Nu we door het coronavirus steeds meer aan huis gekluisterd zijn, spelen kinderen steeds vaker videogames. Niet alle ouders zijn daar blij mee, maar gamen kan ook goed zijn voor de sociale ontwikkeling van jongeren.

“Uit onderzoek blijkt dat kinderen vooral geïnteresseerd zijn in games waarin je mét elkaar, of tégen elkaar speelt”, zegt psycholoog en journalist Deirdre Enthoven. Zij schreef het boek Mijn gamende kind voor ouders van gamende kinderen.

“In games moet je vaak samenwerken en heb je veel interactie. Daarvan kunnen kinderen veel van leren, bijvoorbeeld hoe je met anderen moet communiceren. Ook leren ze samenwerken en hoe ze moeten omgaan met winnen en verliezen. Gamen is een positieve stimulans om dit soort vaardigheden te leren”, legt Enthoven uit.

Samen spelen kan tot betere vriendschap leiden

Uit onderzoek van Geert Verheijen van de Radboud Universiteit blijkt hetzelfde. Tijdens een van de studies werden spelers gefilmd terwijl ze Mario Kart speelden. Duo’s speelden het Nintendo-racespel op drie verschillende manieren: alleen, tegen elkaar en samenwerkend. Juist bij een competitief spel leidde dat tot een betere vriendschap als ze elkaar complimenten en adviezen gaven.

Gamen kan ook kinderen helpen die normaal gesproken verlegen zijn of moeilijk contact leggen, zegt Enthoven. “Contact maken met een ander via een game is laagdrempelig. Je speelt met gelijkgestemden; namelijk met mensen die het spel ook leuk vinden. Dat schept een band.”

De sociale vaardigheden die kinderen online leren, kunnen ze vervolgens ook offline – in het echte leven – toepassen. Maar het is ook belangrijk om offline vrienden te hebben, zegt Enthoven. “Je leert veel van gamen, maar veel ook niet. Non-verbale communicatie vindt tijdens het gamen bijvoorbeeld niet plaats, terwijl dat wel belangrijk is. Online contact is dus geen vervanging van offline contact.”

Niet blindstaren op schermtijd

Sociaal of niet, sommige ouders zijn bang dat hun kinderen van al dat gamen vierkante ogen krijgen. Liever zien ze dat hun kinderen buiten gaat voetballen met vriendjes. Daar valt natuurlijk iets voor te zeggen, maar volgens Enthoven heeft het geen zin om je als ouder blind te staren op schermtijd.

“Ik zou zeggen: laat dat een beetje los. Door de lockdown zien ze weinig vriendjes, maar via games kunnen ze toch contact houden met elkaar. Natuurlijk moet je wel in de gaten houden of het niet uit de hand loopt en of het geen verslaving wordt. School, bewegen en goed slapen zijn belangrijk. Zeg eigenlijk: je mag onbeperkt gamen, maar deze dingen moeten ook of eerst gebeuren.”

Verder helpt het ook om je te verdiepen in de games die je kind speelt. “Je hoeft niet per se zelf mee te spelen als je daar niet van houdt, maar het helpt wel om interesse te tonen in de games. Je kunt je kind bijvoorbeeld vragen wat voor spel ze spelen en wat er leuk aan is.”