Welkom op Hertogjans Place

De site met muziek en webchat.
En natuurlijk het blog Rotterdam Oud & Nieuw.
Mocht je verhalen hebben mail me mijn email is janelburg@hotmail.nl .
Graag bestaande verhalen met foto’s.
Ik ben Dj bij een online radio station dus er zullen soms advertenties van het radio station staan, de  radio, webchat kan je vinden boven aan de site.
De meeste artikelen zijn met medewerking van Rotterdam van toen

Veel lees en eventueel luister en chat plezier.

Vriendelijke groet Jan

 

IJsselmondseplein 1965

Overzicht van het wegencircuit bij het IJsselmondseplein met de officiële stoet, na de officiële opening van de Van Brienenoordbrug door H.M. Koningin Juliana, 1 februari 1965.

Het plan voor de Van Brienenoordbrug dateerde al uit de vroege jaren dertig. Tijdens de regering van minister-president Colijn werd een rijkswegenplan uitgewerkt waarbij ten oosten van Rotterdam een brug over de rivier zou komen. Het geld dat hiervoor gereserveerd was, werd echter voor de Maastunnel gebruikt. Na de oorlog werd pas weer in 1959 nagedacht over de Ruit van Rotterdam. Het bouwrijp maken van de grond nam een aanvang voor of in 1961. Rond 1962 stelde de gemeenteraad de naam van de brug vast. De Van Brienenoordbrug dankt zijn naam aan het onderliggende Eiland van Brienenoord, het oord van A.W. baron van Brienen.

De brug is in zijn geheel ter plaatse gebouwd. Om de boog te kunnen bouwen werden tijdelijk twee hulppijlers in het water gebouwd. De kenmerkende diagonale kabels waar het wegdek aan is opgehangen, geven de constructie een grote vormvastheid. Dit bleek mogelijk door de bijzondere verhoudingen van de boogvorm. Het ontwerp van ir. W.J. van der Eb van Rijkswaterstaat was voor zijn tijd revolutionair slank en transparant, en heeft later vele gebouwde bruggen geïnspireerd. De technisch tekenaar die het ontwerp van ingenieur Van der Eb heeft uitgewerkt was de heer C. Verkade, die in dienst van Rijkswaterstaat onder andere ook het ontwerp van het Emmaviaduct in Groningen op tekening heeft uitgewerkt.

De Van Brienenoordbrug werd door koningin Juliana feestelijk opengesteld voor verkeer op 1 februari 1965. Ook minister Jan van Aartsen was daarbij aanwezig.

De brug vormt de derde vaste oeververbinding na de opening van de Willemsbrug in het centrum van de stad in 1878 en de nog westelijker gelegen Maastunnel in 1942. In het zuiden sloot de nieuwe weg door middel van een groot verkeersplein bij IJsselmonde aan op de bestaande rijksweg 16 van de oude Stadionweg naar Dordrecht. Aan de noordkant hield het traject eerst op bij het Kralingseplein (bij het tegenwoordige Rivium), maar spoedig volgde de verlenging naar de Bosdreef en de Hoofdweg en in 1973 de aansluiting op de A20 op het Terbregseplein.

De fotograaf is Dick Lemcke en de foto komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Speelmanstraat 1935

De Speelmanstraat, waar thans de Willem Ruyslaan in de Gerdesiaweg uitkomt, uit de Lusthofstraat gezien, 1935.

Cornelis Jansz. Speelman was gouverneur-generaal van Nederlands-Indië 1681-1684. Hij was de naamgever van het fort Rotterdam op Celebes. Zijn kleinzoon Cornelis Johannesz. Speelman verkocht in 1698 het Slot Honingen met toebehoren aan de stad Rotterdam. De straat heette van 1895 tot 1902 Touwslagerspad naar de lijnbanen van de Admiraliteit, die hier vroeger lagen. Voordien heette ze Warmoezierslaan naar de warmoezerijen in deze buurt. De Speelmanstraat liep voor het bombardement in mei 1940 van de Oostzeedijk naar de Lusthofstraat.

De Gerdesiaweg is vernoemd naar de buitenplaats ‘Gerdesia’ (voorheen ‘Devonia’) , die vroeger op deze plaats aan de Oudedijk lag.

Willem Ruys, 1894-1942. Directeur van de Rotterdamsche Lloyd NV. In de oorlog werd hij driemaal door de Duitsers gearresteerd. Na zijn laatste arrestatie in 1942 werd hij als gijzelaar naar Sint Michielsgestel gebracht. Op 14 augustus van dat jaar werd hij op de heide bij Goirle gefusilleerd als represaille maatregel voor een aanslag op het spoorwegviaduct langs de Binnenrotte.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Hooidrift 1930

Gezicht op de Hooidrift, gezien vanaf de Heemraadssingel, 1930. Op de voorgrond de kruising met de Nozemanstraat. De volgende zijstraat rechts is de Messchertstraat. In de verte is nog een tram op de Mathenesserlaan te zien.

De Hooidrift ligt op de plaats, waarvan men veronderstelt dat daar eens de bedding was van het water ‘Hoydrift’. Dit water liep in 1334 door Schoonderloo en kwam via een sluis in de Nieuwe Maas uit. In 1466 komt een stuk land ‘die Hoydrift’ voor. Later droegen drie morgen land in de Coolsepolder in het ambacht Schoonderloo deze naam. Op een kaart van 1570 komt voor ‘het noertdyep van de Maze geheeten de hoydrift, streckende van nieuw Matenesse tottet hoeft van Delfshaven’. Dit noorddiep begon bij een wetering ten westen van Delfshaven. Ten oosten van deze Hooidrift tot de Leuvehaven werd het noorddiep van de Maas, namelijk ten noorden van de Ruigeplaat, ‘die Couse’ genoemd.

De Heemraadssingel is vernoemd naar de heemraden van Schieland. Deze naam herinnert aan de poldergeschiedenis. Vóór de aanleg van de singel liep hier de Heemraadsweg, welke naam bij besluit B&W 27 juli 1894 was vastgesteld.

De Nozemanstraat is vernoemd naar Cornelis Nozeman, 1721-1785, remonstrants predikant te Rotterdam 1760-1785.

De Messchertstraat draagt de naam van de Rotterdamse dichter Willem Messchert, 1790-1844.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen



AEG actie 728x90

Oudedijk 1905

De Oudedijk, gezien in de richting van de viersprong, omdat hier de Oudedijk, ‘s-Gravenweg de Kortekade en de Hoflaan bij elkaar komen, 1905. De eerste straat rechts is de Avenue Concordia. Op de achtergrond het in 1904 gebouwde sociëteitsgebouw “Eendragt maakt macht”.

De Oudedijk is een deel van de zeedijk, welke in de 12de eeuw is aangelegd. De Oudedijk sluit aan de oostzijde aan op de ‘s-Gravenweg en vroeger aan de noordzijde op de Crooswijkseweg. De Oudedijk verbond Kralingen met Rotterdam, waarmee de ouderdom van het gezegde ‘zo oud als de weg naar Kralingen’ wordt weergegeven.

De ‘s-Gravenweg was de oude zeedijk, die al in 1383 onder deze naam voorkomt. Deze sluit in het westen aan op de Oudedijk in Kralingen. De naam duidt er op dat deze weg of dijk door één van de Hollandse graven is aangelegd. Nadat Kralingen in 1895 door Rotterdam was geannexeerd, hebben B&W de naam overgenomen.

De Kortekade dankt haar naam aan haar lengte. Ze was oorspronkelijk de dijk die ten oosten van de Noordplas (nu Kralingseplas) lag. Aan de westzijde van deze plas lag een dijk die de naam Langekade droeg. Beide kaden komen voor op de kaart van Schieland van de kaartmeester Floris Balthazarsz. (1611).

De Hoflaan ontleent haar naam aan het Hof of Slot Honingen. De laan wordt al in 1674 vermeld.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Maasstation 1900

Het perron van het Maasstation aan de Oosterkade, 1900.

Station Rotterdam Maas was een spoorwegstation in Rotterdam, ongeveer op de plek waar zich tegenwoordig de Maasboulevard en Tropicana bevinden. Het station is in gebruik geweest van 1 december 1858 tot 4 oktober 1953.

Het kopstation was het eindpunt van de spoorlijn Utrecht – Gouda – Rotterdam, die tot 1890 geëxploiteerd werd door de Nederlandsche Rhijnspoorweg-Maatschappij (NRS). Daarna was het een station van de Staatsspoorwegen (SS). In 1899 kwam er een verbinding om Rotterdam heen naar station Delftse Poort, de Ceintuurbaan. Deze lijn werd geëxploiteerd door de Hollandsche IJzeren Spoorweg-Maatschappij (HSM). Het Maasstation werd tijdens het Bombardement op Rotterdam van 14 mei 1940 zwaar beschadigd. Daarna heeft men het tot 1953 met noodvoorzieningen in exploitatie kunnen houden.

In 1953 werd de spoorlijn uit Utrecht verlegd tussen Nieuwerkerk a/d IJssel en Rotterdam Noord, zodat een betere aansluiting op het nieuwe Rotterdam Centraal (ter hoogte van het oude Delftse Poort) ontstond. Hierop werd station Maas gesloten. De vrijkomende ruimte werd benut voor de aanleg van wegen, waaronder de Maasboulevard. Vanaf Tropicana loopt parallel aan een deel van de Maasboulevard nog altijd de Rhijnspoorkade.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen



Deal_728x90

Grote markt 1880

De Grotemarkt met het standbeeld van Erasmus, 1880-1890.

Dit plein was oorspronkelijk een gedeelte van de Steigersgracht. In 1556/1557 werd een gedeelte van deze gracht overwelfd en tot Marktveld gemaakt. Dit plein was oorspronkelijk een gedeelte van de Steigersgracht. In 1556/1557 werd een gedeelte van deze gracht overwelfd en tot Marktveld gemaakt. Eerst noemde men dit overwelfde plein Nieuwe Brug, later Westbrug. In de 18de en 19de eeuw komt ook de naam Erasmusmarkt voor naar het beeld van de grote humanist, dat eeuwenlang op de markt stond. De huidige Grotemarkt vormt slechts het noordelijke gedeelte van het plein dat vóór het bombardement in 1940 deze naam droeg.

Het Erasmusbeeld is een standbeeld van Desiderius Erasmus dat is ontworpen door beeldhouwer Hendrick de Keyser. Het is voor zover bekend het oudste bronzen standbeeld van Nederland. Het beeld werd in 1622 door de Rotterdamse bronsgieter Jan Cornelisz. Ouderogge gegoten en geplaatst op de Grotemarkt. De plaatsing van het bronzen beeld werd bekritiseerd door Calvinistische predikanten die Erasmus een libertijn en bespotter van religie noemde.

In mei 1940 kwam het ongeschonden uit het bombardement op Rotterdam en werd het door de gemeentelijke dienst Kunstbescherming van zijn sokkel gehaald en onopvallend naar het Museum Boijmans Van Beuningen gebracht. Daar werd het op de binnenplaats onder betonplaten en zandzakken verborgen. In juli 1945 kreeg het beeld een plaats op de Coolsingel, maar het moest in september 1963 wijken voor de metro. Uiteindelijk heeft het beeld in 1964 een plaats gekregen op het Grotekerkplein voor de Grote of Sint-Laurenskerk. Het beeld staat op een kopie van de sokkel uit 1677. De oude sokkel is op 23 februari 1965 naar het Erasmiaans Gymnasium vervoerd. In 1996 werd het beeld door onbekenden omver getrokken. In 1997 werd het beeld gerestaureerd waarna het in 1998 weer op zijn sokkel werd gehesen.

Standbeelden behoorden volgens de oud-Nederlandse opvatting in kerken. Het standbeeld van Erasmus was daarom twee eeuwen lang het enige standbeeld op een openbaar plein. De Nederlandse historicus Johan Huizinga merkte op dat het standbeeld van Erasmus in meerdere opzichten opmerkelijk is. ‘Het blijft in hooge mate karakteristiek, dat een paar eeuwen lang eigenlijk het eenige openbare standbeeld in Nederland niet dat van een krijgsman, vorst of staatsman is geweest, noch van een dichter, maar van een geleerde, die nog wel dat vaderland tamelijk had veronachtzaamd.’

In Brooklyn staat op het plein van de Erasmus Hall High School een levensgrote kopie van dit beeld door Simon Miedema.

Het bronzen beeld is voorafgegaan door eerdere versies. Het eerste standbeeld was van hout en verrees voor het vermeende geboortehuis van Erasmus in de Wijde Kerksteeg ten behoeve van de intocht van prins Filips in Rotterdam op 27 september 1549. Deze beeltenis van Erasmus hield een rol met daarop een Latijnse lofrede in zijn hand. Het beeld was het eerste niet-religieuze standbeeld van Nederland. Na het bezoek werd het verplaatst naar de West-Nieuwlandsche brug.

In 1557 verscheen op dezelfde plaats een vervangend, blauw arduinstenen beeld, dat in 1572 kapotgeschoten en in de gracht geworpen werd door het Spaanse leger onder leiding van Graaf van Bossu. Eenmaal weer boven water heeft het beeld tot 1621 op de Grotemarkt gestaan, totdat men de beeldhouwer Hendrick de Keyser opdracht gaf een bronzen beeld te maken.

De foto komt uit de fotocollectie van het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam en van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Witte de Withstraat 1930

Gezicht in de Witte de Withstraat bij de hoek Schiedamsesingel, 1930.

Witte Corneliszoon de With (Hoogendijk, 28 maart 1599 – Sont (Denemarken), 8 november 1658) (bijgenaamd Dubbelwit) was een Nederlands vlootvoogd in de zeventiende eeuw.

Witte de With werd geboren in Hoogendijk bij Den Briel, de geboorteplaats van de één jaar oudere Maarten Tromp. Volgens de legende waren ze in hun jeugd vrienden of zelfs al vijanden, maar daar is geen enkel bewijs voor: Tromp verliet Brielle al op zijn zesde en Witte groeide op in een boerderij een paar kilometer buiten de stad. Er is geen enkele aanwijzing voor een verwantschap aan het beroemde patriciërgeslacht De Witt uit Dordrecht. Zijn ouders waren vrij oud maar niet onbemiddeld; hij had twee broers, Abraham en Andries en een zus Catharina. In 1602 overleed De Withs vader; hij heeft de zeedienst dus niet van huis uit meegekregen zoals de meeste zeehelden uit de 17e eeuw. De Withs ouders waren Mennonieten en strikte pacifisten; In 1610 liet Witte, als wederdoper nog niet gedoopt, zich door een calvinistische predikant in Nieuwenhoorn dopen zodat hij zich niet meer gedwongen voelde zich geweldloos te gedragen, wat ook niet in overeenstemming was met zijn karakter. Allerlei baantjes aan de wal, lijndraaier, knopenmaker, zijdewerker, wantsnijder, zeilmaker, touwslager en kleermaker liepen op een mislukking uit en hij besloot zijn geluk op zee te zoeken.

De With sneuvelde tijdens de zeeslag in de Sont en werd begraven in de Sint Laurenskerk te Rotterdam, waar een marmeren grafmonument voor hem werd opgericht.

In het laatst van de 16de eeuw werd begonnen met het graven van de stadsvest, van de Binnenweg naar het Vasteland. De Schiedamsesingel tussen Binnenweg en Witte de Withstraat werd rond 1900 gedempt. Tot 1930 heette dit gedeelte Schiedamsevest. Daarna sprak men van Schiedamsesingel.De demping van het resterende gedeelte volgde in 1940. In 1949 werd de naam Schiedamse Vest gegeven aan de Schiedamsesingel tussen Binnenweg en Witte de Withstraat alsmede aan de in het verlengde aangelegde weg in zuidelijke richting. Het gedeelte tussen Binnenweg en Westblaak is thans een deel van de Coolsingel.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam en van Wikipedia.

Met medewerking van Rotterdam van toen

Gezicht op de Maas 1900

Gezicht op de Nieuwe Maas met de spoorbrug en de Willemsbrug. Op de voorgrond het Bolwerk, de Hertekade en de Wijnhaven. De datum wordt geschat op 1900.

Een bolwerk is een uitbouw in een klassieke vesting, meestal voorzien van enkele kanonnen. Deze straat is vernoemd naar het Oost- en Westbolwerk die begin 17de eeuw op het oosteinde en het westeinde van de Boompjes waren aangelegd. Bij de tweede zuidelijke uitlegging van de stad ten westen van de Oudehaven in het begin van de 17de eeuw kreeg men een bolwerk op het oosteinde en één op het westeinde van de Boompjes, gewoonlijk het Oost- en Westbolwerk genoemd. Elk was voorzien van zeven kanonnen. In 1827 werd de Westersche Hoofdpoort afgebroken. Deze poort, ook wel Middelhoofdpoort geheten, lag ten westen van de Oudehaven. Het water tussen het hoofd en het bolwerk werd gedempt, waardoor er een plein ontstond, dat ook wel Bolwerkplein werd genoemd. Nadat ten behoeve van de aanleg van de Maasboulevard de huizen aan het Bolwerk waren afgebroken, werd bij besluit van B.&W. van 27 mei 1960 de naam ingetrokken. In 1941 werd de naam Bolwerk gegeven aan de kade langs de Nieuwe Maas ten westen van de nieuwe Willemsbrug.

De Hertekade dankt haar naam aan de brouwerij, later suikerraffinaderij ”t Witte Hart’, die aan de zuidzijde van de Scheepmakershaven bij het Bolwerk stond. De namen ‘hart’ en ‘hert’ worden door elkaar gebruikt. In deze buurt lag vóór de aanleg van de Maasboulevard ook een Hertestraat, die eveneens aan genoemde brouwerij haar naam dankte. De Hertekade en de Hertestraat heetten tot 1881 Doodehoek en Doodesteeg. Op verzoek van de bewoners werden beide namen gewijzigd. De huidige Hertekade bestrijkt een groter gebied dan vroeger, toen deze naam slechts was gegeven voor de doodlopende kade bij het Bolwerk.

In 1611 en 1613 werden de erven aan de Wijnhaven verkocht, nadat in 1609 de Wijnstraat reeds voor het grootste gedeelte was aangelegd. De haven en de straat ontvingen direct na hun aanleg deze namen. Wat de reden van de naamgeving was, is niet met zekerheid te zeggen. Het is namelijk nergens uit gebleken dat de haven was aangewezen als ligplaats voor schepen, die Franse en Rijnse wijnen aanvoerden. De grote wijn- en bierhandel kan er natuurlijk wel toe geleid hebben om deze haven, alsmede de inmiddels gedempte Bierhaven, te doen graven.

De prentbriefkaart komt uit het Stadsarchief Rotterdam. De informatie komt eveneens uit het Stadsarchief Rotterdam.

Met medewerking van Rotterdam van toen