Chris Froome verschijnt later deze maand niet aan de start van de Vuelta a España. De 36-jarige Brit liet weten dat hij de Spaanse wielerronde aan zich voorbij laat gaan omdat hij zich vanwege ziekte niet optimaal kan voorbereiden.

“Ik begin me weer een beetje beter te voelen, maar ik wil niet overhaast een nieuwe grote ronde rijden als ik me niet optimaal voorbereid voel”, zegt Froome woensdag tegen Cyclingnews. “Ik kijk uit naar de rest van het seizoen nu de problemen die me dit jaar hinderden zijn opgelost.”

Froome deed dit jaar voor het eerst sinds 2018 weer mee aan de Tour de France, waarin hij op een anonieme 133e plaats in het klassement eindigde. De vorige twee edities van de Franse wielerronde miste hij door een harde val tijdens de verkenning van een tijdrit in het Critérium du Dauphiné en het daaropvolgende lange revalidatieproces.

Na de voorbije Tour had de viervoudig Tour-winnaar last van gezondheidsproblemen. Hierdoor kon hij niet voluit trainen om zich voor te bereiden op de Vuelta, die hij in 2011 en 2017 won. Vorig jaar deed hij ook mee in Spanje, maar moest hij zich tevredenstellen met de 98e plaats in het eindklassement.

Volgens Cyclingnews zal Froome in plaats van de Vuelta de Ronde van Duitsland (26-29 augustus) rijden en later dit jaar ook meedoen aan de Ronde van Lombardije (9 oktober). Zijn ploeg Israel Start-Up Nation moet zijn programma nog wel bekendmaken.

De Vuelta gaat op 14 augustus van start in Burgos en eindigt op 5 september met een individuele tijdrit naar Santiago de Compostela. Jumbo-Visma-renner Primoz Roglic verdedigt zijn titel.