Demonstratie van de eerste Rotterdamse stoombrandspuit aan het Boerengat, 1868.

De vrijwillige brandweer werd door het gemeentebestuur in 1857 ingevoerd. Het college van B&W had de bevoegdheid om bevelvoerders en manschappen te benoemen. Hoe hoger de persoon op de maatschappelijke ladder, hoe hoger zijn rang. Voor bevelvoerders werden meestal beroepsmensen uitgekozen, die ook gemakkelijk hun werk in de steek konden laten. Het aantal bluseenheden was 29 rond 1900. Het aantal vrijwilligers bedroeg in de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw ongeveer 1600 man.

Deze haven, een verlengstuk van het Buizengat, dankt zijn naam vermoedelijk aan de groente- en visboeren uit de omtrek die hier met hun schepen een ligplaats vonden. Op een plan van 1689 voor een nieuwe haven, die ten oosten van het Reuzeneiland zou worden gegraven, komt een ‘Boerehaven’ voor. Dit is het latere Boerengat, eigenlijk een verlengstuk van het oude Buizengat. Ook de naam Nieuwe Gat en Nieuwe Maashaven komen in de 18de eeuw voor deze haven voor. Een gedeelte heeft in het midden van de 19de eeuw ook nog enige tijd Entrepothaven geheten naar het Rijksentrepot, dat hier gevestigd was. Nadat in 1879 op de linker Maasoever de Entrepothaven tot stand was gekomen, verviel deze naam voor het gedeelte van het Boerengat.

De foto komt uit de collectie historiefoto’s van het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van historiek en uit het Stadsarchief Rotterdam. Lees verder opĀ https://historiek.net/spuithuisjes-en…/82141/

Met medewerking van Rotterdam van toen

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *