De toegang van Vroom & Dreesmann aan de Oude Binnenweg, 1928

V&D was een Nederlandse keten van warenhuizen. Het warenhuis werd in 1887 opgericht door de zwagers Willem Vroom (1850-1925) en Anton Dreesmann (1854-1934). Het eerste filiaal bevond zich aan de Weesperstraat in Amsterdam. Op zijn hoogtepunt had de keten ruim zeventig vestigingen door het hele land en was het het grootste warenhuisconcern van Nederland. Aan het begin van de samenwerking door de zwagers waren de winkels bekend onder de naam “Magazijn De Zon”. Op 31 december 2015 ging de keten failliet.

Aanvankelijk werkten Vroom en Dreesmann alleen samen op het gebied van inkopen, maar in 1887 leidde dit tot een verregaande samenwerking en op 1 mei dat jaar tot de oprichting van het bedrijf Vroom & Dreesmann “De Zon”. Omdat Vroom de oudste van de twee was, kwam zijn naam vooraan te staan. Hun eerste gemeenschappelijke zaak werd op zaterdag 21 mei 1887 geopend aan de Weesperstraat 70 in Amsterdam. Dreesmann leverde het geld. Er kwam drie man personeel en Dreesmanns jongere broer Nicolaas werd bedrijfsleider. Vroom hield zich vooral bezig met de financiële zaken en de administratie, terwijl Dreesmann voornamelijk de inkoop en verkoop leidde. Aan de plaatselijke Vijzelgracht 21 werd op 27 april 1889 een tweede vestiging geopend met zes personeelsleden.

Naast de twee gezamenlijke zaken had Vroom in Amsterdam nog een eigen manufacturenwinkel en Dreesmann zelfs twee. Dat gaf problemen bij de verdeling van de gezamenlijk ingekochte goederen. Om die op te lossen, werd besloten om ook hun eigen winkels bij elkaar onder te brengen. Hiervoor werd eind 1889 een nieuwe overeenkomst opgesteld, die op 1 januari 1890 van kracht werd.

De zwagers verkochten manufacturen tegen een redelijke prijs. De winst was laag en om die te verhogen, werden er extra winkels geopend. Aangezien ze meenden dat de markt in Amsterdam voor hen verzadigd was, zochten ze hun toevlucht buiten de stadsgrenzen. De eerste vestiging buiten Amsterdam kwam in 1892 aan de Binnenweg in Rotterdam. Een jaar later volgde een filiaal aan de Spuistraat in Den Haag. In hoog tempo werden nieuwe vestigingen geopend

De fotograaf is Francois Henry van Dijk en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

De Rederijstraat met de Rederijbrug over de Scheepmakershaven, 1911

De Rederijstraat werd aangelegd op het emplacement van de vroegere Nederlandsche Stoomboot-Reederij, die jarenlang het verkeer tussen Rotterdam en Mannheim-Ludwigshafen onderhield. Na de Tweede Wereldoorlog werd de oude Rederijbrug vervangen door een nieuwe brug, die even ten oosten van de oude kwam te liggen. Ook de huidige Rederijstraat ligt even ten oosten van de oude straat van die naam. Van 1900 tot 1950 lag ten zuiden van de Scheepmakershaven ter hoogte van bovengenoemde brug de Rederijkade. De Rederijhaven vormt een onderdeel van het zogeheten Leuvehavenbekken.

De Scheepmakershaven ligt ten noorden van de Boompjes. In het begin van de 17de eeuw waren er scheepstimmerwerven gevestigd. In 1613 werd besloten deze scheepstimmerwerven van de zuidzijde van de Blaak over te brengen naar de Boompjes en naar de nieuw ‘geraemde Scheepstimmershaven’ en wel van de ‘Schipstimmermansstrate oostwaarts tot aan het oudt Westersche Hooft’. De erven aan de Scheepmakershaven werden uitgegeven en in 1616 werden de kaden ten noorden van de haven aangelegd. De vroedschap besloot in 1703 de scheepstimmerwerven te verplaatsen naar een terrein bij de Zalmhaven. Na de Tweede Wereldoorlog werden ten behoeve van de binnenvaart twee insteekhavens in de Leuvehaven gegraven ten noorden van de Scheepmakershaven. Een van de loskaden ontving de naam Scheepmakerskade.

