Analisten gaan in opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken onderzoeken in welke mate nepaccounts en zogenoemde internettrollen op sociale media het debat beïnvloeden, of onjuiste of misleidende informatie over de aankomende Tweede Kamerverkiezingen plaatsen of aanjagen.

De data-analisten gaan in hun zoektocht naar “gecoördineerd inauthentiek gedrag”, oftewel accounts die gecoördineerd en bewust misleiden, vanaf deze week zes weken lang activiteit op Facebook, Instagram en Twitter monitoren en analyseren.

Het project wordt uitgevoerd door het bedrijf DROG, dat de resultaten online zal publiceren. “We willen kijken wat in het publieke debat aan de orde komt en welke onderwerpen onevenredig uitgevoerd worden door mensen met bepaalde belangen”, legt Marije Martens van DROG uit.

“Als we iets zien waarvan we weten dat het een politieke speelbal kan zijn, kunnen we dat gaan monitoren en analyseren”, zegt de bij het project betrokken adviseur en onderzoeker Robert van der Noordaa. Met zijn bedrijf levert Van der Noordaa de speciaal voor dit soort onderzoek ontwikkelde software Trollrensics, waarmee de onderzoekers de sociale media kunnen monitoren en analyseren.

Demissionair minister Kajsa Ollongren (Binnenlandse Zaken) waarschuwde in de afgelopen jaren meerdere malen voor desinformatie op sociale media.

Een voorbeeld van een politiek gemotiveerde operatie werd in 2018 aan het licht gebracht via publicaties in NRC en De Groene Amsterdammer. Daardoor werd bekend dat desinformatie uit Rusland zich op Nederland heeft gericht.

Omvang van het probleem niet duidelijk

Het is op dit moment niet duidelijk hoe groot de omvang van het probleem precies is. Het doel van het onderzoek van de komende weken is duidelijk maken of rond de verkiezingen van 17 maart zogenoemde botnetwerken of trollenlegers actief zijn, aldus het ministerie.

“We weten zeker dat er wat is, en dat er wat gaat komen”, zegt Van der Noordaa, die ook in De Groene over het Ruslandonderzoek publiceerde. “Het is simpel om een trollenleger op te tuigen, maar je kunt er vrij makkelijk veel invloed mee uitoefenen.”

“Het onderzoek kan twee kanten opgaan: dat we veel organisaties vinden die aan het rommelen zijn, maar ook dat we weinig vinden”, concludeert de onderzoeker. “In principe is dat laatste ook wat je wil: ik zie liever niet dat anderen zich op deze manier met de verkiezingen aan het bemoeien zijn.”