De Nederlandse handballers zijn het EK donderdag begonnen met een stunt. De ploeg van bondscoach Erlingur Richardsson was in een spannend duel in Boedapest met 31-28 te sterk voor gastland Hongarije.

Oranje begon goed aan de wedstrijd in de volgepakte MVM Dome (twintigduizend toeschouwers) en sloeg in een mum van tijd een gat van vier doelpunten. Die voorsprong werd mede dankzij uitstekend keeperswerk van Bart Ravensbergen probleemloos vastgehouden en halverwege was de stand 13-10 in het voordeel van Nederland.

Onder aanvoering van Kay Smits (topscorer met elf doelpunten) en Dani Baijens behield de formatie van Richardsson in de tweede helft lange tijd de leiding, maar twee minuten voor tijd kwamen de Hongaren op gelijke hoogte (28-28). In de slotfase werd de winst alsnog veiliggesteld.

Hongarije werd vorig jaar vijfde op het WK, terwijl Nederland pas voor de tweede keer meedoet aan het EK. Bij het debuut in januari 2020 was de groepsfase het eindstation.

Oranje vervolgt het EK zondag tegen IJsland. Dinsdag is Portugal de laatste tegenstander in de groepsfase. De eerste twee landen in elke poule gaan door naar de zogenoemde hoofdronde. Het EK in Hongarije en Slowakije is donderdag van start gegaan en duurt tot 30 januari. Spanje is titelverdediger.

Oranje had coronazorgen in aanloop naar het EK

De voorbereiding van Oranje op het EK verliep niet vlekkeloos. Ephrahim Jerry en Florent Bourget vielen weg vanwege coronabesmettingen en een laatste oefenwedstrijd tegen Zweden werd afgeblazen.

Niettemin reisden de manschappen van Richardsson vol vertrouwen af naar Boedapest. Het Nederlands team is geen topploeg in Europa, maar Oranje ontwikkelt zich de laatste jaren sterk.

De knappe overwinning op Hongarije – het was de eerste zege op het Oost-Europeaanse land na negentien nederlagen en één gelijkspel – is een nieuw bewijs van de vooruitgang.

Bron: NU.nl/ANP