Category Archives: Spangen

Scorebord Sparta bij de wedstrijd Sparta-Eindhoven stand 6-0, 1956.

Scorebord bij de wedstrijd Sparta-Eindhoven met de stand 6-0, 28 oktober 1956.

Uit Het Vrije Volk van 29 oktober 1956:
ER IS FEEST op ‘t Kasteel; blijdschap in de harten van de Sparta-supporters. De roodwitten, sterk op eigen Rotterdamse bodem, behaalden een fiere 6 – 0 overwinning op Eindhoven. De grauwe somberheid van de vorige weken werd in deze snelle overrompelende wedstrijd met een half dozijn voortreffelijke doelpunten uitgewist…

Eindhoven, zwak in de defensie, traag in de voorhoede, werd door de vurige Spartanen volkomen van het veld gespeeld. De 15.000 toeschouwers zagen slechts de onuitblusbare aanvalslust van de Rotterdammers, hun rappe combinaties afgewisseld met razende solo’s van de buitenspelers Van Ede en Geel.

Daniëls, middenvoor, scoorde drie uitstekende doelpunten. Geel, Van Ede en Verhoeven namen het andere drietal voor hun rekening en zij drukten daarmee de grenzeloze activiteit van de gehele aanvalslinie uit.

Bosselaar en Benningshof speelden zoals binnenspelers betaamt: onvermoeibaar zwoegend, voortdurend met goede passes paniek zaaiend in het zuidelijk defensieblok.

De blauw-witte verdedigers raakten reeds in de eerste minuten hun zekerheid kwijt; Een fel doorzettende Benningshof (hij is zijn plaats volkomen waard!) drong door in het strafschopgebied en lanceerde uit een moeilijke positie een lage voorzet. Linksback Tebak en stopper Van Kemenade stonden elkaar in de weg. Tussen de benen van de spil door rolde de bal verder. En daar stond Daniëls. Zijn schot was half-hoog, hard en zuiver! (1—0).
Benningshof zelf knalde van verre afstand op de paal, de goed spelende rechtshalf Verbeek loste een schot, waarmee de jonge Eindhoven-goalie Heijink alle moeite had.

Het Sparta-bombardement verslapte slechts even om doelman Van Dijk gelegenheid te geven een heldenrol te spelen. Driemaal achtereen stond hij pal in de baan van schoten van zuidelijke aanvallers. Een stoere kopbal van middenvoor Louwers (na rust linksbuiten) werkte hij weg, maar voor de voeten van Tielens, die opnieuw inschopt. Van Dijk redde. Ten slotte probeerde Snoek het nog een keer, maar weer die keeper…

Hoofdschuddend trokken de Eindhovenaren terug. Zelfs het uitvallen van Terlouw (beenblessure) kon hen niet inspireren. Zij merkten trouwens snel, dat Hans de Koning ook een stopper van betekenis is. En invaller linkshalf Verhoeven was ook geen verzwakking.

De zuidelijken konden het hoofd blijven schudden. Zij zagen verbaasd toe hoe linksbuiten Peet Geel een formidabele rush ondernam, nadat hij door een pass van Benningshof in de vrije ruimte kwam. Hij omspeelde ook doelman Heijink en het was 2 – 0.

Nog voor rust toen Bosselaar een bekende dieptepass afgaf, die Tebak verkeerd beoordeelde. Daniëls liep door en scoorde heel goed. Tebak verliet kort daarna het veld (Vlemmix nam zijn plaats in). Trouwens alle spelers verlieten de kokende arena, want het was rust.

In de tweede helft geen Eindhovens herstel. Steeds minder bleken Louwers, Snoek c.s. in staat De Koning en zijn makkers te verontrusten, steeds minder vat kreeg de defensie op de niet te stuiten aanvallen van Sparta.

Het doelpuntenfestijn werd na 20 minuten voortgezet toen Tony van Ede (prachtig op dreef) weergaloos snel langs de lijn snelde en van verre voorzette. Keeper Heijink kon er niet bij. Rechtsback v. d. Boomen miste en Verhoeven knalde raak (4 – 0)

Van Ede toonde het verrukte publiek, dat zat te genieten in het heerlijke zonnetje, zijn uitgelezen sprinterskwaliteiten. Hij ving een fraaie hoge pass van Lou Benningshof op, schudde linkshalf Visscher van zich af, gleed vervaarlijk het strafschopgebied binnen en passeerde de arme doelman kansloos (5 – 0).

Weer speelde Van Ede een rol van betekenis, toen hij goed afgaf aan zijn middenvoor Daniëls, die zeer beheerst en zuiver het zesde, klassieke, doelpunt op zijn naam bracht (6 – 0).
En nog wisten de Spartanen niet van ophouden. Zij streden in dit eerlijke, mannelijke duel tot de laatste minuut op volle kracht. Gelukkig bleven ook de zuidelijken vechten voor een doelpunt, waarmee althans een stukje van de eer gered zou zijn. Het lukte niet. Jammer voor de dappere vechters uit het zuiden, die hun bijdrage leverden om deze zondag tot een gloriedag voor Sparta te maken. Een gloriedag, waar rood-wit op heeft zitten wachten, omdat daarmee de periode van herstel ingeluid kan worden.

De fotograaf is Ary Groeneveld en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt uit Het Vrije Volk van 29 oktober 1956 via delpher.nl

Met medewerking van Rotterdam van toen

Spartastraat 1929

Gezicht in de Spartastraat met rechts het Kasteel, 1929.

Sparta-Stadion “Het Kasteel” is het stadion van de Nederlandse betaald-voetbalclub Sparta Rotterdam. Het ligt in de Rotterdamse wijk Spangen.

De eerste versie van het Kasteel werd gebouwd in 1916, naar een ontwerp van de architecten J.H. de Roos en W.F. Overeijnder. Het eerste voetbalstadion van Nederland werd geopend op zondag 15 oktober 1916. De openingswedstrijd op ‘de Sparta Burcht’ werd gespeeld tegen Willem II. In de loop der jaren werden de tribunes van “Stadion Spangen” diverse malen vernieuwd c.q. uitgebreid maar de meest ingrijpende renovatie vond plaats in 1998-99: het stadion werd toen bijna volledig herbouwd volgens een ontwerp van architectenbureau Zwarts & Jansma. Het veld werd daarbij een kwartslag gedraaid, waardoor “Het Kasteel” nu deel uitmaakt van de Kasteeltribune aan de lange zijde van het stadion, terwijl het eerst aan de korte kant van het stadion gelegen was. Het nieuwe stadion werd gedoopt tot Sparta-Stadion “Het Kasteel”. Het heeft een capaciteit, na enkele kleine wijzigingen, van op dit moment 10.599 plaatsen. Het Stadion werd geopend met een vuurwerk- en lasershow en een wedstrijd tegen Glasgow Rangers, die in 0-0 eindigde.

Het Kasteel had ook bewoners. Er woonden verschillende mensen in die de functie van terreinmeester vervulden. De laatste bewoners was een familie Kiss, die er woonde van 1969 tot 1991.
“Slechts” het gebouw met de twee torentjes, waaraan het complex al decennialang zijn bijnaam Het Kasteel dankte, bleef bij de verbouwing van 1999 behouden, inclusief het bouwaardewerk van Willem Coenraad Brouwer. Dat gebouwtje werd in november 2004 aangekocht door de zakenman Hans van Heelsbergen die behalve directeur van de textielketen Hans Textiel ook voorzitter van Sparta Rotterdam was. Van Heelsbergen opende er een horecagelegenheid, en een Sparta-museum

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Schiedamseweg 1923

Schiedamseweg met het klooster Regina Pacis in aanbouw aan het Willem Beukelszplein, 1923-1927. Rechts het politiebureau.

De Schiedamseweg is de naam van de weg, die van Delfshaven naar Schiedam loopt. Bij besluit B&W 19 mei 1933 werd deze naam eveneens gegeven aan het gedeelte van de Mathenesserdijk tussen Marconiplein en de grens van Schiedam.

Het Willem Beukelszplein is vernoemd naar Willem Beukelsz. van Biervliet. Hij was een visser, die omstreeks 1397 het haringkaken uitvond. Het plein heeft bestaan van 1920 tot 1952.

Uit het Rotterdamsch Nieuwsblad van 28 april 1930:
Het nieuwe klooster ‘Regina Pacis’, van de broeders van de Onbevlekte Ontvangenis, die met het onderwijs voor de jongens zijn belast, op het Willem Beukelszoonplein in Spangen. Het is gebouwd naar teekening van architect Jos Margry en vorige week door den deken van Rotterdam, kanunnik J.W. van Heeswijk, plechtig ingezegend.

De foto komt uit de fotocollectie van het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam en van delpher.nl

Van Lennepstraat 1918

Nederlandse Hervormde Kerk Kapel Spangen op de hoek van de Van Lennepstraat en de Betje Wolffstraat, 1918-1922.

Van Lennep, lid van de familie Van Lennep, was een zoon van de classicus en dichter David Jacob van Lennep (1774-1853) en Cornelia Christina van Orsoy (1778-1816). Hij studeerde rechten aan de Universiteit Leiden en verwekte aldaar op 20 jarige leeftijd bij een adellijke vriendin een buitenechtelijk kind, Geertrui Elisabeth Tulle, die vervolgens door een min werd opgevoed. In 1823 maakte hij met zijn studiegenoot Dirk van Hogendorp een voetreis door de Noordelijke – protestante – Nederlanden. In 1824 studeerde hij af en trouwde datzelfde jaar, tegen de zin van zijn vader, met jkvr. Henriëtte Röell, dochter van de Minister van Staat baron Willem Frederik Röell (1767-1835), waarna zij beiden zich in Amsterdam vestigden.

In 1829 werd Van Lennep benoemd tot rijksadvocaat. Een jaar later verhuisde hij naar de Keizersgracht, tegenwoordig nummer 560, waar hij tot zijn dood bleef wonen. In 1834/35 steunde hij de naar Engeland gevluchte dichter Gerrit van de Linde, beter bekend als de schoolmeester. In 1840 was hij de initiator van een duinwaterleiding tussen Bloemendaal en Amsterdam. Daaruit zou de Amsterdamsche Duinwater-Maatschappij ontstaan. Van 1853 tot 1856 was hij lid van de Tweede Kamer. Hij overleed in 1868 op 66-jarige leeftijd in Oosterbeek, waar hij op de Oude Begraafplaats begraven ligt.

Betje Wolff (Elizabeth Wolff-Bekker, Vlissingen, 24 juli 1738 – Den Haag, 5 november 1804) was een Nederlands schrijfster, vooral bekend van haar samen met Aagje Deken geschreven briefromans.

Betje Bekker werd geboren in een gegoede calvinistische familie. Ze had een onstuimig karakter en vrijzinnige ideeën.

Ze trouwde op 18 november 1759 met de 52-jarige dominee en weduwnaar Adriaan Wolff uit de Beemster. Zijn enige dochter uit zijn eerste huwelijk vertrok meteen het huis uit. Het nieuwe echtpaar bleef kinderloos.

In 1763 debuteerde zij met de bundel Bespiegelingen over het genoegen. In 1777, na de dood van haar echtgenoot, ging Wolff samenwonen met Aagje Deken en begonnen zij gezamenlijk te publiceren. In 1778 verhuisden Wolff en Deken naar De Rijp Rechtestraat 36 en later naar Rechtestraat 40, waar een gevelsteen geplaatst is met de tekst “Hier woonden Elisabeth Wolff-Bekker en Agatha Deken in 1780-1781′. Na het krijgen van een erfenis in 1782 door Aagje Deken vestigden ze zich in Beverwijk aan de Peperstraat 17. Ze werkten daar in het tuinhuis ‘Lommerlust’ aan hun boeken. Hun grootste successen waren de briefromans De Historie van mejuffrouw Sara Burgerhart (1782) en Historie van den heer Willem Leevend (1784-1785).

De foto komt uit de fotocollectie van het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen