De Songfestival-commissie in Oekraïne moet op zoek naar een nieuwe afgevaardigde voor het komende Eurovisie Songfestival in Italië. Zangeres Alina Pash, die zaterdag de nationale voorronde won, heeft zich woensdag teruggetrokken.

De deelname van Pash kwam onder druk te staan omdat ze in 2015 op de Krim, het schiereiland dat in 2014 door Rusland werd geannexeerd, zou zijn geweest. Oekraïense Songfestival-artiesten mogen volgens de regels van omroepen NTU en UA:PBC na de annexatie niet meer op de Krim zijn geweest. Pash zou hiervoor reisdocumenten hebben vervalst.

In een boodschap op Instagram stelt Pash dat het haar allemaal te veel is geworden en dat ze geen onderdeel wil zijn van dit verhaal. “Ik wil deze virtuele oorlog en haat niet. De belangrijkste oorlog is nu een externe, die in 2014 naar mijn land kwam”, aldus de zangeres.

Het is niet bekend wie nu namens Oekraïne naar Turijn gaat. Mogelijk gaat de nummer twee van de voorronde. De Songfestival-commissie neemt daar naar verwachting vrijdag een besluit over, melden Oekraïense media.

Relatie Rusland en Oekraïne speelde eerder rol op Songfestival

Het is niet de eerste keer dat de problematische relatie tussen Oekraïne en Rusland invloed heeft op het Songfestival. Zo boekte Oekraïne in 2016 een gevoelige zege met een lied dat ging over de deportatie van de circa 200.000 Krim-Tataren in 1944 door het schrikbewind van de toenmalige dictator van de Sovjet-Unie, Josef Stalin.

Een jaar later trok Rusland zich terug toen Oekraïne als gastland de komst van zangeres Yuliya Samoylova blokkeerde omdat ze had opgetreden op de Krim. De European Broadcasting Union (EBU) besloot daarop dat politieke propaganda tijdens het Songfestival voortaan verboden is.

In 2019 wilde singer-songwriter Maruv niet meer namens Oekraïne meedoen. Ze wilde destijds niet het “wurgcontract” tekenen dat UA:PBC haar voorschotelde. Zo mocht ze zich niet meer mengen in politieke zaken en zou ze ook niet meer in Rusland mogen optreden. De andere artiesten uit de voorrondes waren solidair met haar, waardoor Oekraïne geen afgevaardigde kon vinden.