Dat men twintig jaar moest wachten, kwam door het feit dat het gemeentebestuur van de eens zo verwoeste stad thans pas een plaats kon aanwijzen.

Het beeld staat op de plek waar in de meidagen van 1940 de brand gestuit werd. De heer Goudriaan hoopte dat onze kinderen bij beschouwing van dit monument nog eens aan onze strijd zullen terugdenken.

,De heer Goudriaan dacht aan het tot zinken brengen van de Westerdam door verzetsstrijders. De Duitsers hadden dit schip midden in de Waterweg willen laten zinken. Het verzet was de bezetter voor; aldus de Rotterdamse haven voor een ramp behoedend. Prins Bernhard seinde toen uit Londen: „Ik ben trots op u”.

„Onze strijd was niet tevergeefs. Onze doden zijn niet vergeten”, verzekerde de heer Goudriaan.

Nadat de Prins het monument had onthuld, aanvaardde burgemeester Thomassen het in grote dank.

„De taal der beelden spreekt tot ons”, zei hij. De burgemeester toonde veel waardering voor de beeldhouwer, die „worstelde met zijn opdracht”. De heer Thomassen noemde het monument een „geestelijke en stedenbouwkundige verrijking van de stad”.

Nadat Prins, burgemeester en vertegenwoordigers van binnen- en buitenlandse organisaties een krans aan de voet van het monument hadden gelegd, werd de sobere, maar indrukwekkende plechtigheid besloten met het spelen van een couplet van het Wilhelmus.

De fotograaf is Ary Groeneveld en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt via delpher.nl uit het Vrije Volk.

Met medewerking van Rotterdam van toen