Tag Archives: rdm

RDM, Heyplaatweg 1970

De onderzeeër Zwaardvis gaat te water vanuit de bouwloods bij de RDM, 2 juli 1970.

De Hr.Ms. Zwaardvis (S806) was een Nederlandse onderzeeboot van de Zwaardvisklasse. De boot werd gebouwd door de Rotterdamse scheepswerf RDM. Van 1989 tot 1990 werd de Zwaardvis gemoderniseerd.

Na de uitdienstname van de Zwaardvis probeerde de Nederlandse marine de boot samen met Hr.Ms. Tijgerhaai te verkopen of verhuren. Potentiële kopers waren Indonesië, Egypte en Maleisië. Geen van de drie wilde uiteindelijk de boten kopen. Maar in verband met een mogelijke verkoop lagen de boten inmiddels wel al in een Maleise haven.[1] Het Nederlandse ministerie van defensie was bang dat de scheepswerf in Lumut haar vordering voor onderhoud en liggeld via de rechter zou verhalen door de verkoop van de Tijgerhaai. De Nederlandse staat wilde verhinderen dat de boot of onderdelen zoals torpedobuizen of radar in onbevoegde handen zouden geraken. Daarop werd in 2005 een rechtszaak aangespannen tegen RDM die de boten zou verkopen. Op 17 augustus kwam de rechter met de uitspraak dat RDM voor oktober 2005 met de sloop van de boten begonnen zou moeten zijn of dat de boten in november 2005 terug moesten zijn in Nederland.[

De fotograaf is Ary Groeneveld en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Poserende mannen bij een schip in aanbouw bij de RDM, 1919

Poserende mannen bij een schip in aanbouw bij de RDM, 1919-1931.

De Rotterdamsche Droogdok Maatschappij (RDM) is een voormalige werf voor scheepsnieuwbouw, – reparatie en machinebouw; werd in 1902 opgericht en is voortgekomen uit de werf ‘De Maas’ in Delfshaven. Deze werf was in 1856 was opgericht door de Schot Duncan Christie. Doordat het erfpachtcontract met de gemeente Rotterdam afliep, moest het bedrijf een andere plaats zoeken. Toen kwam Heijplaat in beeld. Onder de naam Rotterdamsche Droogdok Maatschappij gingen de werfactiviteiten op de linker Maasoever van start.

De naam ‘Droogdok’ geeft al aan dat reparatie en onderhoud van schepen de belangrijkste activiteiten waren, waarmee de werf startte. Tot 1983 zou dit de kurk zijn waarop het bedrijf zou drijven, maar ook nieuwbouw schuwde de RDM niet. Een indrukwekkende reeks nieuwe schepen, waaronder het ss Nieuw Amsterdam (1938) en het ss Rotterdam (1959), beide gebouwd voor de Holland-Amerika Lijn, verliet de werf. In 1925 nam de RDM de Schiedamse Scheepsbouw Maatschappij ‘Nieuwe Waterweg’ over en vanaf 1929 kreeg ze van de Koninklijke Marine orders voor het bouwen van onderzeeërs. Daarnaast leverde ze ook andere schepen af, zoals de kruiser Hr. Ms. De Zeven Provinciën, die na de oorlog lange tijd het meest geavanceerde schip van de vloten van de NAVO zou zijn. De RDM werd grootleverancier van de olieraffinaderijen, ontwikkelde apparatuur voor kernenergie, en bouwde booreilanden, kraanpontons en dergelijke.

Bij oprichting lag de werf bijzonder excentrisch, doordat het gebied was ingeklemd tussen Waalhaven, Heysehaven en Eemhaven. De enige toegangsweg was de Waalhavenweg. Het personeel moest van heinde en verre komen, en het was een wens van directeur ir. M.G. de Gelder om in de nabijheid van het bedrijf woningen te bouwen. Tussen 1914 en 1920 verrees Tuindorp Heyplaat, ontwikkeld door architect H.A.J. Baanders, die ook de werkplaatsen en kantoren had getekend. De op een L-vormige kavel opgetrokken huizen werden gebouwd in verschillende stijlen met vele details. Tegen het silhouet van de oceaanreuzen bloeide het verenigingsleven in het dorp van 2.000 inwoners. Een hechte gemeenschap wist te voorkomen dat in de jaren zeventig Heyplaat zou worden afgebroken.

Kort voor de oorlog hadden RDM en Wilton-Feijenoord de aandelen in handen gekregen van de Machinefabriek en Scheepswerf van P. Smit jr. en de dochtermaatschappij Waalhaven. Het bleek een opmaat te zijn naar de fusie die in 1966 plaatsvond onder de naam Rijn-Schelde Machinefabrieken en Scheepswerven. Na nog toetredingen van onder meer Wilton-Feijenoord ontstond uiteindelijk in 1971 het concern Rijn-Schelde-Verolme (RSV) met meer dan 30.000 werknemers.

Al in 1983 viel het doek voor de RDM, waarmee een belangrijk deel van de zware industrie voor Nederland verloren ging. RDM ging verder met nieuwbouw van onderzeeërs en met de machinefabriek. In de jaren negentig werd de onderneming opgesplitst in RDM Techology en RDM Submarines. Opnieuw lag het tuindorp onder vuur toen b&w bekend maakte dat het na 2005 gesloopt zou worden. En opnieuw wist men afbraak te voorkomen. Momenteel maakt het RDM-terrein een enorme ontwikkeling door en zijn er samenwerkingsverbanden tussen onderzoeks- en onderwijsinstellingen die havengerelateerd onderwijs aanbieden. RDM staat tegenwoordig voor Research, Design & Manufacturing.

De fotograaf is Francois Henry van Dijk en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Personeelsboot RDM 1968

Aankomst personeelsboot RDM met op de voorgrond een wachtende dame, 1968 (geschat).

De Rotterdamsche Droogdok Maatschappij NV (RDM) was een belangrijke scheepswerf voor scheepsnieuwbouw, scheepsreparatie en machinebouw in Rotterdam, die heeft bestaan tussen 1902 en 1996. Het bedrijf bouwde 355 schepen, vrijwel allemaal zeegaand, zowel voor de koopvaardij als de marine. Ook construeerde het bedrijf brugdelen (Vianen) en boorplatforms. Op zijn hoogtepunt telde het bedrijf 7.000 personeelsleden en nam enige tijd de leidende positie onder de Nederlandse scheepswerven in.

Reparatie van schepen was de kurk waar het bedrijf op dreef, en in totaal heeft het 12 grote drijvende droogdokken bezeten (één ervan ging al vlak na de aanschaf verloren). De werf maakte vrijwel geen gebruik van gegraven dokken. De werf bouwde zowel vracht- als passagiersschepen, en tevens oorlogsschepen, waaronder onderzeeboten voor de Koninklijke Marine. De eerste opdracht voor nieuwbouw van een zeegaand schip kwam in 1905 binnen. Het bekendste schip van de werf was het ss Rotterdam, dat nu weer in de stad aan de kade ligt.

De fotograaf is Ary Groeneveld en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen