Een hondenkar rijdt voor de Delftse Poort langs, 1908

De Delftse Poort in Rotterdam was een stadspoort waarvan de laatste in 1764 werd gebouwd naar een ontwerp van architect Pieter de Swart. Het was reeds de derde poort op die plaats: de voorgaande twee waren wegens bouwvalligheid gesloopt. De eerste poort werd in de Middeleeuwen gebouwd en kreeg de naam de Noorderpoort en had een voorpoort. De tweede St. Joris- of Delftse Poort werd in 1545 gebouwd.
In de jaren 30 van de 20e eeuw stond de poort in de weg: Rotterdam wilde een betere doorstroming van het toenemende verkeer. Men besloot de poort zo’n honderd meter te verplaatsen (afbreken stuitte op te veel weerstand). In 1939 begon men met de verplaatsing van het geheel. De onderbouw was in 1940 gereed, tijdens het bombardement werden zowel dit gedeelte als de opgeslagen beeldhouwwerken beschadigd. Een jaar later werd besloten dat “naar het inzicht van de meerderheid van de geraadpleegde deskundigen de poort niet meer afgebouwd kon worden en moest zij geheel verdwijnen”. Enkele sierwerken werden gered. De leeuw die het stadswapen van Rotterdam flankeerde aan de noordzijde van de Delftse Poort, is jarenlang zoek geweest en in Blaricum teruggevonden door leden van de Nieuwskelder. Op 9 september 1976 is dit exemplaar teruggegeven aan de Rotterdamse gemeenschap, waarna het zich jaren lang in de gevel van pand nr. 65 A aan de Coolsingel te Rotterdam heeft bevonden.
Vijftig jaar later werd er op nagenoeg de oorspronkelijke plaats van de Delftse poort aan het Pompenburg een reconstructie in staal opgericht, ontworpen door de kunstenaar Cor Kraat. Rond de poort zijn enkele restanten opgesteld van de gebeeldhouwde ornamenten die de oorspronkelijke poort sierden, waaronder ook de leeuw.
De fotograaf is Henri Berssenbrugge en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.
Met medewerking van Rotterdam van toen
No votes yet.
Please wait...