Remco Evenepoel gaat donderdag niet meer van start in de achttiende etappe van de Giro d’Italia. Het Belgische toptalent kwam woensdag lelijk ten val in een afdaling en blijkt daarbij meerdere kneuzingen te hebben opgelopen.

De 21-jarige renner stapte na de val wel weer op zijn fiets en reed de etappe uit, maar kwam op de Sega di Ala ruim 36 minuten na ritwinnaar Daniel Martin over de streep.

Onderzoek na de etappe wees uit dat Evenepoel weliswaar niets heeft gebroken, maar wel zwaar gehavend is. Er werden onder meer een kneuzing in zijn linkerhand en in zijn knieschijf en een gekneusde rib geconstateerd. Ook heeft hij meerdere schaafwonden.

Zijn ploeg Deceuninck-Quick-Step komt tot de conclusie dat het voor Evenepoel niet verstandig zou zijn om zijn eerste grote ronde uit te rijden. Hij kan volgens de ploeg beter terugkeren naar België om daar te herstellen en toe te werken naar zijn andere grote doelen dit seizoen.

“Het heeft geen zin om met deze pijn door te rijden”, zegt ook Evenepoel zelf. “Dus ga ik terug naar huis om daar nog wat scans te ondergaan. Natuurlijk is het jammer om mijn eerste grote ronde op deze manier te beëindigen, maar het was een mooie ervaring en ik hoop hier ooit terug te keren.”

Evenepoel leek op de eerste rustdag nog de belangrijkste uitdager te worden van rozetruidrager Egan Bernal. Na wat mindere dagen was hij echter al weggezakt naar de negentiende plaats in het algemeen klassement.

Vorig jaar augustus kwam Evenepoel zwaar ten val in de Ronde van Lombardije. Hij raakte toen bij een afdaling een muurtje en viel in een ravijn. Daarbij liep de renner een bekkenbreuk en een kneuzing aan zijn rechterlong op.