De fotograaf is Evert Miedema en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Het Hang, 1913

Het Hang met de winkels van A. van der Nagel & Zonen (mode-artikelen) en rechts de winkel van de firma Doodewaard (spiegels en lijsten), 1913-1917.

In 1566 gaf de stad de erven aan het Hang uit. Waarschijnlijk had men hier in het verleden een zogenaamde bokkinghang (een drogerij van haring). In het begin wordt dikwijls gesproken van Westnieuwland. Ook vinden wij vermeld ‘in den Hang op den Vischdijk’. In 1535 is er sprake van een haringplaats van de stad in deze buurt. Bovendien was het stadskeurhuis hier gelegen.

De vroedschap besloot in 1594 voortaan geen bokkinghangen meer binnen de stad te dulden, namelijk niet meer in de Rijstuin en het Westnieuwland, wel ten zuiden van de Nieuwehaven, aan de Blaak en buiten de stad. In 1599 werden ook bokkingshangen toegestaan aan de zuidzijde van het Haringvliet en aan de Leuve buiten de Schiedamsche Poort.

De meestal aangenomen verklaring , dat de vissers hun netten hier te drogen hingen, kan als onjuist worden bestempeld, omdat reeds in 1476 alleen vergund was de netten op te hangen aan het Oosterse hoofd en het Westerse hoofd en aan de Vest tussen de Delftsche Poort en de Schiedamsche Poort. Natuurlijk is het volstrekt niet uitgesloten dat de in de buurt van de Hang wondende vissers op eigen erf hun netten droogden.

Het huidige Hang ligt gedeeltelijk op de plaats van de vooroorlogse straat van die naam . Het grootste gedeelte van deze oude straat lag op de plaats waar thans de (verbrede) Steigersgracht ligt.

De foto komt uit de collectie topografie Rotterdam en bevindt zich in het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Rooms-katholieke Kruisvindingkerk aan de Beukendaal , 1935

Gezicht op de rooms-katholieke Kruisvindingkerk aan de Beukendaal (rechts), 1935. Links de Breeweg.

Parochie, opgericht jaren 1920, in een toen in aanbouw zijnde wijk in Rotterdam-Zuid, aan de rand van tuindorp Vreewijk.

Grote, driebeukige basilicale kerk met breed middenschip en vierkante westtoren, opgetrokken in een traditionalistische stijl, onder invloed van het romaans. Gebouwd als zogenaamde volkskerk (alle gelovigen vinden in het middenschip een plaats met onbelemmerd zicht op het altaar) is het typerend in het oeuvre van H.P.J. de Vries. De ronde mozaïeken afbeeldingen van de Twaalf Apostelen werden in de jaren 1940 door L. Lourijsen aangebracht.

De Rotterdamse architect De Vries (1895-1965), winnaar van de Prix de Rome in 1918, was samen met onder andere A.J. Kropholler toonaangevend in de R.K. kerkbouw van het interbellum. Hij ontwierp destijds een aantal kerken, onder andere de Christus Koning in Rotterdam-Hillegersberg, de St. Jan de Doper in Leeuwarden-Huizum, de bedevaartskerk H.H. Martelaren van Gorcum in Brielle en de St. Jan de Evangelist in Breezand.

Het orgel, dat vroeger achterin (onderin de toren) stond, staat nu in het koor. Kerk, pastorie en andere gebouwen in dit blok zijn in 2018 aangewezen als Gemeentelijk monument.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van reliwiki.nl. https://reliwiki.nl/…/Rotterdam,_Beukendaal_2_-_Kruisvinding

Met medewerking van Rotterdam van toen

Lijnbaan, 1971

Heronthulling van het bronzen beeldje Spelende beertjes op de Lijnbaan, 23 september 1971. De beertjes waren eerder van hun voetstuk gerukt.

De Spelende beertjes zijn symbolisch voor de hartelijke banden tussen Rotterdam en Oslo. In 1951 kreeg de Maasstad van de Noorse hoofdstad (voor de eerste maal) een kerstboom. In 1956 besteedde de net nieuwe Lijnbaan aandacht aan Oslo met een tentoonstelling die werd geopend door de burgemeester van Oslo. Toen de tentoonstelling sloot, kreeg de Vereniging Winkelpromenade van de Noorse ambassadeur dit beeld van twee spelende beertjes aangeboden van de Noorse beeldhouwer Anne Grimdalen. De vereniging schonk het weer aan de Rotterdamse burgemeester Van Walsum, die het werk een definitieve bestemming gaf op de gloednieuwe winkelstraat.

Het is een vrolijk beeld dat weliswaar op een sokkel staat, maar toch zo dichtbij de grond dat het lijkt of de beren samen ravotten over de grond. Het bevindt zich op ooghoogte van kleine kinderen, die het werk vaak bijzonder aanspreekt. De twee bronzen dieren vormen samen een compacte bal, waarvan de vorm terugkeert in het ronde plateau waar ze op steunen. De Spelende beertjes passen mooi in het ensemble van bronzen beeldjes op en rond de Lijnbaan, zoals het Lezend meisje en de Trommelslager.

De fotograaf is Ary Groeneveld en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van BKOR. http://www.bkor.nl/beelden/spelende-beertjes/

Met medewerking van Rotterdam van toen

De Coolsingel met hotel Atlanta op de hoek met de Aert van Nesstraat, 1939

Hotel Atlanta is een viersterrenhotel in het centrum van Rotterdam, op de hoek van de Coolsingel en de Aert van Nesstraat. De officiële naam van het hotel luidt NH Atlanta Rotterdam.

Het hotel is gebouwd tussen 1929 en 1931 naar een ontwerp van architect F.A.W. van der Togt. Het gebouw had 8 hotelverdiepingen en een café-restaurant op de begane grond. Met een hoogte van 36 meter torende het gebouw aan de toenmalige Coolsingel uit boven de overige bebouwing. Het hotel werd uitgevoerd met een betonnen skelet, bekleed met baksteen en natuurstenen plinten.

In 1938 kwam de Oekraïense nationalist Jevhen Konovalets door een bomaanslag op de Coolsingel om het leven, nadat hij in Hotel Atlanta van NKVD-lid Pavel Soedoplatov een bompakket in de vorm van een doos chocolade had gekregen.

Hotel Atlanta overleefde het bombardement op Rotterdam van 14 mei 1940. In 1950 werd het hotel aan de kant van de Aert van Nesstraat uitgebreid met een nieuwe vleugel die harmonieerde met de rest van het gebouw. In 1965 werd wederom een uitbreiding gebouwd en de begane grond aan de Coolsingel werd verbouwd. Deze uitbreiding werd uitgevoerd met grove betonnen panelen en contrasteert sterk met de rest van het gebouw.

In 1998 werd het gebouw aangewezen als gemeentelijk monument.

De foto komt uit de collectie topografie Rotterdam en bevindt zich in het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Gezicht op de kermis met op de achtergrond de Sint-Laurenskerk, 1958-1962

Een kermis (of foor) is een verzameling rondtrekkende attracties en kramen in de openlucht ter vermaak van het volk.

De kermis wordt gedurende enkele dagen of een week gevierd; het is een commercieel evenement geworden. Vroeger was de kermis vaak een van de weinige uitgaansmogelijkheden.

Van oorsprong is een kermis een jaarmarkt ter gelegenheid van de wijdingsdag of een andere feestdag van de parochiekerk van een plaats. Het woord kermis is dan ook een verbastering van kerkmis of kerke-misse. Op die dag stroomde het volk samen om de patroonheilige te vereren en om zich te vermaken. In stedelijke gebieden verloor de kermis vaak zijn band met het religieuze feest dat eraan ten grondslag lag, maar in dorpen gaan beide soms nog hand in hand en gaat er op de wijdingsdag een processie uit.

De fotograaf is Lex de Herder en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Gezicht op de Vierambachtsstraat vanaf het Mathenesserplein, 1930

Gezicht op de Vierambachtsstraat vanaf het Mathenesserplein met rechts de Mathenesserlaan, 1930.

De Vierambachtsstraat ligt ter plaatse waar vroeger de ambachten Beukelsdijk en Schoonderloo aan elkaar grensden. Ze vormde de verbinding tussen het Middelland en Mathenesse. Alleen Middelland komt nooit afzonderlijk als ambacht voor. Zodoende is de straatnaam niet geheel juist.

Deze laan draagt de naam van de ambachtsheerlijkheid Mathenesse die al in 1276 voorkomt. De naam zal een samenvoeging zijn van de woorden made (weide) en nes (aangeslibd land). Als oudste ambachtsheer wordt genoemd Dirk Bokel, wiens kleinzoon zich Dirk van Mathenesse noemde. Het Slot Mathenesse of Huis te Riviere, waarvan nog een ruïne aanwezig is, lag aan de Schiedamse Schie ten noordwesten van Schiedam. Binnen de ambachtsheerlijkheid lagen de polder Nieuw- en Oud-Mathenesse.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Hartmansstraat en de hoek van de Witte de Withstraat, 1961

Dixielandbandje en Rode Kruis-vlaggen op paard-en-wagen voor het gebouw van dagblad ‘De Rotterdammer’ bij de Hartmansstraat en de hoek van de Witte de Withstraat, 1961 (geschat).

Op 28 januari 1642 kocht Harmen Hartman een laantje onder voorwaarde dat er alleen kwee-, mispel- en andere ooftbomen geplant zouden mogen worden. Het laantje kwam uit op de Coolscheweg. Hartman had daar echter al enige bezittingen, want in 1638 komt de laan van Hartman of Hartmanslaan al voor. Bij bovengenoemd besluit werd de naam Hartmanslaan gewijzigd in Hartmansstraat.

Dagblad de Rotterdammer was een protestants-christelijke krant en is in 1975 gefuseerd met Trouw.

De fotograaf is Ary Groeneveld en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam en van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Op de Westzeedijk zijn geallieerde wegwijzers aangebracht, 1945

De geallieerde troepen maakten geen haast met het binnentrekken van West-Nederland. Het Canadese leger staakte op 20 april haar opmars door de Gelderse Vallei net voor de Grebbelinie die door de Duitsers vanaf eind maart 1945 was hersteld onder de naam Grebbestellung. Met voedseldroppings eind april 1945 (Operatie Manna) probeerde men de ergste hongersnood te lenigen. Op 4 mei 1945 gaven de Duitsers in Nederland zich onvoorwaardelijk over en konden de geallieerden eindelijk West-Nederland binnentrekken.

Bij gemeentelijk besluit ontving het gedeelte van Schielands Hoge Zeedijk, gelegen tussen het Vasteland en de Havenstraat, de naam Westzeedijk. De ligging van deze dijk ten westen van de oude stad verklaart de naam. De dijk zal rond het midden van de 13de eeuw zijn aangelegd. Tot 1927 liep de Westzeedijk ter hoogte van het oude kerkhof van Schoonderloo met een bocht naar de Havenstraat. Dit gedeelte ontving daarna de namen Kapelstraat, Pieter de Hoochstraat en Heiman Dullaertplein. De Westzeedijk werd ten zuiden van deze straten in westelijke richting doorgetrokken tot aan het Hudsonplein over het trac van de oude Ruigeplaatweg. De dijk schijnt vroeger ook de naam Groenedijk gedragen te hebben.

De fotograaf is Hendrik Ferdinand Grimeyer en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam en van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen