De Atletiekunie is redelijk tevreden over de prestaties van de Nederlandse atleten bij de WK in Eugene, ook al is niet aan de ambitie voldaan. De oranje equipe veroverde vier medailles en dat is een evenaring van het record van het WK van 2017 in Londen.

“De ambitie was vijf medailles en twaalf finaleplekken. Het zijn vier medailles geworden en negen keer een finale”, zegt Ad Roskam, technisch directeur van de Atletiekunie.

Na vier dagen had Nederland dankzij de 4×400 meter mixed estafette (zilver), kogelstootster Jessica Schilder (brons) en meerkampster Anouk Vetter (zilver) al drie medailles, waarna in de laatste zes dagen maar één medaille werd gepakt. Femke Bol liep naar zilver op de 400 meter horden.

“De eerste helft van de WK beoordeel ik met een 9,5 en de tweede helft met een 5”, vervolgt Roskam. “Dan zit je gemiddeld op een zeventje.”

Bekijk de zilveren WK-race van Bol met een wereldrecord van McLaughlin

‘Sifan heeft een logische verklaring’

Vergeleken met eerdere WK’s is vier medailles zeker niet slecht, maar gelet op de Spelen van Tokio van vorig jaar is het wel een terugval. In Japan eindigde Nederland op acht olympische plakken, waaronder twee keer goud voor Sifan Hassan. Toch maakt Roskam zich geen zorgen.

“Het niveau van de Nederlandse atletiek is niet omlaaggegaan, maar op de Spelen zat alles mee. Het ene toernooi is het andere niet. Het verschil is ook dat Sifan toen drie medailles pakte en hier nul. Daar heeft ze een logische verklaring voor.”

Hassan koos er na de Spelen voor om lang rust te nemen en pakte pas een paar weken voor de WK het trainen op. Het was nog net geen tussenjaar. De komende seizoenen wil ze weer volle bak trainen en toeslaan op de grote toernooien.

Anouk Vetter met haar zilveren medaille.
Anouk Vetter met haar zilveren medaille.

‘Schilder en Van Klinken waren subliem’

Als positieve uitschieters noemt Roskam Schilder – ze pakte als eerste Nederlandse vrouw ooit een WK-medaille bij het kogelstoten – en Jorinde van Klinken, die als vierde eindigde bij het discuswerpen.

“Met Jorinde en Jessica hebben we twee nieuwe meiden in de wereldtop. Het is subliem wat ze gedaan hebben. Het is al langer mooi weer in de Nederlandse atletiek, alleen de tweede helft van dit WK was even minder.”

Op de medaillespiegel eindigde Nederland dit WK op de dertigste plek. Dat komt vooral doordat er geen goud gewonnen is en dat zwaarder telt dan drie keer zilver. De Verenigde Staten was met dertien keer goud, negen keer zilver en elf keer brons veruit het succesvolste land.

Nederlandse medailles op laatste 6 WK’s

  • 2022: 4 medailles (3 keer zilver, 1 keer brons)
  • 2019: 2 medailles (2 keer goud)
  • 2017: 4 medailles (1 keer goud, 3 keer brons)
  • 2015: 3 medailles (1 keer goud, 1 keer zilver, 1 keer brons)
  • 2013: 2 medailles (1 keer zilver, 1 keer brons)
  • 2011: geen medailles