Tag Archives: 1900

De Westewagenstraat, 1900

De Westewagenstraat komt al voor in 1363, evenals de Wagenbrug aldaar op het Westeinde. Later wordt ze ook Delftsche Wagenstraat genoemd, omdat ze de ‘rijweg’ was naar Delft. Hier hadden zich wagenverhuurders gevestigd, voer het wagenveer af en konden boeren en buitenlui , die de Delftsepoort waren binnengetreden, hun paarden stallen. Ook wagenmakers en hoefsmeden oefenden daar hun bedrijf uit.

Het gedeelte van de Oude Westewagenstraat, dat lag tussen de Hoogstraat en de Sint-Laurensstraat, heette tot 1902 Korte Westewagenstraat. De huidige Westewagenstraat ligt op dezelfde plaats als de vooroorlogse straat van die naam. Alleen het gedeelte ten noorden van de Meent vormt thans een gedeelte van het Haagseveer.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Grotekerkplein met het duivenvrouwtje Hanneke van Ham, Ong.1910

Een bekend figuur op het Grotekerkplein was Hannetje van Ham, bijgenaamd het ‘Duivenvrouwtje’. Dagelijks kwam zij daar duiven voeren. De prentbriefkaart komt uit 1900.

Van Rijnmond.nl het volgende stuk:
Hendrikja Tijntje van Ham is geboren in 1870 en begint rond 1910 met het voeren van verwilderde duiven. Dat doet ze op het Grote Kerkplein aan de voet van de Laurenskerk. Duiven nestelen zich in die toren en in de kerk. Het heeft in die tijd zin om vaste voederplaatsen te maken om dat de duiven dan in de stad blijven. Als ze geen eten meer zouden vinden, dan zouden ze de boer op gaan en bijvoorbeeld postduiven in gevaar brengen.

Wilma van Giersbergen van het Stadsarchief Rotterdam heeft zich in ‘het duivenvrouwtje’ verdiept: “Iedere dag, door weer en wind, trok zij met een speciaal karretje langs de graankantoren om graan in te kopen en soms krijgt ze het ook. Het geld dat ze kreeg van de ‘steun’ besteedde ze grotendeels aan het voer. Ze had niet alleen mededogen met de duiven maar ook met allerlei loslopen dieren als honden en katten.”

Kinderen vinden haar vooral heel raar. Trijntje van Ham is toch een beetje raar figuur in de binnenstad van Rotterdam. Ze wordt door de kinderen uitgejouwd en de ruiten van haar huis worden regelmatig ingegooid.

In 1938 moet het duivenvrouwtje stoppen met het voeren van de duiven. Op verzoek van het gemeentebestuur krijgt ze geen voer meer van de dierenbescherming. De uitwerpselen van de dieren veroorzaken schade aan gebouwen en monumenten. De duiven worden langzamerhand een plaag. De gemeente wil ze laten verhongeren om zo van ze af te komen.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van https://www.rijnmond.nl/…/Vergeten-Verhalen-het-duivenvrouw…

Met medewerking van Rotterdam van toen

Oostzeedijk en de Oostzeedijk Beneden ,1900

De Oostzeedijk en de Oostzeedijk Beneden vanuit het oosten bij de Gemeentelijke Gasfabriek, 1900. Op de achtergrond molen de Noord aan het Oostplein.

Dit deel van Schielands Hoge Zeedijk ligt ten oosten van de oude stad. De dijk is rond het midden van de 13de eeuw aangelegd. Het gedeelte van de dijk, dat als Hoogstraat, Schiedamsedijk en Vasteland bekend is, verbindt de Oostzeedijk met de Westzeedijk, die ten westen van de oude stad ligt. Voor 1895, het jaar waarin Kralingen met Rotterdam werd verenigd, heette Oostzeedijk-Beneden ‘Lage Dijk’.

Korenmolen De Noord was een stellingmolen aan het Oostplein in Rotterdam. De molen werd in 1711 gebouwd ter vervanging van een standerdmolen. Vanaf de bouw tot in de negentiende eeuw werd de Noord gebruikt als moutmolen; later werd overgeschakeld op het malen van graan voor veevoer. In 1919 dreigde sloop, wat ternauwernood voorkomen kon worden door ingrijpen van de gemeenteraad. De Noord werd gerestaureerd en verhuurd aan de firma van Vliet uit Goidschalxoord. Tijdens het bombardement op Rotterdam stond de omgeving in lichterlaaie. De molenaars lieten de wieken draaien om overslaan van de brand naar de molen te voorkomen.

In de nacht van 27 op 28 juli 1954 brandde de molen door onbekende oorzaak uit. De molenromp, die te slecht was om gebruikt te kunnen worden voor herbouw, werd in het najaar van hetzelfde jaar afgebroken. Een plan voor herbouw werd door de gemeenteraad afgekeurd.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam en van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Admiraliteitskade,1900

Gezicht op de Admiraliteitskade met oliemolen ‘De Reus’ op de hoek van de Infirmeriestraat, 1900.

De Admiraliteitskade is vernoemd naar de admiraliteit op de Maze, sinds 1586 een van de vijf admiraliteitscolleges in de Republiek der Verenigde Nederlanden. Deze colleges waren onder het opperbewind van de admiraal-generaal belast met het bestuur van de zeemacht en tevens met het ontvangen van de in- en uitvoerrechten (convooien en licenten). Het admiraliteitscollege kocht voor haar werven in 1689 van de stad aan het Reuzeneiland in het Buizengat. In 1849 werd de Marinewerf, zoals de naam van de werf luidde nadat in 1795 de admiraliteiten waren ontbonden, aldaar opgeheven. Het gebouw van de admiraliteit werd in 1855 ingericht als Rijksentrepot. In 1891 werd het door brand verwoest.

De Infirmeriestraat dankt haar naam aan de Infirmerie of het Ziekenhuis van de Marine, die na de opheffing van de daargelegen Marinewerf in 1849 verviel. Voorzover de opstal betreft, werd het geheel in 1854 door de gemeente van het rijk aangekocht. Vóór 1900 droeg de straat, die langs de Infirmerie liep de naam Olieslop, naar de omstreeks 1905 afgebroken oliemolen ‘de Reus’. De molen lag vlak tegenover de Infirmerie. Het Olieslop was de toegang tot de molen.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Eendrachtsweg, 1900

Een paardentram op de Eendrachtsweg in de richting van het Willemsplein, 1900.

Waarschijnlijk dankt deze weg zijn naam aan een nabijgelegen herberg of blekerij ‘De Eendracht’. De Eendrachtsstraat heette vóór 1871 Eendrachtslaan. Ze werd omstreeks 1600 aangelegd. In 1667 komt ze voor onder de naam Nieuwe Eendrachtslaan. De laan komt ook voor onder de naam Stuivers- of Stuivertjeslaan, vermoedelijk naar een blekerij of herberg met de naam ‘de Stuiver’ of ‘het Stuivertje’. De Eendrachtsweg werd in de jaren zestig van de 19de eeuw aangelegd langs de Westersingel, een onderdeel van het waterproject van architect Rose. Het Eendrachtsplein vormde vóór 1961 een onderdeel van de Eendrachtsweg en de Westersingel.

De Willemskade werd in 1847 aangelegd op slikken in het zogenaamde Tweede Nieuwewerk. De erven aldaar werden in 1848 uitgegeven. Kade en plein heetten oorspronkelijk, volgens besluit B&W 3 mei 1850, Westerkade en Westerplein. Naar aanleiding van het bezoek van Koning Willem III op 28 juli 1851, werden de namen gewijzigd.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam

Met medewerking van Rotterdam van toen

Couwenburgseiland, 1900

Een sluisje met hoge brug vormt de verbinding van de binnenstad (rechts) met het zogenaamde Couwenburgseiland, 1900. Het Couwenburgseiland was een driehoekig gebied, begrensd door de stadsvest, de Rotte en de Karnemelkshaven. Op de achtergrond de kerk aan het Boschje.

In 1541 verkochten de bestuurders van de Sint-Sebastiaanskapel een stuk land, geheten Couwenburch. Het werd ten oosten begrensd door de Botersloot (later Karnemelkshaven), ten westen en noorden door de Rotte en ten zuiden door de stadsvest, dus aan alle zijden door water omringd. In de jaren 1643 en 1644 werd dit eiland door Cornelis Eeuwoutsz. Cirre in erven uitgegeven. Later staat het bekend als ‘eiland Vishoeck’ of ‘het Hoeckgeseiland’, misschien naar een houtkoperij van die naam, die daar van ca. 1690 tot 1850 was gevestigd. Het huidige Couwenburg vormt een onderdeel van het vroegere Hofplein.

De naam van de Karnemelkshaven herinnert aan de zuivelproducten van de dorpen aan de Rotte die vroeger via deze haven naar de stad werden vervoerd. Zij herinnert bovendien aan het water en de brug die vroeger in deze buurt lagen. De Karnemelkshaven was oorspronkelijk de verbinding tussen de Rotte en de stadsvest (Goudsesingel). De oude naam was Buitenbotersloot of Dwarsrottekade. De haven is in 1861 gedempt. De Karnemelksbrug lag over de Rotte in het verlengde van de gedempte haven. De huidige brug van die naam ligt in de Goudsesingel over het Stokviswater. De huidige Karnemelkshaven is een watertje dat ligt tussen het huizencomplex bij Hofdijk en Admiraal de Ruyterweg en dat in de Rotte stroomt.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Persoonsstraat, Steven Hogendijkstraat 1900

Gezicht in de Persoonsstraat (rechts) en de Steven Hogendijkstraat (links), vanaf de Oranjeboomstraat, 1900.

Deze straatnaam herinnert aan de stadsarchitecten Claes Jeremiasz. Persoons en zijn zoon Johannes Persoons. Zij volgden elkaar van 1660 tot 1692 op als architect van Rotterdam. De eerste was stadsarchitect en is bekend geworden door het recht zetten van de Laurenstoren,en de bouw van de Oosterkerk aan de Hoogstraat. Met het graven van de Persoonshaven werd eerst in 1901 een begin gemaakt.

Deze straat is vernoemd naar Steven Hoogendijk, 1698-1788, Rotterdams natuurkundige en horlogemaker. Stichtte in 1769 te Rotterdam het Bataafsch Genootschap der Proefondervindelijke Wijsbegeerte. Hij liet op eigen kosten in de polder Blijdorp een stoomgemaal bouwen dat in 1787 in werking werd gesteld.

De Oranjeboomstraat heet naar bierbrouwerij ‘d’Oranjeboom’, die aan deze straat was gevestigd. De brouwerij dateert uit 1671 en is ontstaan uit de samenvoeging van de brouwerijen ‘De Dissel’ en ‘van den Oranjeboom’. De eerste was gevestigd aan de Coolvest, de laatste aan de Nieuwehaven. In 1885 werd de brouwerij van de Coolvest naar Feijenoord overgeplaatst en in 1902 werd de Naamloze Vennootschap Brouwerij d’Oranjeboom opgericht. In 1990 vertrok de brouwerij naar Breda.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Beursplein 1900

Het Beursplein met het Beursgebouw vanuit het zuidwesten met rechts station Beurs, 1900.

Het Beursplein dankte zijn naam aan het oude beursgebouw alhier. Op 9 februari 1635 besloot de vroedschap de vismarkt op het oosteinde van de Noordblaak tot beursgebouw in te richten ter vervanging van de oude Beurs aan het Haringvliet. In de jaren 1722-1736 werd ze verbouwd naar een ontwerp van de beroemde schilder en bouwmeester ridder Adriaan van der Werff (1569-1722). Ze zou ruim twee eeuwen het commerciële centrum van de stad vormen. In het begin van de negentiende eeuw werd de binnenplaats van de Beurs overdekt met een gietijzeren koepeldak.

Na de voltooiing van de Beurs in 1736 werd de oude Gapersbrug over de Blaak vervangen door een nieuwe brug. In 1826 werd deze gesloopt. Hiervoor in de plaats kwam een breed overwelfd brugplein, dat beursbrug en later Koninginnebrug heette. Het pleintje aan de voorzijde van het beursgebouwkreeg de naam Beursplein. Toen door de aanleg van het spoorwegviaduct en de bouw van het Beursstation de brug in 1872 werd afgebroken, ontstond op deze plaats een groot plein dat onder de naam Beursplein bekend werd. Het plein kwam in het begin ook voor onder de naam Dam. De Beurssteeg lag achter het beursgebouw en liep van de Vissersdijk naar het Beursplein. De Beurs werd verwoest tijdens het bombardement van 14 mei 1940. Bij besluit B. 30 juni 1942 zijn de namen Beursplein en Beurssteeg ingetrokken.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Kolkkade 1900

De Kolkkade met tram lijn 1 rijdend van de Honingerdijk naar het Park, 1900-1910. Rechts Plan C.

De Kolk herinnert aan het water van die naam, dat vóór het bombardement in mei 1940 in deze buurt lag. Dit water heette oorspronkelijk Haven, doch kwam al in de 17de eeuw voor onder de naam Kolk. De naam Kolk spreekt voor zichzelf; het was een gegraven waterloop, die de Oude Haven met de Steigersgracht verbond. Ten zuiden van de Kolk lag een straat, die sinds 1884 Kolkkade heette.Voorheen was dit een gedeelte van de Kleine Draaisteeg. Na het bombardement werd de Kolk gedempt. Op deze plaats ligt nu het plein, waarop tweemaal per week markt wordt gehouden.

Plan C was een bedrijfsverzamelgebouw in Rotterdam. Het is in 1880 ontworpen door architect Constantijn Muysken en werd op 4 maart 1889 geopend. Bij het bombardement op Rotterdam van 14 mei 1940 is Plan C verloren gegaan.

Plan C was een onderdeel van een stedenbouwkundige ingreep van de directeur van Gemeentewerken Rotterdam, G.J. de Jongh. Het gebied tussen de Kolk en de Oude Haven werd opnieuw ingericht in verband met de verkeersproblemen (op het land én het water) in dit gebied. Plan A en B waren twee bruggen die deel uitmaakten van het plan, Plan C was het bedrijfsverzamelgebouw.

Plan C had een vierhoekige plattegrond. Op de begane grond waren winkels gevestigd. Aan de kant van de Oude Haven en de Kolk waren arcades waardoor mensen bij regen droog konden winkelen. Er was een expeditiehof voor de bevoorrading van winkels. In de twee verdiepingen erboven waren kantoren en woningen. De gevels van Plan C waren opgetrokken in natuursteen en baksteen in Beaux-Arts-stijl.

Onder Plan C waren twee doorgangen voor de scheepvaart tussen de Kolk en de Oude Haven.

Aan de noordzijde van de Oude Haven is nog steeds de balustrade van Plan C te zien. De onderdoorgangen zijn na het bombardement afgesloten.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam en van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Burgemeester Hoffmanplein, 1900

Gezicht op het Burgemeester Hoffmanplein vanaf de Van der Takstraat, 1900.

Johan Frederic Hoffmann (Rotterdam, 7 januari 1791 – aldaar, 16 augustus 1870) was van 1825 tot 1870 directeur van de Maatschappij van Rotterdamsche Assurantiën, en van 1845 tot 1866 burgemeester van Rotterdam.

Hoffmann heeft diverse belangrijke openbare functies bekleed in Rotterdam. Hij was, evenals zijn vader, onder andere wethouder van Rotterdam, lid Vergadering van Notabelen voor het departement Monden van de Maas, en lid Provinciale Staten van Zuid-Holland. Hij was ook directeur van de firma Hoffmann en Doorepaal, reders en zeehandelaren te Rotterdam, en directeur Maatschappij van Rotterdamsche Assurantiën.

Hij heeft een zeer belangrijke rol gespeeld in de annexatie van het dorp Feijenoord op de zuidoever van de Nieuwe Maas. Er werd besloten om de eerste grote havens en een vaste oeververbinding, de Willemsbrug, aan te leggen. Onder zijn bewind is het bestuur van de Gemeente Rotterdam sterk verbeterd. Onder zijn bewind werd de dienst Gemeentewerken en het Gemeentearchief opgericht. Burgemeester Hoffman trad in 1866 tegelijk met hoofdcommissaris A.J.C. Janssens af na zware klachten over het functioneren van de politie, met als dieptepunt de arrestatie in de Schouwburg van een landgenoot door een geüniformeerde Duitse agent, zonder dat de Rotterdamse politie ingreep.

Het Burg. Hoffmannplein, op het Noordereiland is naar hem vernoemd. Hij was Commandeur in de Orde van de Nederlandse Leeuw en Grootofficier in de Orde van de Eikenkroon.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen