De Lichthal van de Bijenkorf aan de Schiedamse Vest, 1932.

De Bijenkorf in Rotterdam van 1930 was een warenhuisgebouw van de Bijenkorf ontworpen door de architect Willem Dudok. Het stond aan Schiedamse Vest, de zuidkant van het toenmalige Van Hogendorpsplein (ten westen van het Schielandshuis), op de plek van het huidige Churchillplein.

Tijdens het bombardement van 14 mei 1940 werd het gebouw grotendeels verwoest. Het deel dat behouden was gebleven (ongeveer een derde) deed tot de opening van het huidige gebouw van de Bijenkorf in 1956 nog dienst als warenhuis, hierna nog drie jaar als opslagruimte. In 1960 werd het op last van de gemeente, feitelijk net dertig jaar oud, gesloopt in verband met de aanleg van de Westblaak en de Rotterdamse metro naar Rotterdam-Zuid.

De grondwerkzaamheden begonnen in 1929 en de eerste paal werd geslagen op 13 juni van dat jaar. De opening op 16 oktober 1930 was een gebeurtenis waar 70.000 mensen op afkwamen. De Bijenkorf van Dudok was voor de oorlog het eerste gebouw in Rotterdam dat de beschikking had over roltrappen en een elektrische vloermat voor het automatisch vegen van den schoenzolen.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Hotel Huize Emma, Eendrachtsplein 1977

De Nieuwe Binnenweg met het hotel Huize Emma aan het Eendrachtsplein, 29 maart 1977. Op de achtergrond achter het gebouw een kraan op de plaats waar de metro wordt aangelegd bij de Rochussenstraat.

Het Eendrachtsplein vormde vóór 1961 een onderdeel van de Eendrachtsweg en de Westersingel. De Eendrachtsstraat heette vóór 1871 Eendrachtslaan. Ze werd omstreeks 1600 aangelegd. In 1667 komt ze voor onder de naam Nieuwe Eendrachtslaan. Misschien dankte ze haar naam aan een herberg, die hier destijds heeft gelegen. Ook is het mogelijk dat hier een blekerij onder de naam ‘de Eendracht’ lag. De laan komt ook voor onder de naam Stuivers- of Stuivertjeslaan, vermoedelijk naar een blekerij of herberg met de naam ‘de Stuiver’ of ‘het Stuivertje’. De Eendrachtsweg werd in de jaren zestig van de 19de eeuw aangelegd langs de Westersingel, een onderdeel van het waterproject van architect Rose.

Al in 1454 liep door de Coolpolder een binnenweg van Rotterdam naar Schoonderloo. Ze werd Coolsche weg of Binnenweg genoemd. De Binnenweg had een afslag naar Delfshaven; het laatste gedeelte komt voor als Schoonderloosche of Delfshavensche weg of Binnenweg, maar heet na 1610 gewoonlijk Geldelooze pad. Hier vandaan liep een uitpad over een vonder of passerel naar de Ossewei en daarover naar het Lage Erf. De bebouwing aan de Binnenweg bij Rotterdam had in de 17de eeuw de tegenwoordige Mauritsstraat bereikt; in 1706 werd dit gedeelte bestraat en met bomen beplant. Pas het graven van de Westersingel bracht hierin verandering. Ten westen daarvan op Delfshavens grondgebied kwamen toen ook straten en sinds 1852 bestaan er plannen om de Binnenweg te verbeteren en een betere verkeersweg te maken tussen Rotterdam en Delfshaven. In 1876 werd daarmee begonnen.

De foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Zalmhuis, Schaardijk 1930

Gezicht op het paviljoen van het Zalmhuis aan de Schaardijk in het Kralingseveer vanaf de Nieuwe Maas, 1930.

Het Zalmhuis is een bouwwerk aan de oever van de Nieuwe Maas ten oosten van de Van Brienenoordbrug en nabij Bedrijventerrein Rivium. De oorsprong van het Zalmhuis begint in 1863 wanneer Adriaan Dekkers aan de Hooge Zeedijk een logement koopt en in de nabijheid ervan op een buitendijks terrein in 1875 een overdekte markt voor de afslag en verkoop van zalm, elft, winde, houting, fint en steur begint.

Als in 1880 Jan van den Akker de uitspanning overneemt bouwt deze in 1896 een paviljoen boven de markt. In 1905 wordt het paviljoen vergroot en op stalen kolommen boven het water gebouwd. In 1955 werd het gesloopt.

Het Zalmhuis is in 2001 herbouwd. Het casco van het nieuwe gebouw heeft veel van de originele details zoals de torentjes en glas in lood. De herbouw staat ongeveeer 75 meter van de originele plek. Het gebouw is nu ongeveer 3 keer zo groot en huisvest een restaurant, een aantal feestzalen, een prachtig terras en een gezellige bar.

Een schaardijk noemt men van oudsher een dijk die vlak langs het water loopt met bijna geen buitendijks land. Schaar of schoor komt voor als oever, kust, of land dat aan de oever of de kust is gelegen.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia en uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

brouwerij van Heineken, Linker Rottekade 1968

De brouwerij van Heineken, 1968 (geschat).

Heinekens Bierbrouwerij Maatschappij is een van origine Amsterdams bedrijf. In 1873 opende het een vestiging in Rotterdam, op de hoek van de Linker Rottekade en de Crooswijksesingel. Daarin had de Rotterdamse ondernemer en politicus Lodewijk Pincoffs de hand, die brouwer Heineken wist over te halen zich ook in Rotterdam te vestigen. Heineken floreerde in Rotterdam en het complex werd regelmatig uitgebreid. Aangezien eenheid ver te zoeken was, werd architect Willem Kromhout gevraagd voor verdere uitbreiding. Tussen 1922 tot 1932 realiseerde hij de 15 meter hoge imposante ziederij, de brouwerij, de betonnen kolentransporteur, de graansilo en een kantoorgebouw van 52 meter lang met een 28 meter hoog trappenhuis. De ziederij en de graansilo voorzag hij van een bijzondere dakkoepel.

In 1968 verhuisde Heineken naar Zoeterwoude en de fabrieksgebouwen maakten plaats voor woningen. De gevel van het markante ziederijgebouw werd in 1980 gereconstrueerd. Het enig overgebleven gebouw van Kromhout is het kantoorgebouw, een rijksmonument met het art déco-interieur uit 1932. Het werd in 2000 gerestaureerd en na de restauratie het Heinekenhuis genoemd. De restauratie werd begeleid door NV Stadsherstel Historisch Rotterdam die eigenaar werd en het gebouw aan verschillende bedrijven verhuurde.

De fotograaf is Ary Groeneveld en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Willemsplein 1989

Gezicht op het Willemsplein met rondvaartbedrijf Spido aan de Nieuwe Maas, 12 juni 1989.

De Willemskade werd in 1847 aangelegd op slikken in het zogenaamde Tweede Nieuwewerk. De erven aldaar werden in 1848 uitgegeven. Kade en plein heetten oorspronkelijk, volgens besluit B&W 3 mei 1850, Westerkade en Westerplein. Naar aanleiding van het bezoek van Koning Willem III op 28 juli 1851, werden de namen gewijzigd.

Spido is een rondvaartbedrijf dat voornamelijk rondvaarten in de haven van Rotterdam organiseert. Spido is een bekende toeristische attractie in Rotterdam. Dagelijks organiseert het bedrijf vanaf de afvaartplaats aan het Willemsplein aan de voet van de Erasmusbrug (centrumzijde) rondvaarten door de havens van Rotterdam en omgeving. Naast havenrondvaarten organiseert Spido dagtochten naar onder andere de Tweede Maasvlakte en de Deltawerken.

De naam Spido werd voor het eerst gebruikt in 1919. Fop Smit, de grondlegger van het huidige Smit Internationale, en D.G. van Beuningen namen toen het initiatief om met kleine bootjes verschillende punten met vaste diensten met elkaar te verbinden; toerisme was toen niet het doel. De bootjes, die wel een beetje leken op de huidige watertaxi’s, vervoerden mensen naar zee- en rivierschepen. Het vervoer van werkers in de haven was het belangrijkst. Aan het begin en eind van de dag werden de werklui van en naar hun werk vervoerd, het zogenaamde volkvaren. Vanaf 1931 begon vliegveld Waalhaven dagjesmensen te trekken, Spido zette veel van deze bezoekers over. Het bedrijf verzorgde ook het postvervoer naar de zeeschepen. Na 1960 werden rondvaarten met toeristen de belangrijkste activiteit.

De fotograaf is Max van Essen en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt uit het Stadsarchief Rotterdam en van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Marinus Bolkplein 1968

Winkelcentrum in het Lage Land op het Marinus Bolkplein in de Alexanderpolder met supermarkt VIVO, 1968 (geschat).

De wijk ontstond in het begin van de jaren zestig van de 20e eeuw. De wijk werd zeer ruim opgezet (45 huizen per ha). Later heeft er enige verdichting plaatsgevonden. Toch blijft het een zeer ruime wijk met veel laagbouw. In de beginjaren werd het Lage Land vooral bewoond door oud-inwoners van de wijken Kralingen en Delfshaven.

De naam van de wijk is ontleend aan de polder welke omstreeks 1860 door bemaling is ontstaan. Tot 1995 werd verondersteld dat het laagste punt van Nederland in deze polder lag: 6,67 meter beneden NAP. Door bebouwing vanaf de zestiger jaren was dat echter niet meer het geval. De gemeente Rotterdam heeft langs de Prinsenlaan, een van de grote ontsluitingswegen van de wijk, een monument aangelegd, omgeven door een vijverpartij.

In 1995 bleek uit een officiële meting echter, dat hier niet het laagste punt van Nederland ligt. Het allerlaagste punt van Nederland is een weiland in de Zuidplaspolder ten noordoosten van Nieuwerkerk aan den IJssel op een diepte van 6,76 meter onder NAP. Aan de rand van dit weiland, langs de snelweg A20, staat inmiddels ook een monument.

Dit plein draagt de naam van Marinus Bolk, 1904-1942, verzetsstrijder tijdens de Tweede Wereldoorlog. Hij was eigenaar van een drukkerij, waar hij al eind 1940 het illegale blad ‘Vrij Nederland’ drukte. Op 25 juni 1941 werd hij gearresteerd en op 23 februari 1942 gefusilleerd op de Waalsdorpervlakte.

De fotograaf is Ary Groeneveld en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia en uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Café-restaurant ‘t Fust, Stadhuisplein 1966

Het terras en de voorgevel van het café-restaurant ‘t Fust op het Stadhuisplein, 9 oktober 1966. Café ‘t Fust opende op 21 maart 1961 haar deuren.

Het Stadhuisplein is een verkeersvrij gedeelte van het centrum van Rotterdam. Door de aanwezigheid van meerdere horecagelegenheden is het een populaire uitgaansplek. Het plein ligt direct voor het stadhuis van Rotterdam, aan de Coolsingel. Grote successen van Feyenoord worden er door duizenden supporters gevierd. Het is een belangrijke verbinding tussen Coolsingel en Lijnbaan. Op het plein bevindt zich de beeldengroep Monument voor alle gevallenen 1940 – 1945 van Mari Andriessen.

De fotograaf is Ary Groeneveld en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Plein 1953, (1960)

Hoog overzicht over Pendrecht richting Plein 1953, Slinge en Groene Kruisweg, 1960 (geschat). Op de achtergrond de Waalhaven.

Pendrecht is genoemd naar een ambacht op het eiland IJsselmonde, ten zuiden van de huidige wijk. Het ambacht Pendrecht was tegen het eind van de achttiende eeuw bijna ontvolkt geraakt (18 inwoners in 1795) en werd in de Franse tijd bij Rhoon gevoegd.

Na de oorlog was er een groot gebrek aan woonruimte in Rotterdam. Bij het bombardement op 14 mei 1940 gingen 25.000 woningen verloren en werden 80.000 mensen dakloos. Tevens had men de verwachting dat de bevolking explosief zou gaan groeien. De opgave was dus nieuwe wijken te bouwen met genoeg woningen voor de toekomst. Een van de gevolgen hiervan was dat hoogbouw in Pendrecht een belangrijke rol zou gaan spelen.

De stedenbouwkundige Lotte Stam-Beese kreeg de opdracht de wijk Pendrecht te ontwerpen. Het was een vooruitstrevende gedachte om woningen te ontwerpen waar gezinnen over 3 tot 4 slaapkamers met een aparte woonkamer zouden kunnen beschikken, voor grotere gezinnen vaak met een eigen tuintje.
Stam-Beese had haar eigen voorstelling van Pendrecht: open straten met veel groen waar verschillende bevolkingsgroepen naast elkaar zouden kunnen leven. Buurtwinkels, wijkwinkels en scholen werden precies gepland. Zelfs de tijd die nodig was om naar school of naar de kerk te lopen werd precies berekend. De wijk werd in feite niet verlaten behalve dan misschien voor grotere aankopen of deelname aan culturele activiteiten. De hele structuur van Pendrecht was gebaseerd op deze wijkgedachte die zijn eigen gezicht zou hebben. Woningen vormden een buurt, buurten een wijk en wijken een stad.

Er werden woningen ontworpen waar bejaarden, kleine en grote gezinnen naast elkaar zouden kunnen wonen. Daardoor zou men elkaar kunnen ondersteunen, de ouderen zouden de jongeren helpen en omgekeerd. De kinderen speelden gezamenlijk op de vele pleintjes en er werd gevoetbald op de kleine veldjes. Men deelde de open grond tussen de huizen met anderen. De bewoners werden in die tijd als één groep gezien die onderling gelijkgesteld was. Om dit mogelijk te maken werd er zelfs een selectie op de bewoners toegepast die zich in de modelwijken wilden gaan vestigen.

De flats hadden ook allemaal dezelfde indeling die handig en praktisch ingedeeld moest worden. Omdat men zo veel mogelijk woningen wilde bouwen, waren de woningen klein van opzet en was de oppervlakte gemiddeld niet groter dan 53 vierkante meter.

De fotograaf is Ary Groeneveld en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Groote Schouwburg, Aert van Nesstraat 1913

Een portier op het bordes van de Groote Schouwburg aan de Aert van Nesstraat, 1913.

In 1887 werd aan de Aert van Nesstraat een schouwburg geopend met de naam “Groote Schouwburg”. Het gebouw had 1250 zitplaatsen en was gebouwd in neoclassicistische stijl. De vereniging “Verenigde Rotterdamse Toneellisten” speelden in het gebouw. Dit gezelschap speelde overwegend nieuwe Nederlandse stukken, waaronder “Vorstenschool” van Multatuli en “Boefje” van Marie Joseph Brusse.

De toeschouwersaantallen liepen na de Eerste Wereldoorlog sterk terug. Hierom fuseerde de groep met het Hofstadtoneel uit Den Haag. In 1938 werd de groep echter opgeheven; de Rotterdammers zouden nog te weinig de eigen identiteit herkennen in de groep.

Het bombardement op Rotterdam op 14 mei 1940, en de brand die dit bombardement veroorzaakte, vernietigde een groot deel van de binnenstad van Rotterdam, waaronder de Groote Schouwburg. Eind 1941 begon de bouw van een nieuwe schouwburg die in 1947 werd opgeleverd. Dit gebouw beschikte over 1000 zitplaatsen. 10 januari 1947 werd de eerste productie opgevoerd door het gezelschap Stichting Amsterdams Rotterdams Tooneel, afgekort tot START.

Omdat de faciliteiten, het podium en de akoestiek van het gebouw niet voldeden aan de eisen van de gebruikers is in 1984 besloten dat het noodgebouw vervangen moest worden door nieuwbouw. Voor het vervangen van het gebouw werd er tijdelijk uitgeweken naar Hal 4 aan de Watertorenweg in Rotterdam. In 1988 is de nieuwbouw, ontworpen door Wim Quist, geopend.

Aert Jansse van Nes (Rotterdam, ged. 13 april 1626 – aldaar, 13 of 14 september 1693) was een Nederlandse marineofficier uit de 17e eeuw.

Aert ging op zijn elfde naar zee. Bij het begin van de Eerste Engels-Nederlandse Oorlog van 1652-1653 had Van Nes zich opgewerkt tot schipper (de hoogste onderofficier) van een gewapende koopvaarder onder bevel van zijn vader. Op 23 augustus 1652 werd Van Nes door de Staten van Holland als directe vervanger van zijn overleden vader tot kapitein van de Gelderland benoemd, toen dat schip enige tijd door de Fransen geïnterneerd was in de haven van La Rochelle. Hij vocht in de Driedaagse Zeeslag, de Zeeslag bij Nieuwpoort en de Slag bij Ter Heijde. Ook deed hij mee aan het ontzet van Danzig in 1656 en aan de expeditie tegen Portugal in 1657. Daarbij won hij twee ‘prijzen’, dat wil zeggen dat hij twee schepen buitmaakte.

De fotograaf is Henri Berssenbrugge en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Rotterdamsche Diergaarde, Kruisstraat 1910

De plantenserre in de Rotterdamsche Diergaarde aan de Kruisstraat, 1910.

Rond 1855 richtten twee spoorwegbeambten een spoortuintje in de Rotterdamse binnenstad in om hun verzameling exotische vogels onder te brengen. Deze hobby-vogeltuin werd een groot succes en leidde tot de oprichting van de ‘De Rotterdamsche Diergaarde’ in 1857. De eerste directeur was Henri Martin, oorspronkelijk leeuwentemmer van beroep. Aanvankelijk mochten alleen leden van de vereniging de dierentuin bezoeken.

In 1857 kreeg J.D. Zocher van de gemeente de opdracht om de tuin voor de Diergaarde aan te leggen. De bedoeling was om op een aangename wijze kennis van dieren en planten te bevorderen. Zocher voerde het plan uit samen met zijn zoon Louis Paul. De Diergaarde was een enorm succes. Tijdens de aanleg kon men de dieren al bezichtigen en binnen acht maanden tijd leverde dat ruim twaalfduizend bezoekers op. Daaronder bevonden zich bijna vierduizend stadgenoten die geen lid waren. Het lidmaatschap was namelijk erg duur, maar eenmaal per jaar, tijdens de kermis, kon de gewone man voor een gereduceerd tarief de dierentuin bezoeken.

De ingang van de Diergaarde was aan de Kruiskade. Rondom het terrein was een fraai hek geplaatst. De dierenverblijven en andere gebouwen werden ontworpen door de architecten A.W. van Dam en H.J. de Haas. In 1862 werd de Diergaarde uitgebreid, waarbij opnieuw de hulp van Zocher werd ingeroepen. Dit gedeelte, dat bekend werd onder de naam Nieuwe Tuin, sloot naadloos aan bij het oude gedeelte. De Diergaarde kon zich meten met die van Amsterdam en Antwerpen dankzij de smaakvolle aanleg van Zocher.

In 1937 besloot het gemeentebestuur van Rotterdam dat de Diergaarde uit het stadscentrum moest wijken voor stedelijke bebouwing. Vanwege het steeds drukker wordende verkeer werd de Diergaarde verplaatst naar de wijk Blijdorp. Het jaar erop begon men met de bouw van de nieuwe Diergaarde ‘Blijdorp’, genoemd naar de polder Blijdorp, waar de tuin nog steeds gehuisvest is. Architect S. Van Ravesteyn kreeg de opdracht voor het ontwerp.

Toen de verhuizing naar Blijdorp in volle gang was, bombardeerden de Duitsers op 14 mei 1940 de binnenstad en daarmee ook de Diergaarde. De chaos was enorm en vele dieren overleefden het bombardement en de vuurzee niet. Voor zover mogelijk werden de overlevende dieren overgebracht naar Blijdorp, waar men nog volop bezig was met de bouw van de nieuwe tuin. Op 7 december 1940 werd de nieuwe Diergaarde officieel geopend.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen