Category Archives: Katendrecht

Rijnhaven 1975

De Rijnhaven is een havenbekken in Rotterdam. De Rijnhaven is één van de oudste havens op de zuidoever van de Nieuwe Maas. De aanleg duurde van 1887 tot 1895. De oppervlakte is 28 ha.

Ze werd in eerste instantie gegraven als berghaven voor Rijnschepen, voornamelijk in de winter als de zeeschepen hun lading moesten lossen en de Rijnschepen door bevriezing van de bovenrivieren de Rijn niet konden opvaren. In zijn rapport van 16 juli 1888 schrijft de Directeur der Gemeentewerken, G.J. de Jongh, hierover:

“Bij mijn rapport van de 11 den Januari 1887 wees ik op de noodzakelijkheid welke er toen bestond om een havenbassin te graven, waar de Rijnschepen, voornamelijk des winters, in zouden kunnen worden geborgen. De naar aanleiding van dit rapport gegraven Rijnhaven, heeft dezen winter reeds uitstekende diensten bewezen. De Havenmeester zou zeker niet in staat geweest zijn de vloot van Rijnschepen een goede ligplaats te bezorgen, zoo dit bassin, zij het ook toen nog in onvoltooiden toestand, niet aanwezig ware geweest. In bovengenoemden rapport zeide ik o.a. het volgende: ‘Blijft het transitoverkeer toenemen, dan kan, wanneer de in de rivier liggende boeien geen plaatsruimte genoeg meer aanbieden, de haven door geheele of gedeeltelijke uitdieping geschikt gemaakt worden tot het opnemen van de grootste zeeschepen.’ Blijkens het rapport van den Havenmeester is dit tijdstip thans aangebroken.”

De Rijnhaven werd daardoor uiteindelijk een haven voor de overslag van massagoed ‘op stroom’, dat wil zeggen los van de kade.

Inmiddels heeft de haven zijn overslagfunctie verloren, en werd het vooral een ligplaats voor binnenvaartschepen. De Rijnhaven is tegenwoordig gesloten voor de binnenvaart en de pontons zijn verplaatst naar de Maashaven. De schepen die er nog wel varen, komen om te lossen bij Codrico.

Door nieuwe stedenbouwkundige ontwikkelingen op de Kop van Zuid en Katendrecht is het gebied rondom de Rijnhaven drastisch vernieuwd. Veel van de oude pakhuizen zijn gesloopt om plaats te maken voor hoogbouw. Langs de zuidkant van de haven staan nog wel diverse pakhuizen.

Langs de haven ligt het station Rijnhaven van lijn D en lijn E van de Rotterdamse metro.

De fotograaf is Lex de Herder en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Wagenveer 1930 Katendrecht-Veerhaven

Een wagenveer op de Nieuwe Maas, ter hoogte van de Katendrechtse Veerdam, varend naar de Veerhaven, 1930. Op de achtergrond Museum voor Land-en Volkenkunde aan de Willemskade.

Het Wagenveer was een veerverbinding over de Nieuwe Maas in Rotterdam. De Koninginnebrug die in 1878 was geopend had ernstige capaciteitsproblemen. Daarom werd op 1 juni 1911 het wagenveer tussen de Willemskade en Katendrecht in gebruik genomen. Het wagenveer werd uitgevoerd met stoomponten met een verstelbaar rijdek.

Een tweede wagenveer werd in gebruik genomen op 9 september 1927 tussen de Parkkade en Charlois. Na de opening van de Maastunnel werd het wagenveer buiten gebruik gesteld.

In 1944 heeft de Duitse bezetter twee ponten van het wagenveer in de Dordtse Kil tot zinken gebracht om een eventuele geallieerde opmars te bemoeilijken.

Na de oorlog zijn de wagenveren tot 1967 ingezet tussen Vlaardingen en Pernis. Toen de Beneluxtunnel werd geopend is ook deze verbinding buiten gebruik gesteld. Een van de wagenveren heeft daarna nog tot 1979 dienstgedaan als blusfort bij het Gemeentelijk Havenbedrijf van Rotterdam.

De Veerhaven is een haven op Rechter Maasoever waar voorheen het veer op Katendrecht aanlegde. In 1599 kreeg de stad dit veer tussen Katendrecht en Coolhoek voor 10 gulden per jaar in erfpacht van de Ridderschap, Edelen en Steden van Holland en West-Friesland. De stad kocht in 1849 voor 150 gulden die recognitie af. Coolhoek was het gedeelte van Schielands Hoge Zeedijk, waar deze zich bij het Vasteland ombuigt naar het westen. Het veer is later zuidelijker verplaatst, toen het Nieuwewerk bij de stad is getrokken. In 1708 werd gesproken van de nieuwe pont op het tolhuis. Het werd toen Ponteveer genoemd en het haventje aldaar, dat door de aanleg van het Tweede Nieuwewerk naar het zuiden verlegd moest worden, eerst Pontegat, later Veerhaven. In 1827 werd het maken van de Veerdam en het graven van de Kleine Veerhaven of Nieuwehaven aanbesteed. Deze haven is in 1910/11 gedempt. De Veerhaven is in de jaren 1852-1854 gegraven. De Linker Veerdam en Linker Veerhaven ontvingen deze bijvoeging omdat ze op de Linker Maasoever liggen. De Veerlaan loopt over het schiereiland Katendrecht naar de Linker Veerdam.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam en van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Tolhuislaan 1972

De Tolhuislaan op Katendrecht, 1 juni 1972.

Deze laan heet naar het voormalige tolhuis dat daar ter plaatse aan de Dordtsestraatweg of Oudeweg stond. De Tolhuisstraat heette voor 1895 deels Boven-Oudeweg, deels Beneden-Oudeweg of Stoep. De laatste was feitelijk een aflopende straat van de verdwenen Vildersteeg naar de Oudeweg.

De naam Katendrecht of Kattendrecht zou, volgens sommigen, zijn afgeleid van de Katten (Catten), een Duitse volksstam die omstreeks het begin van onze jaartelling in dit gebied zou hebben gewoond. Volgens anderen moet de naam in verband worden gebracht met het Zeeuwse geslacht Cats, dat hier veel bezittingen zou hebben gehad. Ook wordt het woord in verband gebracht met caten (koten, eenvoudig of klein huis). Drecht betekent veer of waterloop.

In 1199 is voor het eerst sprake van een ambacht Katendrecht, dat behoorde aan de heer van Putten. Bij dijkdoorbraken in 1373 en 1374 overstroomde geheel Katendrecht. In 1375 gaf hertog Aelbrecht van Beieren opdracht aan de ambachtsheer om het land opnieuw te bedijken. Jacob van Gaesbeek, heer van Putten, verleende in 1410 aan Wolphaert Jansz. en Jan Wolphaertsz. vergunning om een nieuw zomerland in Katendrecht te bedijken. Dit wordt later vermeld als Jacob Potsland of Oud-Katendrecht. In tegenstelling tot Meester Arend van der Woudensland of Nieuw-Katendrecht (het opnieuw bedijkte gedeelte na de doorbraak in 1463). De bedijkers kregen in 1410 meteen de ambachtsheerlijkheid in leen. In 1766 was deze langzamerhand geheel in handen van de stad Rotterdam gekomen.

Het dorp Katendrecht is als gemeente van 1811 tot 1816 met Charlois verenigd. Daarna was het tot 1874 een zelfstandige gemeente. Vervolgens werd het weer verenigd met Charlois. Tenslotte zijn Charlois en Katendrecht in 1895 een deel van Rotterdam geworden. Het graven van de Maashaven tussen 1895 en 1905 had tot gevolg dat het grootste gedeelte van het oude dorp Katendrecht van de aardbodem verdween. Wat resteerde was een schiereiland tussen de Rijn- en de Maashaven, dat de huidige wijk Katendrecht vormt en in de volksmond bekend staat als De Kaap. In het ten noorden van Katendrecht buitendijks gelegen gorzengebied werden in de jaren 1887/88 en 1895/96 twee havens gegraven, de 1ste en 2de Katendrechtsehaven. De eerste haven werd in de jaren tachtig van de 20ste eeuw gedempt. De Katendrechtsestraat heette voor 1900 Katendrechtschedijk.

De fotograaf is Lex de Herder en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen